EERSTE POELLAAN LIEP TOT BURGEMEESTER DE GRAAFPLEIN

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)

20 oktober 2015

door Nico Groen
 
In het kader van Poelpolder 50 jaar volgen we de cultuurhistorie langs het Ommetje van de Poelpolder. Vorige keer hebben we de geschiedenis van de Zemelbrug behandeld. De Zemelbrug ligt in de 1e Poellaan over de Rijn- of Ringsloot, vroeger ook Voorringsloot geheten. De Zemelbrug is mogelijk voor het eerst aangelegd in 1627. Toen moet er dus ook een weggetje over de brug de Poelpolder zijn ingegaan. Na de Zemelbrug liep het pad stijl rechtdoor naar beneden.  Dit was niet veel meer dan een karrenspoor,  gebruikt door de boeren en andere belanghebbenden in de Poelpolder en in de Roversbroekpolder. In de Roversbroekpolder werden groenten geteeld, die ook over dit pad moesten worden vervoerd. Rond de Tweede Wereldoorlog lag er in het midden van dit karrenspoor een klinkerpaadje.

De oorspronkelijke ‘Rouversbroock’ werd gescheiden van de Lisser Poelpolder door de Achterringsloot. Deze liep vanaf de noordkant van de waterzuivering langs de noordkant van het Mondriaanpark naar het Burgemeester de Graafplein. Hier nam de Achterringsloot een bocht naar het zuid-oosten om uit te komen bij de huidige Roversbroekdijk.

Op kaarten uit die tijd is te zien, dat de 1e Poellaan uitkwam waar nu het Burgemeester de Graafplein is. Dus op het uiterste noordwestpuntje van de Roversbroekpolder.
Hier lag tussen de Lisser Poelpolder en de Roversbroekpolder een ophaalbrug ofwel een basculebrug. Deze ophaalbrug werd in 1933 vervangen door een vaste brug. Deze vaste brug is rond 1959 weer gesloopt bij het dempen van de Achterringsloot.

Op de oude kaarten en bijgevoegde luchtfoto  is ook te zien dat de 1e Poellaan direct na de Zemelbrug zich in drieën splitste. Rechtdoor dus naar de Roversbroekpolder en linksaf langs de dijk naar boerderij Poeleway die in de zestiger jaren van de vorige eeuw gesloopt werd ten behoeve van de nieuwbouw.  Rechtsaf ging de weg naar huize Uitermeer en boerderij Langeveld. Deze boerderij had vroeger het adres 1e Poellaan 103.

Het gedeelte van de 1e Poellaan tussen de Heereweg en de Zemelbrug was in de 18e eeuw belangrijker dan het gedeelte over de brug. Dit kwam doordat er bij de Zemelbrug in de Rijnsloot een laad- en losplaats was voor boten. Hier werden ‘door de in en opgesetenen, de vrugten ende gewassen van haar land’ overgeladen op boten om die ‘ in de naast gelegen steden Haarlem en Leijden ter mark te kunnen senden’ (Lissese resolutiën 1730).

Het Haarlemmermeer was nog niet droog gemalen. De overvaart over het meer was gevaarlijk. Daarom ging men liever over de Trekvaart. Dit kon alleen over ‘het Mallegat, de eenigste vaart’ bij  de Engel, die de Rijnsloot verbond met de Trekvaart. De volgeladen boten gingen dus naar het zuiden over de Rijnsloot en via het Mallegat naar de Trekvaart waar men naar Leiden, Haarlem of zelfs Amsterdam kon gaan.

De Zemelbrug ligt midden op de foto. Te zien, dat de 1e Poellaan zich na de Zemelbrug in drieën splitste. Foto uit het boek ‘Kleine Kroniek van Lisse, 1960 tot en met 1969’ van Arie in ‘t Veld

Betekent Lisse Heuvelfort?

Wat betekent Lisse? Komt Lisse van het Keltische Liss? Dit betekent Heuvelfort.

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)

27 september 2017

door Nico Groen 

Wat is de herkomst van de namen Lisse, ’t Vierkant en de Vuursteeglaan? Deze keer gaan we in op de vraag of Lisse oorspronkelijk Heuvelfort betekend kan hebben. In het kustgebied tussen Zeeland en Kennemerland zijn diverse Keltische archeologische vondsten gedaan. Hoewel er in Lisse niets is gevonden kunnen hier dus wel Kelten zijn geweest. De oorspronkelijke Keltische taal komt het meest overeen met het Oud-Iers. Als Liusna of Lis uit het Keltisch stamt dan zou er verwantschap met het Ierse Liss kunnen zijn. In Ierland zijn maar liefst 270 plaatsnamen waarin Liss voorkomt. Daaronder zijn namen die al minstens 1300 jaar oud zijn. Het Ierse Liss betekent heden ten dage zoveel als Heuvelfort of Hoge Burcht. De plaatsen met Liss liggen meestal op een heuveltop.

