Uitgegeven artikelen in pers etc.

Winkelcentrum Blokhuis 50 jaar

Sporen van vroeger (LisserNieuws)                                                           

18 november 2025

 Door Nico Groen

 Woensdag 19 november 1975 was het grote openingsfeest van het nieuwe, moderne winkelcentrum Blokhuis. Het centrum werd gebouwd door W.B. van Braam uit Zaandam voor de prijs van 5,6 miljoen gulden met diverse voorzieningen. Waarom werd het centrum Blokhuis genoemd?

Bij de ontwikkeling heeft de BV Blokhuis onder leiding van directeur C.W. van der Mark nauw contact gehad met het projectbureau Westland/Utrecht waarvan de bekende Lisser drs L.P. Dorenbos ‘grote diensten heeft bewezen’. Het winkelcentrum liep in die tijd vanaf de Kanaalstraat tot het plein met het beeld ‘Windkracht 8’ ofwel ‘Annie voor de wind’. De totale winkeloppervlak was 4000 m2 met een parkeerterrein van 12000 m2. Bovenop het winkelcentrum werden woningen gerealiseerd. De ingang aan de Kanaalstraat naar het terrein van Blokhuis werd gerealiseerd naast de winkel van Tissing. Architect Paardekooper heeft de winkel van Tissing en de fraaie entree naar Blokhuis getekend.

Naast de bouw van het winkelcentrum stonden er ook allerlei andere bouwprojecten op het programma, zoals AH, de bibliotheek schuin tegenover AH en fietsenhandel Rijerkerk.

Waarom Blokhuis?

Het winkelcentrum is vernoemd naar de eigenaren van het perceel waarop het is gerealiseerd: de familie Blokhuis. In 1742 kwam een gedeelte van Lisse in handen van Claas Symonsz de Graaff. Dit betrof een groot gedeelte van de landerijen ten noorden en zuiden van de huidige Nassaustraat. Op een gegeven moment komt Cornelis de Graaff uit een volgende generatie er alleen voor te staan om het grote en bloeiende bollenbedrijf te leiden. Zijn schoonzoon Gijsbert Blokhuis uit Barneveld komt omstreeks 1820 naar Lisse om het bedrijf mede te leiden. Hij ging wonen op de Pruimenhof. Het huis de Pruimenhof lag waar later bloemenzaak Grimme aan de Heereweg was. Eerder woonde daar het dominees echtpaar Van Blommesteijn-De Roos, die naar ’t Vierkant verhuisd was. Tot 1 januari 1840 is Gijsbert als deelgenoot met de firma De Graaff verbonden gebleven samen met zijn jongere zwager Herman de Graaff. Toen gingen beiden hun eigen weg. Gijsbert Blokhuis bleef op de Pruimenhof wonen en verwierf het aangrenzende land ter hoogte van de huidige Nassaustraat en het plan Blokhuis, het huidige winkelcentrum. Zijn land liep vanaf de Heereweg tot voorbij de Koninginnenweg. Zijn zwager Herman stichtte de zaak ‘H. de Graaff en Zonen’ en bleef aan de noordkant van de Nassaustraat. Het pad vanaf de Heereweg naar de landerijen van Blokhuis is nog steeds te zien als het weggetje naar Nassaustaete en de parkeerplaatsen aldaar. Voorbij het weggetje, richting Hillegom, woonde de familie van den Burg, bollenkwekers en stond er een bollenschuur en daarnaast het grote pand van de familie Blokhuis. Naast dit pand werd een huis gebouwd dat de naam ‘Irene’ kreeg. Van de Pruimenhof verhuisde de familie naar huize Irene. Dat huis moest voor de aanleg van de Nassaustraat wijken en werd toen gesloopt. Gijsbert overleed in 1864, zijn zoon Cornelis in 1877. De zoon van Cornelis overleed in 1936 op 78 jarige leeftijd. De familie is jarenlang in het bezit van de landerijen gebleven.

Foto: In het blauw de landerijen van Cornelis Blokhuis in 1880
Foto: LisseTijdReis

 

 

 

Frits Treffers Penning 2025 voor villa de Looster

Sporen van vroeger (LisserNieuws)                                                         

4 november 2025

door Nico Groen en Peter Schoonens

Op 16 september tijdens de jaarvergadering heeft de Cultuur-Historische Vereniging “Oud Lisse” (VOL) de jaarlijkse Frits Treffers Penning uitgereikt. De keuze was gevallen op het huis met de naam DE LOOSTER op Loosterweg Noord 7 van de familie Van Haaster. De villa staat op de gemeentelijke monumentenlijst.

Deze villa dateert uit ca. 1905 en is een grote, oorspronkelijke villa met Jugendstil invloeden. De linkerhelft heeft één bouwlaag, de rechter helft heeft er twee. De villa heeft een bijzonder dak met grote dakkapellen. Enkele ondergeschikte moderniseringen doen weinig af aan deze karakteristieke woning. Deze villa dient sinds 1973 als kwekerswoning voor de familie Van Haaster en is tot op de dag van vandaag nog steeds als zodanig in gebruik.

