LISSE TOEN: OVERWERKEN VOOR TWAALF CENT PER UUR

De werkomstandigheden van bloemistknechten rond 1914 worden besproken. Er waren zeer lange werkdagen van 6.00 uur tot 17.00 uur.

door Arie  in ‘t Veld

NIEUWSBLAD Jaargang 2 nummer 2, april 2003

De oprichting van de arbeiders­organisaties deed ook in de bollenstreek de nieuwe tijd de intrede. Weliswaar veranderde er aanvankelijk niet veel en was de invloed van de organisaties zeer gering, doch in 1914 had men de eerste etappe achter de rug. Nu was het in 1914 ondanks de oorlog trouwens al heel wat beter gesteld dan in de laatste jaren van de negentiende eeuw. In Haarlem en omgeving bijvoorbeeld, werd het als iets minderwaardigs beschouwd als men moest bekennen een ‘bloemistknecht’ te zijn. Toen vluchtten vele jonge­mannen uit het bollenbedrijf. Naar de spoorwegen, of ze werden brugwachter of nachtwaker en dan nog verdienden ze nauwelijks meer dan in de bollen. In Haarlem, Overveen en Heemstede was het droevig gesteld.

Werken van 6.00 tot 19.00 uur

Men weigerde daar zelfs om aardappelland aan de arbeiders beschikbaar te stellen, hetgeen in Hillegom en Lisse vrij algemeen geschiedde. De normale arbeidsdag was toen van ‘s morgens zes tot ‘s avonds zeven uur, voorzover het daglicht dit toeliet. In de praktijk kwam het erop neer dat de arbeider meestal verplicht was vanaf half juni twee uur per dag over te werken. Daarvoor werd dan een dubbeltje of twaalf cent per uur extra uitbetaald. In Lisse, Sassenheim en Hillegom betaalde men gedurende acht/ negen maanden per jaar ƒ 7,= tot ƒ 8,= per week.

Te voet

En voor dat loon konden ze net zoveel arbeiders krijgen als ze wilden, want in Noordwijk, Noorwijkerhout en Voorhout betaalde men zelfs nog minder! Het spreekt overigens vanzelf dat men te voet naar het werk ging. Slechts een enkeling beschikte over de rijkdom van een rijwiel, leder ander moest lopen.

En dat betekende dan dat je vroeg van huis moest, want je had er maar voor te zorgen dat je op tijd bij de baas aanwezig was! En op tijd was in de zomermaanden vijf uur ‘s morgens. De ‘knecht’ moest soms zes kilometer of meer tippelen en ging dus ‘s morgens ver voor vieren van huis. ‘s Avonds om zeven uur maakte hij hetzelfde ‘ritje’ weer terug.

Het planten van narcissenbollen in vroeger tijden, toen alles nog met de hand gedaan moest worden. Voor elke cent per uur mee moesten de bloemistknechts knokken, foto: Arie in ‘t Veld