De naam Liss komt in het Oud-Iers voor als Lios. Een Lios was een afsluitbaar woongedeelte van een compleet fort. Naast het wonen deed de Lios ook dienst als opslag voor goederen. De Lios werd afgesloten met een palissade of verschansing. Zo’n palissade  bestond uit 2 meter hoge boomstammetjes met een puntige bovenkant. Deze stammetjes waren met dunne reepjes boombast aan elkaar gebonden. Het complete fort waar de Lios deel van uitmaakte, heette een Ràth. De Lios was het hoogste gedeelte van de Ràth. De Ràth werd beschermd tegen invallen door een aarden wal met een soort gracht er om heen en kon zeer groot zijn. Men gebruikte natuurlijke elementen, zoals duinen en water. Buiten de Lios, maar binnen de Ràth liep het vee en werd er mogelijk een vorm van landbouw bedreven. De Romeinen bouwden vaak een versterking op zo’n Ràth en noemden dit dan een Oppidum.

Het oud heuvelfort Old Sarum in Salisbury, Zuid Engeland

DE ZEMELBRUG BESTAAT AL BIJNA 400 JAAR

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)                             22 september 2015

door Nico Groen
 
In het kader van Poelpolder 50 jaar volgen we de cultuurhistorie langs het Ommetje van de Poelpolder. Na het bespreken van de historie van de heemtuin en de Zemelpoldermolen is nu de Zemelbrug aan de beurt. De Zemelbrug ligt in de 1e Poellaan over de Rijn- of Ringsloot.

In 1623 werd om de Lisser Poel de Rijnsloot gegraven en in 1624 is de Poel droog gemalen. Op een kaart uit 1624 staat de Zemelbrug nog niet ingetekend. Dit in tegenstelling tot de brug in de 2e Poellaan. Deze staat wel vermeld, evenals andere bruggen in Lisse. Op de leuning van de Zemelbrug hangt een blauwwit bordje van de Gemeente Lisse met het jaartal 1627. Het kan goed kloppen, dat er toen een brug gerealiseerd is. De brug ontleent zijn naam aan de Zemelpolder. Deze polder ligt tussen de Kerksloot of Stinksloot langs de Agathakerk en de Staalsloot voorbij Dever. In het westen ligt de grens nabij de Heereweg en in het oosten bij de Rijnsloot.

In een stuk uit 1623 over de droogmakerij van de Poel en de Ringsloot staan de voorwaarden waaronder de brug moest worden aangelegd. De doorvaarhoogte moest zodanig zijn,  dat men er gemakkelijk met een schuit met koeien onderdoor kon varen.
Door een zware aanhoudende noordoosterstorm in 1804 werd het water van de nog niet drooggemalen Haarlemmermeer richting Lisse en Poelpolder hoog opgestuwd met als gevolg dat de dijken rondom de Poelpolder braken. Daarbij werd ook de Zemelbrug grotendeels verwoest. De zwaar beschadigde Zemelbrug werd hersteld. Maar, te laag! De zandschepen konden er niet meer onderdoor. Ook was de brug voor het vervoer van koeien per boot te laag. Een  gedeelte van de duinen van het Reigerbos werd juist toen afgegraven.  De zandboten moesten naar Amsterdam via de Vennesloot, de Rijnsloot en het Haarlemmermeer. Zij moesten dus onder de Zemelbrug door, maar dat ging niet meer. De eigenaar van het Reigerbos de heer D.P.J. van der Staal van Piershil, die op Landgoed Wassergeest woonde, protesteerde hier heftig tegen. Na een rechtszaak kreeg hij gelijk en mocht de brug hoger worden gemaakt. Maar wel op kosten van de eigenaar van de betreffende zan­derij, de al genoemde D.P.J. van der Staal van Piershil! Aldus geschiedde.

Wat we verder over de brug zelf vonden was, dat er in 1953  een nieuw betonnen brug en wegdek met ijzeren leuning werd gemaakt. Daarvóór was het een houten brug met een houten leuning. In 1964 is de brug geheel vernieuwd en verbreed. Het brugdek werd in 2005 weer vernieuwd.