Het onderhoud van de woning is in uitstekende staat. Er zijn zoals reeds genoemd, ook een aantal aanpassingen gedaan zoals dubbele beglazing om te voldoen aan de huidige isolatie eisen.

Enkele details

– Het meest in het oog springend is het portaal bij de voordeur. Dat is versierd op dakniveau met de tekst “De Looster”. De voordeur heeft een raam/roede indeling en is afgewerkt met een mooi bewerkte bovendorpel.

– Het metselwerk is gemetseld in kruisverband met versieringen in de vorm van kruizen in rood pleisterwerk; zgn. Belgisch rood.

– Kenmerkend zijn de opleggingen onder de uitstekende goten van natuursteen boven de kozijnen in de achtergevel.

– In de voorgevel, bij de erker op de begane grond, is boven het raam een oud rooster met verstelbaar luikje te zien, vermoedelijk was dit een oude ventilatieopening.

– De kozijnen zijn voorzien van luiken, met speciaal schilderwerk.

De keuze is daarom gevallen op dit bijzonder goed onderhouden pand met bollenschuren. Door de ligging in het vrije bollenland met aansluitend boerenland en als buren Keukenhof, is het een parel voor Lisse. Laten wij hopen dat deze omgeving nog lang zo in stand mag blijven. Deze Frits Treffers Penning, voorheen Erepenning genoemd, is een waardering voor de familie Van Haaster voor hun zorg om dit mooie waardevolle pand voor het nageslacht te blijven behouden.

Bovenstaande is ontleend aan een artikel van Peter Schoonens in het laatste Nieuwsblad. Het Nieuwsblad is het kwartaalblad van de VOL in full colour uitgave op A4-formaat met veel prachtige foto’s en artikelen. Het blad is voor leden van de VOL gratis en voor niet-leden te koop voor 5 euro. Het is dus voor alle Lissers beschikbaar en eigenlijk een must voor iedereen met roots in Lisse.

De monumentale status is in 2007 door de Stichting Dorp, Stad en Land beoordeeld. In het rapport hierover staat o.a. de motivering; “Historisch gezien een gaaf voorbeeld van bouwstijl, als uiting van tijdgebonden architectuur van belang vanwege de functie als onderdeel van het ensemble met bollenschuren.”

In de tuin staat een mooie beplanting met maar liefst 7 waardevolle bomen, die op de gemeentelijke waardevolle bomenlijst van 2020 staan. Het betreft beuken, lindes, een watercipres en een ginkgo.

Foto: De entree van villa de Looster aan Loosterweg Noord 7
Foto: Peter Schoonens

Villa de Looster

Villa Rutsbo 100 jaar

Sporen van vroeger  (LisserNieuws)                                                         

21 oktober 2025

 Door Nico Groen

Rutsbo 100 jaar

Villa Rutsbo, Heereweg 34, is in 1925, dus 100 jaar geleden in opdracht van architect Leen Tol sr.  gebouwd door aannemer Hendrik Marseille voor de firma Driehuizen. Deze villa en villa Somalo behoorden bij het bollenbedrijf van de fa. Driehuizen. Het is een gemeentelijk monument. Het huis is vernoemd naar mevrouw Ruth Driehuizen-Heurgren.

Mevrouw Driehuizen kwam oorspronkelijk uit Zweden. Zij was de vrouw van Marinus. Rutsbo betekent in het Zweeds ‘Huis van Ruth’. Het huis werd gebouwd in 1925 aan wat toen nog de Rijksweg heette. Op de eerste steen staat vermeld dat Alf Driehuizen, 7 jaar oud, de steen gelegd heeft op 4 februari 1925. De kwekersvilla maakte deel uit van het bloembollenbedrijf firma Driehuizen. Tot dit complex behoorden ook villa Somalo (gemeentelijk monument) en de inmiddels tot appartementencomplex omgebouwde bollenschuur (rijksmonument).

Het huis werd tot 1976 bewoond door de familie Driehuizen. Daarna werd een stuk aan de villa aangebouwd en werd het geheel een gezinsvervangend tehuis. Inmiddels zijn de bijgebouwen weer afgebroken en wordt er sinds 2007 weer particulier gewoond.

Leen Tol Sr

Het huis is gebouwd door architect Leen Tol Sr. Het huis ontleent zijn karakter aan het portaal en de beide serres, waardoor een markante symmetrie verkregen is. Er zijn nog vele originele glas in lood ramen. In het midden van de voorgevel bevindt zich een portaal met de entree dat volgens de klassieke voorschriften is opgebouwd, zoals vermeld bij de motivering voor gemeentelijk monument: “Dorische zuilen, rustend op hardstenen basement, ondersteunen het fries en het fronton. Op het fries is de naam ‘Rutsbo’ aangebracht. Eenvoudig en zakelijk, doch stijlvolle detaillering”.

