‘HUIZE SANDVLIET’; De rommeling. (136)
Door Alfons Hulkenberg
Overgenomen uit “Lisse: De Rommeling” uit 1981. Repro-Holland B.V. Alphen aan de Rijn
Het is een heel mooi huis, waar de heer C.W. van der Mark woont. Zo’n drie a vierhonderd jaar geleden stond hier het huis van de duinmeier — een soort koddebeier — Dirk Engelsz van Steyn. Hij was de betachterkleinzoon van Dirck Pietersz, een der “ambachtsbewaarders” van Lisse, toen in 1514 de “Informacie opt stuck der Verpondinghe” plaats vond, waarbij de autoriteiten inlichtingen inwonnen in verband met de op te leggen belastingaanslag voor het gehele dorp. Dirk Pietersz heeft vast wel erg zuinig gekeken; het was bittere armoe in die jaren in Lisse. De zoon van Dirck Pietersz, “jonge Dirck Dircksz”, noemt zich “Van Larum”. Misschien kwam de familie oorspronkelijk wel uit “Larum”, Laren in het Gooi. Na hem volgt Adriaan Dircks, daarna Engel Adriaanse en dan ten slotte onze duinmeier Dirck Engelsz van Larum, die zich echter om onbekende reden “Van Steyn” is gaan noemen: “Dirck Engels van Larum geseyt van Steyn”. Een andere zoon van bovengenoemde “jonge Dirck Dircksz van Larum”, Jacob, woonde aan de Voort bij de Akervoordelaan. Zijn nageslacht heet “Van der Voort”. Van Stein, Van Steyn, Van Stijn, Van Steijn en Van der Voort, de telefoongids van Lisse staat er nog bol van!
Later stond hier de boerderij Nieuwzand-vliet, die tijdens de “kroningsfeesten” van 1898 geheel is afgebrand. Daar woonde in de vorige eeuw het gezin van Seel van der Vlugt. Waarom die Marcelissen of Marcels in de families Weijers, Van Graven en Van der Vlugt eigenlijk Wesselus of Wessel hadden moeten heten, leest men ergens in het boek Zandvliet, dat binnen afzienbare tijd van de persen komt. (Foto’s J.F. Keijzer).