Een werkgroep van de Vereniging Oud Lisse is bezig met het maken van een bruggenfietsrouteboek met 2 routes: Noord en Zuid. Van alle belangrijke bruggen in Lisse wordt de historie en diverse anekdotes beschreven. Ook zijn historische foto’s opgenomen. Daarnaast zijn kleinere bruggen, die op de route liggen, vermeld met foto’s en andere gegevens. Het boek krijgt dezelfde opzet als het Monumentenrouteboek en het Monumentale bomenrouteboek. Deze laats 2 boeken zijn nog steeds verkrijgbaar bij de Vereniging Oud Lisse en bij de plaatselijke boekhandel. Het bruggenrouteboek moet begin 2016 klaar zijn.

De Zemelbrug na de nieuwbouw in 1953 Foto archief Oud Lisse

GEREFORMEERDE GEMEENTE 50 JAAR

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)                                25 augustus 2015

door Nico Groen

Op 6 september a.s is het 150 jaar geleden dat de Gereformeerde Gemeente werd gesticht. Een goede gelegenheid om bij de geschiedenis van de Salemkerk stil te staan.

In 1840 kwam Hendrik van Voorst naar Lisse en pachtte de boerderij van kasteel Keukenhof. Hij was lid van de Hervormde Kerk, maar voelde zich kerkelijk in Lisse niet thuis. Hij had meer affiniteit met ‘de Gereformeerde Kerk onder het Kruis’ te Noordwijk. In 1848 ging hij over naar deze gemeente en was er van 1852 tot 1855 ouderling.
In 1847 werd Gerrit Segers tuinbaas op kasteel Keukenhof en verhuisde het gezin naar Lisse. Segers en van Voorst werden vrienden. Ook Segers was aanvankelijk lid van de Hervormde Kerk van Lisse, maar ging al spoedig met van Voorst mee naar Noordwijk, omdat de prediking hem daar veel meer aan sprak. In 1851 zegde ook hij zijn lidmaatschap van de Hervormde Kerk op.

Omdat het op den duur steeds moeilijker werd om naar Noordwijk te gaan, besloten van Voorst en Segers met nog enkele andere vrienden om iedere zondag twee leesdiensten te houden bij Segers thuis.
De vriendenkring breidde zich uit en men besloot een kerkje te bouwen aan de Kanaalstraat op grond van Gerrit Segers. Ds. Kloppenburg werd gevraagd een gemeente te stichten. Op 6 september 1865 heeft hij de gemeente geïnstitueerd. Een jaar later was de kerk al te klein en werd een nieuwe gebouwd. De oude kerk werd toen pastorie en kosterswoning. Deze nieuwe gemeente behoorde toen dus bij de  ‘Gereformeerde Kerken onder het Kruis’. In 1907 sloot men zich aan bij de toen opgerichte Gereformeerde Gemeenten.

In 1886 werd ds. Fransen beroepen. Intussen was het kerkbezoek sterk toegenomen. Uit de verre omgeving kwamen de mensen naar Lisse om de prediking van ds. Fransen te beluisteren. Iedere zondag was de kerk stampvol. Dus besloot de kerkenraad tot de bouw van een nieuwe kerk met pastorie in de Kanaalstraat, waar nu C&A staat. Op 6 februari 1887 werd de eerste dienst in dit nieuwe, derde, kerkgebouw gehouden.

Op een gegeven moment kwam het voorstel om weer een nieuwe kerk te bouwen omdat de bestaande kerk te klein was geworden. Van de gemeente Lisse werd daarvoor een perceel grond gekocht aan de Tulpenstraat. Op 17 augustus 1935 werd de eerste steen door ds. Ligtenberg gelegd.
De laatste dienst in de Kanaalstraat werd gehouden op 2 februari 1936, nadat de Gemeente hier 49 jaar gekerkt had.

Door de oorlogssituatie werd het kerkbezoek moeilijk. Er was geen elektriciteit, dus waren er geen avonddiensten meer. Helaas was ook een aantal gemeenteleden als gevolg van de oorlog overleden.
De pastorie aan de Kanaalstraat was door de Duitsers gevorderd, maar al in 1942 werd grond aangekocht voor de bouw van een nieuwe pastorie vlak bij de kerk.