Een  fronton is een decoratieve, driehoekige bekroning van een  ingang, die zijn oorsprong vindt in de klassieke Griekse en Romeinse bouwkunst.  Een fries is een horizontale band met een decoratie, in dit geval  de naam Rutsbo.

Op de foto hiernaast zijn de villa’s Rutsbo en Somalo te zien met daartussen een boerderijachtige woning met daarnaast een hal. Omstreeks 1930 verdween dit en werd de huidige hal met kantoor aan de voorzijde gebouwd door architect Leen Tol, die ook de villa’s eerder had ontworpen.  Rutsbo is een rechthoekige villa van 2 bouwlagen met een z.g. schilddak. Aan iedere kant  van het portaal zijn drie ramen, waarvan de middelste breder is. De kozijnomlijsting is zodanig aangebracht, dat de indruk van een samengesteld kozijn is ontstaan. Boven het portaal is een raam te vinden met drie smalle vensteropeningen. Aan iedere kant hiervan zijn twee dezelfde ramen te vinden. Tegen beide zijgevels is een serre met erboven een balkon aangebouwd. De vensteropeningen in deze serres aan de voorkant en de zijkant zijn tamelijk groot. De bovenlichten van de vensters van de begane grond, en de eerste verdieping zijn allemaal van glas in lood voorzien. De vensters van de vier  dakkapellen zijn ook voorzien van glas in lood.

 

Een ansichtkaart van rond 1927 met de twee villa’s met daartussen een boerderij met schuur.

 

Jaap Kooy’s Tuincentrum Westergeest

Sporen van vroeger (LisserNieuws)

7 oktober 2025

 door Nico Groen

In 1975, 50 jaar geleden dus, verkocht Jaap Kooy zijn bollenexporthandel aan M. van Waveren & Zonen in Hillegom. Op die manier kwam er geld vrij voor uitbreiding van het tuincentrum. Jaap Kooy kon daarna honderd procent van zijn energie steken in ontwikkeling van het tuincentrum.

 Begin jaren zeventig kreeg Jaap Kooy het idee om een tuincentrum voor vaste planten en heesters te starten op een klein stuk van het bollenland met de naam Westergeest. Later werd de naam gewijzigd in Jaap Kooy’s Tuincentrum. Het zou het begin blijken te zijn van een grote ontwikkeling. Bij zijn reizen door de Verenigde Staten had hij in de loop der jaren gezien hoe de ontwikkelingen van tuincentra daar verliepen. Veel ideeën had hij daar opgedaan om die vervolgens in zijn tuincentrum in de praktijk te brengen.

Jaap Kooy was een creatief mens en hij zat bomvol ideeën hoe het tuincentrum een bredere bekendheid te geven. Er kwamen meer kassen, die ruimte gaven voor een groter assortiment en allerhande activiteiten. Zo werd er enige jaren een grote bruidsshow georganiseerd. Ook werd er twee jaar in samenwerking met Hans Sicking van ‘Muziek Sicking’ een orgelshow gegeven, waarbij tientallen occasions van Hammondorgels waren betrokken. Op het tuincentrum werden zeer uiteenlopende activiteiten georganiseerd. Voor de kinderen werd er verschillende jaren een wedstrijd georganiseerd: ‘wie kweekt de grootste pompoen’ en ‘wie kweekt de grootste courgette’. Met de regionale, zeer actieve Fuchsiavereniging onder leiding van Herman de Graaff werd tweemaal een zeer grote landelijke fuchsiashow georganiseerd, onder de naam ‘Fuchsiade’. Op het tuincentrum was altijd wel wat te doen, van Paasjubel tot uitvoeringen van harmonie, fanfares en zangverenigingen. Op vrijdag 21 juni 1985 werd op grootse wijze de beeldentuin geopend.

Kerstshows

Tijdens zijn reizen door de Verenigde Staten maakte Jaap Kooy niet alleen kennis met het fenomeen tuincentrum, maar ook met de zogeheten ‘kerstshows’, waarop allerhande zaken rond de kerst tentoon werden gesteld. Hij introduceerde het in Nederland in de weken voor de kerst. Hij was er heel succesvol mee. Deze kerstshows werden een steeds belangrijker element in het tuincentrum. Dit kwam ook doordat er het nodige spektakel omheen werd gecreëerd. Het werd in de weken voor de kerst steeds drukker op het tuincentrum. Vrouwenverenigingen uit het gehele land werden uitgenodigd voor een dagje ‘Jaap Kooy’s Kerstdorp’. In de drukste jaren van de kerstshow werd zelfs een parkeerterrein van Keukenhof gehuurd en werden de klanten met pendelbussen heen en weer gereden. Het bedrijf groeide en groeide in de loop van de jaren.

Zijn grote gedrevenheid had als nadeel dat hij niet altijd goed oog hield op de winstgevendheid van zijn activiteiten. In 1992 vond de bank het niet langer verantwoord om het bedrijf van Jaap Kooy verder te financieren en werd het faillissement aangevraagd en uitgesproken. Het tuincentrum werd verkocht aan Overvecht. Dat is nu Intratuin.

Bovenstaande is ontleend aan een artikel van Gerard van der Zwan in het Nieuwsblad, lente 2025. Dat is het kwartaalblad van de VOL

Foto: Foto van het tuincentrum uit 1986
Foto: Beeldbank Oud Lisse

 

De grens tussen Lisse en Sassenheim

Sporen van vroeger (LisserNieuws)                                                           

9 september 2025

 Door Nico Groen

De ambachtsgrenzen werden vroeger bepaald door herkenbare elementen in het landschap. De grens tussen Lisse en Sassenheim is praktisch een rechte lijn. Wat was de herkenbaarheid in het landschap die deze grens bepaalde? In het boek “Lisser Poelpolder 1624 -2024” wordt kort aangegeven dat dit waarschijnlijk een dijk is geweest.

 Daarin staat dat er een sterk vermoeden bestaat dat dit een ‘Wendeldijk’ of ‘Keerdijk’ is geweest, waar later de grens op is getrokken. Deze dijk, die al in een oorkonde uit 1226 wordt genoemd, vormde de noordelijke afsluiting van de Rijnlandse gemeenschap. Deze wendeldijk werd aangelegd om de bewoning en de ontginningen langs de Rijn te beschermen tegen drangwater vanuit het noorden.

In de ‘Jubileumuitgave De Aschpotter 1990-2010’ van de Stichting Oud Sassenheim staat een uitgebreid artikel van Aad van der Geest met de titel ‘De voet van de oude benoorden Rijnse Wendeldijk teruggevonden?’ Zoals de titel doet vermoeden is de voet van de oude Wendeldijk thans niet meer traceerbaar. Hij maakt heel aannemelijk dat deze Wendeldijk, die de ambachten langs de Oude Rijn moesten beschermen tegen het oprukkende water vanuit het noorden en het oosten, de latere grens tussen Lisse en Sassenheim werd. Het hele toenmalige moerasgebied van de huidige Haarlemmermeerpolder zorgde voor veel wateroverlast vanwege drangwater voor het reeds ontgonnen deel van Rijnland. Dat was dus vóór 1250, toen de Spaarnedam als waterkering in het Spaarne werd aangelegd. ‘Onze’ Wendeldijk werd nog in 1310 genoemd om daarna uit de geschiedenis te verdwijnen. De grens bleef echter bestaan. Ook toen de latere Cleypoel van veenmoeras in water veranderde.

Waarom een Wendel- of keerdijk?

Op het vruchtbare veen langs de Rijn was het goed mogelijk om graan te verbouwen, maar het diende hiertoe wel ontwaterd te worden omdat graan pas goed groeit als de grond niet al te vochtig is. In het begin groef men simpele afwateringssloot­jes, die voor dit doel afdoende bleken. Als gevolg van ontwatering klonk het veen echter in en werd na verloop van tijd de waterhuishouding steeds problematischer. Wat in de tweede helft van de 10de eeuw een aanvang had ge­nomen, bleek een goede 100 jaar later niet meer zo een­voudig uitvoerbaar. Toen rond 1163 de Rijn­mond bij Katwijk verzandde, had men pas echt een probleem met de afvoer van het overtollige water. Om de dorpskernen langs de Oude Rijn te beschermen, zou de Wendeldijk aangelegd zijn vanaf de huidige Elbaweg via boerderij Pennings in de Hellegatspolder verder naar het oosten om de dorpskernen langs de Oude Rijn te beschermen.

Uiterlijk rond 1281, maar waarschijnlijk eerder moet er een kunstmatige grens ge­trokken zijn tussen Sassenheim en Lisse. Als volgens de overlevering de Wendeldijk zijn aanvang had in Sassenheim, dan is volgens Aad van der Geest de Wendeldijk de enige kandidaat om het traject van de grens tussen Lisse en Sassenheim te rechtvaardigen.

 

Kaart: Visie Jan Kuipers over de Wendeldijk in het voormalige ambacht Alkemade
Kaart: Uit de Alkmadders nr. 165 pag. 15

Kaart: Visie Jan Kuipers over de Wendeldijk in het voormalige ambacht Alkemade

 

Boerderij OUDERZORG is 100 jaar

Sporen van vroeger (LisserNieuws)                                                            

26 augustus 2025

door Nico Groen

 De oorspronkelijke boerderij OUDERZORG is een gemeentelijk monument en heeft als adres 3e Poellaan 62 in de Lisser Poelpolder. De gebouwen zijn in 1925 gerealiseerd en bestonden uit een boerenwoonhuis met een aangebouwde stal en een wagenschuur. In de loop van de tijd zijn er 2 huizen naast en diverse grote schuren achter bijgebouwd.