In het laatste Nieuwsblad van de Vereniging Oud Lisse staat een artikel naar aanleiding van de stamboom van Gerrit Segers, 150 jaar geleden één van de twee initiatiefnemers bij het stichten van de Gereformeerde Gemeente. Gegevens zijn ontleend aan informatiemateriaal dat behoorde bij een expositie in Museum de Zwarte Tulp, die in 2006 samen met de Vereniging Oud Lisse was opgezet.

Foto uit het jubileumboek ‘Uw trouw is groot’. De derde kerk aan de Kanaalstraat heeft dienst gedaan van 1887 tot 1936.

HEEMTUIN 25 JAAR IN HUIDIGE VORM

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)                                    30 juni 2015

door Nico Groen

Heemtuin Lisse in zijn huidige vorm bestaat dit jaar 25 jaar. Een goede reden om stil te staan bij de geschiedenis van het stukje grond.
De Heemtuin Lisse ligt op een historische plek. Aan de zuidkant is de Zemelpoldermolen te vinden, waar het ‘Ommetje van de Poelpolder’ begint. Aan de oostkant ligt de heemtuin  tegen de Rijn- of Ringsloot van de Poelpolder aan. Aan de zijde van de ingang van de heemtuin ligt het laatste stukje weiland binnen de bebouwde kom van Lisse.
Oorspronkelijk hoorde de grond waar de heemtuin is aangelegd bij de monumentale boerderij Zwanendrift uit 1872 aan de Laan van Rijckevorsel. De grond bestaat uit veen en in de winter kon het behoorlijk nat zijn.  Er hebben vanaf ongeveer 1950  tot 1965 een paar woonboten in de Ringvaart gelegen. Toen werd het een ruig, niet onderhouden stuk grond.

Op 8 februari 1971 vroeg het bestuur van de KMTP afd. Lisse e.o., nu Groei&Bloei afd. Bollenstreek geheten, de gemeente Lisse een stuk grond beschikbaar te stellen voor de aanleg van een heemtuin. Onder diverse bepalingen werd de grond achter de molen beschikbaar gesteld. Bijna een jaar later (begin 1972) ging de eerste spa de grond in en werd gestart met de aanleg van de heemtuin. Een vijver en plekken met diverse grondsoorten en hoogteverschillen werden gerealiseerd.

Via, via kwam men aan zaden en planten. In de heemtuin werden vervolgens weer planten gekweekt en zaden gewonnen. Zo ontstond de zaadkwekerij. De heer en mevrouw Koning hebben hiervan het leeuwendeel voor hun rekening genomen. Tegen de tijd dat de zaden rijp en geoogst waren was er niet veel vloerruimte in huize Koning over.
Helaas was er veel ongewenst bezoek met vernielingen, vuilstort en een crossbaan tot gevolg.
Subsidie voor een noodzakelijk afsluithek was er in die tijd niet. Het enthousiasme daalde tot het nulpunt. Alleen het hoognodige onderhoud, zoals paden open knippen werd nog af en toe uitgevoerd.
Zo beleefde de heemtuin een geschiedenis van ups en downs, maar die eerste spaden in de
grond van 40 jaar geleden waren wel de basis voor de huidige heemtuin.

In 1990 trok Marianne Stelder-Houben de stoute schoenen aan en ging na overleg met de KMTP afd. Lisse e.o. en de gemeente Lisse aan de slag om de heemtuin nieuw leven in te blazen. De gemeente en de KMTP stelden financiële middelen beschikbaar voor o.a. het opschonen van het terrein, afvoer van afval en een hekwerk om het terrein ter bescherming.

Vanaf datzelfde jaar heeft Marianne Stelder met een aantal gemotiveerde vrijwilligers de heemtuin ontwikkeld tot de heemtuin zoals deze nu is met vele wilde planten en een infohuisje. Ook enkele imkers hebben er een plek gevonden. Een heemtuin moet zeker niet alleen een hobby zijn van enkele mensen maar veel meer een tuin voor educatieve doeleinden. Speerpunt van de heemtuin is anderen, zoals de jeugd, kennis te laten maken met de natuur. Dat is de vrijwilligers uitstekend gelukt.
Zaterdagmiddag  4 juli wordt het vijfentwintig jarig bestaan gevierd in de heemtuin met allerlei activiteiten.