 Het woonhuis heeft een symmetrische voorgevel en een bouwmassa van twee verdiepingen. Het mansarde schilddak met de nok staat haaks op de weg. Bij een mansardedak is het onderste deel van het dakvlak steiler dan het bovenste deel, waardoor een ‘knik’ ontstaat. De stal is veel lager en heeft één bouwlaag. De gevel van het woonhuis bestaat uit rood-grauwe baksteen in halfsteensverband. Het onderste gedeelte van de muren is van hardere stenen en speciale mortel (zoals trasmortel of cementmortel) om te voorkomen dat vocht uit de grond optrekt in de muur. Het huis met de stal en de wagenschuur zijn niet onderheid. De ondergrond was stevig genoeg. Het huis en de stal zijn nauwelijks of niet verzakt. De later aangebouwde grote schuren en huizen zijn wel onderheid. Tussen de 2 bovenramen is ‘1925’ aangebracht op een gepleisterd vlak. Aan weerszijden van die ramen zijn de woorden ‘OUDER’ en ‘ZORG’ te zien op soortgelijke vlakken, alle omrand door gele en rode bakstenen. Boven de vensters zien we versieringen met dezelfde rood en gele bakstenen. De ramen aan de voorgevel zijn zogenaamde schuifvensters, waarvan het bovenste deel boven de roede vastzit en het onderste deel open kan. De onderste 2 ramen zijn gescheiden door een roede. Door de vorm van de roede wordt zo’n raam een T-schuifraam genoemd.

Familie Van der Zon

De woning met boerderij is gebouwd in opdracht van Pieter van der Zon. Of er een architect bij betrokken is geweest, is onbekend. Tot op de dag van vandaag is het huis nog steeds in bezit van de familie Van der Zon. In het boek “De Lisser Poelpolder 1624 – 2024” staat een interview met Pieter van der Zon, de huidige beheerder van de boerderij. Pieter van der Zons grootvader werd geboren aan de Akervoordelaan. Zijn vader had daar een bollenbedrijf. Pieters grootvader werd echter boer. In 1925, op 25-jarige leeftijd, bouwde hij de boerderij en de wagenschuur. Hij startte met 25 koeien op 18 ha land. In de loop van de tijd is de oppervlakte weiland enorm uitgebreid. Daarnaast is de varkenshouderij, die in 1972 begon, enorm gegroeid met 400 zeugen, die honderden biggen per jaar geven. Deze biggen worden verkocht.

In het interview vertelt Pieter: “Al het land in de Poelpolder ten zuiden van de 3e Poellaan behoort nu tot ons eigendom. Daarnaast bezitten we aan de noordkant nog 15 ha en in de Hellegatspolder 5 ha. In de jaren negentig kochten we boerderij Van Steijn, die vlak over de dijk in de Hellegatspolder was gelegen. Van Steijn had ook land in de Poelpolder. Deze aankoop was een belangrijke uitbreiding voor ons. De grond is hier zeer vruchtbaar, met een donkere enigszins zanderige toplaag van 60 tot 70 cm. Daaronder ligt een laag kattenklei, die zorgt voor een stevige ondergrond”. Door het goede beheer zijn er in de weilanden veel grutto’s en kieviten te vinden.

Foto: Het huis OUDERZORG in 2025
Foto: Nico Groen

 

Aan het einde van de 3e Poellaan was een pont

Sporen van vroeger (LisserNieuws)                                                           

12 augustus 2025

door Nico Groen

 In het kader van 400 jaar Poelpolder is nu de 3e Poellaan aan de beurt. Wanneer de huidige 3e Poellaan en de brug over de Ringsloot gerealiseerd zijn blijft onzeker. Vast staat dat op een landkaart uit 1647 de weg en de brug al ingetekend zijn.

Waarom deze weg toen al is aangelegd is ook niet bekend. De Grote Poelmolen is pas in 1676 gebouwd. Er zijn 2 mogelijkheden: groentevervoer over de weg vanuit de Rooversbroek of er was toen al een veerbootverbinding vanaf het Hellegat naar de Kaag.

In 1965/66 werd door de Haarlemmermeerpolder vergunning aangevraagd bij het Hoogheemraadschap om de bestaande brug over de Ringsloot te verlagen en te vernieuwen, wat in 1967 ook uitgevoerd werd.

De gemeente Haarlemmermeer was eigenaar van de brug en moest daarom de vergunning aanvragen. Het lijkt merkwaardig dat de gemeente Haarlemmermeer eigenaar was, maar dat had te maken met de droogmaking van het Haarlemmermeer. Oorspronkelijk was de weg eigendom van de Poelpolder. Maar in 1854, na het droogvallen van het Haarlemmermeer, werd overeengekomen dat de weg in eigendom zou komen van de te vormen Haarlemmermeerpolder. Deze polder had blijkbaar meer belang bij een goed onderhouden verbinding dan de Poelpolder.

Later werd de gemeente Haarlemmermeer eigenaar. In 1968 is het eigendom overgegaan naar de gemeente Lisse. De huidige brug, nu in onderhoud bij de gemeente Lisse, dateert uit 1995 en is opgebouwd uit beton, staal en metselwerk.

Dat de Haarlemmermeer meer belang had bij een goede verbinding vanaf de Heereweg kwam doordat de Kaag en Abbenes op de Bollensteek waren gericht voor wat betreft winkels, scholen en kerken. Er werd geen brug aangelegd op het einde van de 3e Poellaan, maar er kwam een veerpont. In 1929 werd de H.H. Engelbewaarderskerk ingewijd. Deze kerk werd tussen Sassenheim en Lisse gebouwd, mede vanwege de vele parochianen die uit de Kaag en Abbenes met het pont over de 3e Poellaan kwamen. Achter de kerk werden ook een jongensschool en een meisjesschool gebouwd. Op 1 mei 1930 werden de scholen ingewijd en aan het begin van het schooljaar begonnen de lessen. Op de eerste schooldag waren er 156 jongens en 144 meisjes, precies 300 kinderen dus. Er waren nogal wat kinderen uit de Kaag, omdat daar geen katholieke school was. Deze kinderen kwamen met het pontje over de Ringvaart naar de 3e Poellaan en liepen verder langs de Heereweg om bij de school te komen.

 Bonte Krielbrug

De naam van de brug over de Ringsloot is Bonte Krielbrug en is ontleend aan de naam van de Bonte Krielpolder. De polder, die daar tussen de Ringsloot en de Heereweg ligt. Van daaruit werd het nieuwe land bereikt. In de morgenboeken van Sassenheim komt de Bonte Krielpolder, die zowel in Lisse als in Sassenheim ligt, al in 1716 onder die naam voor. De Bonte Krielpolder liep vanaf buitenplaats Ter Leede in Sassenheim tot de Beek in Lisse. Dus net voorbij de H.H. Engelbewaarderskerk.

De Bonte Krielmolen, die het water van deze polder uitwaterde op de Ringsloot stond tot de afbraak in 1924 net zuidwestelijk van de brug, nog net op Lisser grondgebied. Je kunt de plek waar de molen stond nog goed herkennen. In de sloot daar staat nu een elektrisch gemaal, dat het werk van de molen heeft overgenomen.

Kaart van Hoogheemraadschap Rijnland door Jan Jansz. Douw en Steven Pietersz. van Brouckhuijsen uit 1647

 

Huis op de dijk en 250ste column

Sporen van vroeger  (LisserNieuws)

29 juli 2025

 door Nico Groen

Dit is de 250ste column van Sporen van Vroeger over het cultuur en historisch verleden van Lisse. Het ging daarbij altijd over het recente of verre verleden van Lisse, stukjes steeds geschreven vanuit een andere invalshoek. Het begon allemaal op 1 juni 2014. Dus al 11 jaar geleden .

Na wat haperingen en onregelmatige tijdstippen begon de tweewekelijkse serie eind augustus 2014. In de eerste column, geschreven door Koos van der Zwet, staat onder andere het volgende “In de doelstelling van de Vereniging Oud Lisse wordt onder andere het behoud van het culturele erfgoed in de gemeente genoemd. Het begrip cultureel erfgoed is breed, het laat zien waar we vandaan komen en scherpt aldus de blik op de toekomst. Naast onroerende zaken, zoals gebouwen en landschappen, zijn er de onroerende culturele zaken. Daaronder vallen klederdrachten, kunstwerken zoals schilderijen en beeldhouwwerken en nog veel meer”. Dat is na 11 jaar niet veranderd.

Alle stukjes gaan over iets anders met één uitzondering. De uitleg van het oorlogsmonument op de hoek van de Oranjelaan/Heereweg staat er twee keer in. De overige zijn allemaal verschillend met steeds een andere invalshoek. De meeste columns zijn geschreven door Nico Groen. Maar niet zonder medewerking van vele vrijwilligers van de VOL wat betreft ideeën, vele correcties en relevante opmerkingen. Soms is de oorspronkelijke tekst totaal veranderd vanwege het gebruik van oude gegevens, die niet meer kloppen door latere feiten of onderzoek. Daarmee kunnen we zeggen dat er in alle 250 columns geen grote fouten staan. We krijgen veel complimenten en eigenlijk geen kritiek op de teksten.

De artikelen lopen sterk uiteen van de geschiedenis van Lisse en de Tweede Wereldoorlog tot markante gebouwen en verenigingen en bedrijven met een jubileum. Ook zijn er veel samenvattingen van artikelen uit het Nieuwsblad, het kwartaalblad van de VOL. Alle 250 columns zijn te vinden op de website OudLisse.nl en op de website LisserNieuws.nl.