Een doorkijkje vanuit de heemtuin naar de molen: Foto Nico Groen

LANGS HET OMMETJE VAN DE POELPOLDER IS VEEL CULTUURHISTORIE

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)                                    16 juni 2015

door Nico Groen

In het kader van ‘Poelpolder 50 jaar’ besteden we aandacht aan de cultuurhistorie van en in de polder.
Het ‘Ommetje Poelpolder’ in Lisse werd in 2007 als winnaar gekozen uit de 461 inzendingen voor de landelijke Ommetjesprijsvraag. Dit vooral vanwege de cultuurhistorische elementen langs de route en een goede beschrijving daarvan, gemaakt door wijlen Maaike Breure en Geeke van Doornen. Het Ommetje maakt tegenwoordig deel uit van het ‘Wandelnetwerk Bollenstreek’ met 175 km aan genummerde wandelknooppuntenroutes.

De wandeling begint bij de Zemelmolen. Na de brand in 1998 is de exact nagebouwde molen helaas geen  rijksmonument meer, maar wel een gemeentelijke monumenten. Vlak bij de molen staat een bord met informatie over de route. U steekt de 1e Poellaan over. Deze straat ligt daar al bijna 400 jaar. Vervolgens gaat de route over de Zemelbrug. De eerste brug lag daar al  in 1627. Na de brug rechtsaf over de grasdijk van de in 1624 drooggemaakte Lisser Poel.
Links in de diepte bevinden zich de woningen en flats, die sinds 1965 zijn gebouwd. Aan de overkant van de Ring- of Rijnsloot ziet u  een bedrijventerrein, dat sinds 1970 gebouwd is op het oorspronkelijk grasland van de Zemelpolder. Halverwege het bedrijventerrein ziet u de Vennesloot, een zandsloot uit de 16e eeuw, gebruikt voor vervoer van afgegraven duinzand.

Hier tegenover stond vroeger de buitenplaats Uytermeer. Het buiten is in 1642 gebouwd en in 1770 waarschijnlijk al weer verdwenen.
Het familiewapen van de eerste eigenaar werd uitgebeiteld en hangt nu in de school ‘Uitermeer’ die op de nominatie staat om gesloopt te worden. De Vereniging Oud Lisse maakt zich sterk om dit familiewapen te behouden en op een goed zichtbare locatie te herplaatsen.

Even verderop komt u langs de ‘Boerderij van Langeveld’, een gemeentelijk monument.
Voor u in de polder ziet u een bosje. Dit is een geriefbosje en  bestaat helemaal uit essen. Hakhout voor gebruik in en rond de boerderij kwam daar vandaan.
Voorbij dit geriefbosje valt een groot verschil in landschap op. Aan de ene kant het groene lage weidelandschap, aan de andere kant het bollenlandschap.

U steekt de eeuwenoude 2e Poellaan over en vervolgens de dijk tot het hek. Hier gaat u linksaf  langs het water. Aan de andere kant van het water is bollenteelt te vinden. De zandgrond uit de ondergrond is hier naar boven gehaald. U vervolgt de route over het pontje en volgt vervolgens de voetstappenborden tot u weer bij de molen bent.

Bovenstaande komt uit een mooie folder, die helaas niet meer bij de gemeente of de VVV te verkrijgen is. De Vereniging Oud Lisse hoopt, dat deze folder een herdruk krijgt, omdat er zoveel belangrijke cultuurhistorische elementen langs de route worden beschreven.

Uitzicht op het dorp vanaf de Rijndijk

LISSER POELPOLDER AL HONDERDEN JAREN OUD

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)                                    2 juni 2015

door Nico Groen

Het is 50 jaar geleden, dat de bebouwing van de wijk Poelpolder begon. Dat wordt dit jaar met allerlei activiteiten gevierd. De komende tijd besteden we in ´Sporen van vroeger´ aandacht aan de geschiedenis van en cultuurhistorische elementen in de polder.

De droogmakerij Lisserpoelpolder bestaat al bijna 400 jaar.
De 3 hoofdkerken van Leiden hadden de rechten van het water van de Poel bij Lisse van de stad gekregen. De Poel bestond uit de Noordpoel, Geestwater, Zuidpoel en Cleynepoel oftewel Kleipoel.
De visserijrechten brachten echter te weinig op. In 1622 werd het besluit genomen om het geheel droog te malen om geld te genereren voor achterstallig onderhoud van de kerken. In 1623 werd een Ringsloot met dijk om de hele Poel heen gemaakt. Er kwam dus ook een ringsloot tussen het eiland Roversbroek en de bedijkte Poel. Voor de afvoer van het water werden 2 molens in één gang gebruikt. In 1624 werd de grond in gebruik genomen.
De Lisserpoelpolder is een van de oudste droogmakerijen van Zuid Holland. Hoewel het helemaal geen polder is, maar een droogmakerij kreeg het  wel de naam Lisserpoelpolder.