Huis op dijkrestant

De afgesneden bocht in de Rooversbroekdijk bij huisnummer 92 zal op het oog niet zo snel iemand opvallen, aldus de reportage hierover in het boek ‘Lissepoelpolder 1624-2024’.

Voorheen stond hier het huisje van veenman Van Gerven op de dijk van de Rooversbroek. De Ringsloot liep achter het huis langs. Na het dempen van de Ringsloot heeft men het huisje laten staan op de dijk en heeft men de weg vóór het huisje langs laten lopen om de scherpe bocht er uit te halen om het traject van de weg een wat vloeiender verloop te geven. Later is het huis vernieuwd en vergroot. Het huis ligt dus op de voormalige Rooversbroekdijk. Een wonderlijke situatie dus, volgens het boek. De oorspronkelijke bocht is goed te herkennen op de bekende kaart van Dou over de verkaveling van de Poelpolder uit 1624.

 

Aan het einde van de 2e Poellaan stond ook nog een huis op de voormalige dijk. Daar is nog niet zo lang geleden een nieuw huis gebouwd. Ondanks protesten van de VOL vanwege de historische waarde is daar toch de dijk erg afgevlakt en nu helaas niet meer te herkennen als dijk.

Op de kaart van LisseTijdreis is goed te zien hoe vroeger de Ringsloot liep en hoe nu de weg loopt.
Kaart uit 1830 met de huidige achtergrond

.

 

 

Boerderij Langeveld sinds 1980 een rijksmonument

Sporen van vroeger (LisserNieuws)                                                                     

8 juli 2025

Door Nico Groen

 In het kader van Lisserpoelpolder 400 jaar wordt nu aandacht besteed aan de stolpboerderij van Langeveld met het adres ’t Lange Rack 2, voorheen Eerste Poellaan 102. Bij de aanleg van de wijk Poelpolder was het adres eerst ook nog Ooievaarstraat 289.

Op een plattegrond van Lisse is duidelijk te zien, dat deze boerderij, gezien vanaf de Heereweg, schuin achter de donjon Dever ligt. De boerderij, Dever en buitenplaats Uitermeer zijn vroeger heel bewust op die plek gebouwd. Deze zijn gebouwd op een (ondergrondse) door wind opgeworpen duinrug, die vanaf de Heereweg diep doorloopt in de Poel. Zo’n oost/west duinrug werd een ‘horn’ genoemd. Deze horn heette in de 14e en 15e eeuw Reynershorn, waarschijnlijk vernoemd naar Reinier D’Ever (1346-1417), die de donjon gebouwd heeft. Vóór de aanleg van de Poelpolder liep het land van Dever veel verder naar het oosten door dan de huidige Ringsloot. De oorspronkelijk Poel had een grillig lopende oever. De Poel bestond namelijk uit diverse met elkaar verbonden meren: hier Zuidpoel en Geestwater genaamd. De Ringsloot volgde die grillige lijn niet, maar sneed grote stukken land af om een nette, wat rechtere Ringsloot te krijgen. Ter plekke werd een groot stuk land afgesneden. Daardoor verloor Dever maar liefst 939 roeden (meer dan een hectare) aan de Poelpolder, volgens een uitvoerig verslag uit die tijd.

Er is nogal wat verwarring over het jaar waarin de stolpboerderij gebouwd zou zijn. Alfons Hulkenberg ging er vanuit dat de boerderij in 1642 werd gebouwd, tegelijk met buitenplaats Uitermeer. Maar volgens het gemeente archief van Lisse moet dit in 1648 gebeurd zijn.

Dat de eigenlijke boerenwoning uit 1648 dateert, werd ook bewezen door een verdwenen tegeltableau op een schoorsteen met vermelding van het jaar 1648.

Het woongedeelte is aangebouwd aan de boerderij. De boerderij had in het midden een grote ruimte voor het hooi. Dit werd het vierkant genoemd. Het vierkant heeft grenen gebinten met drie ringgordingen per gebint. Om het vierkant waren de bedrijfsruimten en de woning gesitueerd. De raampartijen bestaan uit zesruits schuifvensters met een geprofileerde middenstijl. Achter de keuken was de kaasmakerij met een grote kelder. Er was een dubbele koestal. Aan de voorkant was de paardenstal en de dorsvloer. Door deze vorm is het een Noord-Hollandse stolpboerderij. Stolpboerderijen komen bijna alleen boven het Noordzeekanaal voor. Vóór 1648 zijn er zelfs maar heel weinig stolpboerderijen gebouwd. Zo’n vroege stolpboerderij in Lisse is dus heel bijzonder. De boerderij had weliswaar elektriciteit, maar was niet aangesloten op leidingwater, noch op de riolering. De bewoners hebben hun water altijd uit een wel bij de boerderij betrokken. Woningbouw in de buurt betekende het einde van het boerenbedrijf.