Ter aanvulling van de 2 oorspronkelijke molens aan het einde van de 2e Poellaan, die onvoldoende capaciteit hadden, werd in 1676 de Grote Lisserpoelpoldermolen gebouwd nabij de 3e Poellaan. Deze molen staat er nu nog.

De polder ligt 2 á 3 m onder het boezemwater van de Ringsloot. Het land  was en is vooral in gebruik als grasland . Het land ten westen van de polder ligt 60 cm boven  dit water. Dit is vaak zandgrond, waarop bollen geteeld worden. Het ommetje van de Poelpolder loopt op de dijk tussen de weilanden in de polder en de grond in gebruik voor bollenteelt aan de andere kant van het water. Dit is een groot contrast met elkaar. Boven de bollengronden zijn vaak veldleeuweriken te horen, maar boven de weilanden niet.

De Lisserpoelpolder bestaat hoofdzakelijk uit weilanden. Ten zuiden van de 2e Poellaan is wat bollenteelt te vinden. De zandgrond uit de ondergrond is hier naar boven gebracht. Het ommetje van de Poelpolder loopt tussen de bollengrond en het weiland door.  Het noordelijk gedeelte van de Poelpolder is vanaf 1965 geleidelijk bebouwd, maar was oorspronkelijk ook grasland, onder anderen van  boerderij  Poeleway, die nabij de Pauluskerk stond. Dit in tegenstelling tot de Roversbroek, waar tuinbouw de boventoon voerde. Dit vanwege het verschil in grondsoort. De bovenste teeltlaag van de Roversbroek bestaat voornamelijk uit veen die van de Poelpolder uit klei.

Er zijn nog een vijftal geriefbosjes in de polder. Ze zijn niet allemaal even goed onderhouden.
Het ommetje loopt langs het geriefbosje nabij de monumentale  boerderij van Langeveld. Dit geriefbosje bestaat helemaal uit essen. Hakhout voor gebruik in en rond de boerderij kwam daar vandaan.

Kaart van de Poelpolder en de Roversbroek van Jan Pieters Dou uit 1624. Foto Hoogheemraadschap Rijnland

MONUMENT VOOR DE GEVALLEN


Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)                                    19 mei 2015

door Nico Groen

MONUMENT VOOR DE GEVALLENEN

Ieder jaar is er op 4 mei ook in Lisse aandacht voor de slachtoffers van de tweede wereldoorlog. Deze dodenherdenking wordt afgesloten met de  kranslegging bij het ´Monument voor de gevallenen´. Dit monument staat midden op de kruising van de Oranjelaan en de Heereweg. Deze jaarlijkse aandacht voor de oorlog en zijn slachtoffers is heel belangrijk  om de gruwelen van een oorlog niet te vergeten. Daardoor komt er hopelijk nooit meer oorlog in West Europa en proberen we met zijn allen wereldwijd zoveel mogelijk oorlogen te voorkomen.
Het standbeeld werd onthuld op 4 mei 1951 door jhr. F.J.C.M. van Rijckevorsel, burgemeester van Lisse tijdens de oorlogsjaren.

Op de website www.4en5mei.nl staat waarom dit standbeeld is opgericht.
´Het Monument voor de Gevallenen in Lisse is opgericht ter nagedachtenis aan alle medeburgers die tijdens de bezettingsjaren door oorlogshandelingen zijn omgekomen. Tevens herinnert het aan twee Nederlandse militairen uit Lisse die tijdens de politionele acties in het voormalige Nederlands-Indië zijn gesneuveld. De twee omgekomen militairen zijn J.J. Kortekaas en N.P. Obdam´. Volgens het boek `Wat toch een tijd` uit 2005 van Ed Olivier waren er in Lisse 60 oorlogsslachtoffers. De omstandigheden waaronder deze Lissers omkwamen wordt in het boek beschreven met vele interviews van nabestaanden en andere bekenden van de slachtoffers. Dit boek kan in de bibliotheek van Lisse worden geleend.
Op bovengenoemde website staat ook een beschrijving van het beeld. ´Het Monument voor de Gevallenen in Lisse is een bronzen beeld van een zich oprichtende, naakte mannenfiguur die zijn armen in een afwerende houding boven zijn hoofd houdt. Het beeld is geplaatst op een natuurstenen voetstuk. Het beeld is 1 meter 90 hoog, 77 centimeter breed en 73 centimeter diep. Vóór de sculptuur is in 2002 een natuurstenen gedenksteen geplaatst op een schuin oplopend voetstuk. Het monument staat symbool voor de wederopstanding en voor de overgang van droefheid naar vreugde. Na jaren van onderdrukking en ellende hervindt Nederland zijn vrijheid en soevereiniteit. Het beeld symboliseert tevens het levende besef van een voortdurende worsteling. Om de democratie in stand te houden is waakzaamheid geboden´.
De tekst op het voetstuk van het beeld luidt: ‘MET STEUN VAN DE ALMACHTIGE
1940 – 1945’.
De tekst op de gedenksteen luidt: ‘TER HERDENKING GEVALLENEN IN NEDERLANDS-INDIË1945 1950’.

Wat opvalt is, dat op bovengenoemde site staat dat het Monument voor de Gevallenen geadopteerd is door Rembrandtschool en door basisschool deKlarinet.
De ontwerper van dit standbeeld is Cephas S. Stauthammer (1899-1983) uit Den Haag.
Hij  was leraar beeldhouwen aan de academie voor beeldende kunst ‘Kunstoefening’ in Arnhem. Rond 1954 kreeg hij meer bekendheid. Hij was ook enige tijd voorzitter van de Nederlandse Kring van Beeldhouwers en in 1964 was hij een van de beeldende kunstenaars die een reisbeurs kreeg van het ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen. Hij had het standbeeld  in Lisse al gemaakt voordat hij een bekende beeldhouwer werd.

Monument voor de Gevallenen in 1951 onthult door ex-burgemeester van Rijckevorsel. Foto Nico Groen

YAD VASHEM ONDERSCHEIDING VOOR BALTES

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)                                    5 mei 2015

door Nico Groen

Achttien  Joodse onderduikers in één gezin

Woensdag 6 november 2013 werden de heer Johannes Baltes en zijn vrouw Hendrika Catharina Maria Baltes-van der Heijden postuum geëerd met de Yad Vashem onderscheiding. De erkenning werd aangevraagd door de heren Verdoner, destijds door de familie Baltes in hun gezin opgenomen.
Dochter Coby Baltes uit Castricum mocht deze hoogste onderscheiding in de Synagoge van Arnhem in ontvangst nemen uit handen van de ambassadeur van Israël mr. Haim Divon. Zij kreeg een oorkonde en een medaille.
Vanaf 1939 woonde familie Baltes aan het Vierkant op de bovenverdieping van een pand
(nu boekhandel Grimbergen). Zij huurden de verdieping van de heer Mens. In dit pand is in de 2e wereldoorlog voor korte en soms voor langere tijd onderdak gegeven aan wel 18 Joodse mensen en ook nog aan 2 mannen die zich schuilhielden omdat zijn anders opgeroepen zouden zijn voor de Arbeitseinsatz.

Mevrouw Coby Baltes heeft haar herinneringen aan de oorlogsperiode opgeschreven in een ontroerend relaas. Dit verhaal over het wel en wee tijdens de oorlog en haar herinneringen aan de Joodse onderduikers staat in het eerste Nieuwsblad van 2014 van de Vereniging Oud Lisse. In het Nieuwsblad van het tweede kwartaal 2014 wordt haar relaas vervolgd.
Daarin schrijft zij onder andere het volgende.
‘De eerste die in het gezin werd opgenomen was een Joods meisje van 2 jaar. Helaas kwam zij in 1943 te overlijden aan een besmettelijke ziekte’. Ook schrijft zei: ‘Eens, toen de Duitsers fietsen zochten in ons huis, werd door hen door de kamerdeur naar binnen gekeken. Oom ‘Mau’ en ‘Bob’ zaten met de rug naar de kamerdeur. Oom ‘Mau’ was aan het bonnen plakken voor mijn vader en ‘Bob’ en ik waren aan het figuurzagen. (Mau en Bob waren schuilnamen voor Joodse onderduikers). Mooie dingen hebben we toen gemaakt, o.a. een staande schemerlamp in de vorm van een lantaarn. Goedkeurend gemompel van de soldaat die om het hoekje van de deur keek en hij vertrok. Dit voorval staat echt gegrift in mijn geheugen’.

De heer Baltes was al voor de oorlog chef-kruidenier in Lisse.
Na de oorlog, in 1954 begon de familie een kruidenierszaak aan de Heereweg tussen het Vierkant en de Kanaalstraat aan de westkant (heereweg 194A) van de weg. Zij hadden deze winkel tot 1964. Door de opkomst van supermarkten moest deze winkel noodgedwongen sluiten. De heer en mevrouw Baltes zijn in Lisse blijven wonen tot hun overlijden in 1982 resp. 1984.