Omdat de fundering van de boerderij op zand rust, is deze in de loop van de eeuwen niet

erg verzakt en zo goed gebleven, dat het in 1980 een rijksmonument is geworden.

De boerderij is in 2002 door C. Horsman kundig gerestaureerd in samenwerking met de restauratiearchitect Bob C. van Beek. In het Nieuwsblad van de VOL van januari 2003 staat een uitgebreid interview met C. Horsman, de eigenaar, die opdracht tot de restauratie heeft gegeven. Ook is het artikel te vinden op de website oudlisse.nl.

Foto: De stolpboerderij vanaf de noordkant in 2025.
Foto: Nico Groen

Foto: uit 2025 door Nico Groen

Boerderij Langeveld voor de renovatie
Foto OudLisse

De 1e Poellaan liep tot Burgemeester de Graafplein.

Sporen van vroeger (LisserNieuws)

24 juni 2025

 Door Nico Groen

In het kader van 400 jaar Poelpolder is nu de 1e Poellaan aan de beurt. De Zemelbrug ligt in de 1e Poellaan over de Ringsloot. De Zemelbrug is aangelegd in 1627, dus 3 jaar na de drooglegging. Toen moet er dus ook een weggetje over de brug de Poelpolder zijn ingegaan.

Na de Zemelbrug liep het pad stijl naar beneden. Dit was niet veel meer dan een karrenspoor,  gebruikt door de boeren en andere belanghebbenden in de Poelpolder en in de Rooversbroekpolder. In de Rooversbroekpolder werden groenten geteeld, die ook over dit pad moesten worden vervoerd. Rond de Tweede Wereldoorlog lag er in het midden van dit karrenspoor een klinkerpaadje.

De oorspronkelijke ‘Rouversbroock’ werd gescheiden van de Lisser Poelpolder door de Achterringsloot. Deze liep vanaf de noordkant van de waterzuivering langs de noordkant van het Mondriaanpark naar het Burgemeester de Graafplein. Hier nam de Achterringsloot een bocht naar het zuid-oosten om uit te komen bij de huidige Rooversbroekdijk.

Ophaalbrug bij de Rooversbroekpolder

Op kaarten uit die tijd is te zien, dat de 1e Poellaan uitkwam waar nu het Burgemeester de Graafplein is. Dus op het uiterste noordwestpuntje van de Rooversbroekpolder.

Hier lag tussen de Lisser Poelpolder en de Rooversbroekpolder een ophaalbrug.In 1933 werd de laatste beweegbare brug, een basculebrug, vervangen door een vaste brug. Deze brug is weer gesloopt bij het dempen van de Achterringsloot.

Op de oude kaarten is ook te zien dat de 1e Poellaan direct na de Zemelbrug zich in drieën splitste. Rechtdoor naar de Roversbroekpolder en linksaf langs de dijk naar boerderij Poeleway die in de zestiger jaren van de vorige eeuw gesloopt werd ten behoeve van nieuwbouw van onder anderen de school de Poeleway. Rechtsaf ging de weg naar de vroegere buitenplaats Uytermeer en boerderij Langeveld. Deze boerderij had vroeger het adres 1e Poellaan 102.

Beurtschippers

Het gedeelte van de 1e Poellaan tussen de Heereweg en de Zemelbrug was vroeger belangrijker dan het gedeelte over de brug. Dit kwam doordat er bij de Zemelbrug in de Rijnsloot een laad- en losplaats was voor boten. Hier werden ‘door de in en opgesetenen, de vrugten ende gewassen van haar land’ overgeladen op boten om die door beurtschippers ‘ in de naast gelegen steden Haarlem en Leijden ter mark te kunnen senden’ (Lissese resolutiën 1730).

Dit ging in eerste instantie over de Greveling naar het Haarlemmermeer. De overvaart over het meer was gevaarlijk. Daarom ging men later over de Trekvaart. Dit kon alleen over ‘het Mallegat, de eenigste vaart’ bij  de Engel, die de Rijnsloot verbond met de Trekvaart. De volgeladen boten gingen dus naar het zuiden over de Rijnsloot en via het Mallegat naar de Trekvaart vanwaar men naar Leiden, Haarlem of zelfs Amsterdam kon gaan.

Soms werd de 1e Poellaan 3e Poellaan genoemd en andersom. Dat zorgt natuurlijk wel voor verwarring bij de interpretatie van historische verhalen uit die tijd.

Het boek “De Lisser Poelpolder 1624 – 2024” is nog steeds verkrijgbaar via de website van de VOL “Oudlisse.nl” en in de boekwinkel.

Op de kaart is te zien dat de 1e Poellaan afbuigt naar de Rooversbroekpolder.
Kaart: uit 1880 van Topotijdreis.nl