In 1953 werd Yad Vashem opgericht. Het is de officiële Israëlische staatsinstelling voor oorlogsdocumentatie, studie en voor het herdenken van de Joodse slachtoffers van de Holocaust en de redders van Joden. Deze redders krijgen de eretitel Rechtvaardige onder de Volkeren en hun naam wordt gegraveerd in de ‘Muur der Rechtvaardigen’ in de tuin bij Yad Vashem in Jeruzalem.

Vanwege het opnemen van zoveel Joodse onderduikers en het gevaar wat hieraan verbonden was heeft de Vereniging Oud Lisse aan de gemeente voorgesteld om als herinnering een nieuwe straat de naam Johannes Baltesstraat te geven.

De Winkel van Baltes. Foto: Archief Oud Lisse

BEHOUD VAN HISTORISCHE PANDEN BELANGRIJK

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)                                    21 april 2015

door Nico

Groen

Een van de doelstellingen van de Vereniging Oud Lisse is het behoud van historische beeldbepalende gebouwen. De Vereniging is opgericht in 1991 uit verontwaardiging over de plotselinge sloop van een aantal beeldbepalende villa’s in het noorden van het dorp. Zij zet zich sindsdien op krachtige wijze in voor het behoud van dit soort panden. De werkgroep Bouwkunde/Archeologie en Ruimtelijke ordening is van groot belang om dit te realiseren. Daarom is er twee keer per jaar  overleg van deze werkgroep met de gemeente Lisse over nieuwe plannen. We hopen daarmee al in een vroeg stadium een mening te kunnen vormen om  eventuele suggesties te doen voor een beter behoud of renovatie van het betreffende pand. Soms lukt dat goed en een andere keer niet of  minder goed.
In het jaarverslag van de Vereniging over 2014 staat wat er zoal gepasseerd is over bestemmingplannen en dergelijke. Hieronder staan een drietal plannen vermeld.
In 2013 is op het bestemmingsplan “De Zon, van Kanaalstraat 33 en Van de Veldstraat 2 en 2a een zienswijze ingediend door buurtbewoners en onze Vereniging. We zijn zeer teleurgesteld dat de op- en aanmerkingen op de zienswijze nauwelijks zijn gehonoreerd. Een tegenvaller dus.
Mede op ons verzoek heeft bureau Argos na de sloop in januari 2014 van het oudste pand van Lisse (Heereweg 191) langs de Heereweg een prehistorische akker gevonden. Ook zijn in een proefsleuf restjes aardewerk en munten aangetroffen. Dit geeft aan, dat er in de 18e eeuw bewoning is geweest. Ook een waterput en een beerput zijn onderzocht. Ook is een vermoedelijk 17e eeuwse muur aangetroffen. Wij hebben het evaluatierapport ontvangen.
We betreuren het zeer, dat de Openbare Lagere School uit 1886 in het kader van het Raadhuispleinplan gesloopt gaat worden. Waarnemend voorzitter Wim Bosch heeft ingesproken in de raadsvergadering van juni 2014. Hij bracht naar voren, dat in 2010 een zeer positief advies is uitgebracht door de Bond Heemschut dat de openbare school zeer karakteristiek en monumentwaardig is. Wim Bosch betoogde nogmaals, net als in 2010, het erg jam

mer te vinden dat de sfeer van het historisch en groene centrum ter plaatse moet verdwijnen, inclusief de monumentale eik tussen de Voorhof en de school en de rij monumentale linden langs de Heereweg.
Om als Vereniging veel invloed te kunnen hebben is het van groot belang, dat er veel mensen lid zijn van de Vereniging Oud Lisse. De gemeente zal eerder luisteren naar een vertegenwoordiger van een club van 1000 mensen, dan van een club van 100 mensen.  U kunt zich via het mailadres hieronder aanmelden als lid. De kosten zijn maar €  16,50 per jaar. Hiervoor krijgt u bovendien ieder kwartaal een Nieuwsblad met veel informatie  over geschiedenis, historische gebouwen/landschappen en personen, die vroeger in Lisse woonden en werkten. Verder zoeken we nog deskundigen op gebied van bouwkunde met interesse in historische panden voor de werkgroep Bouwkunde/archeologie en Ruimtelijke ordening.

Het huidige pand op Van der Veldstraat 2. Foto: Nicon Groen