De Mariakerk te Lisse

Aan de Nassaustraat, bijna op de hoek met de Oranjelaan, vinden we deze opvallende kerk. Opvallend omdat je bij een kerk een opgaande belijning verwacht en in elk geval een toren. Maar hier zien we een bijna classicistisch gebouw, dat breed stoelt op ruim terrein en naar de kant van de Oranjelaan – maar achterwaarts – voorzien is van bijgebouwen. Menig passant zal op het eerste gezicht geen kerkgebouw in zien. Tot de blik valt op het kruis op de dakpunt.

Na de afsplitsing van de H.H. Engelbewaardersparochie bleef de Sint Agathaparochie gewoon doorgroeien. Daardoor ontstond er wederom behoefte aan een nieuwe kerk. Dat leidde tot de vorming van de Mariaparochie, die officieel de parochie “Onbevlekt Hart van Maria” heet, en is toegewijd aan Onze-Lieve-Vrouw (Maria) van Fatima. De bisschop bezegelde het initiatief van “den 12den Maart 1950” om te komen tot een derde R. K.Kerk met scholen te Lisse. De al bestaande kerken waren immers de Sint Agathakerk en de H.H. Engelbewaarderskerk. De begroting voor de kerk beliep 350.000 gulden, een enorme som voor de jonge parochie. Men is echter vol goede moed: “het is een eerezaak voor elke goede katholiek en de menschen moeten hiervoor warm worden gemaakt”.

Pastoor Van Zuylen van de Sint Agathakerk zorgde voor een bouwpastoor: de uit Amsterdam afkomstige kapelaan J. Staadegaard. Hij regelde de locatie, een toen braakliggend terrein dat werd begrensd door de Oranjelaan en Nassaustraat. De Sint Agathakerk kocht deze grond voor 55.000 gulden.

De architecten werden aangewezen door de bisschop van Haarlem: het betrof de heren Barnhoorn uit Lisse en Paardekooper uit Oegstgeest. Zij stonden onder supervisie van de gebroeders Van der Laan (architect respectievelijk benedictijn) die veel kennis hadden van de rooms-katholieke kerkbouw. Op 29 december 1951 werd de eerste steen gelegd en op 22 augustus 1952 werd de kerk door de bisschop van Haarlem geconsacreerd. De bouwpastoor werd meteen de eerste pastoor.

Natuurlijk wilde de parochie graag een begraafplaats rondom de kerk, maar het gemeentebestuur was tegen. Na veel tijd (bloed, zweet en tranen) kreeg de parochie het toch voor elkaar. Rond het jaar 2000 werd het al te klein en daarom uitgebreid (in de diepte: er werden grafkelders aangelegd!).

Nog in de jaren vijftig kwamen al vele veranderingen. Het bisdom Rotterdam werd opgericht en Lisse kwam daaronder te vallen. De parochianen werd meer betrokken bij de liturgie, doordat voortaan de H. Mis werd opgedragen met het gezicht van de priester “naar het volk”. Hij werd nu ook beter verstaanbaar. In het interieur van de kerk werden vele veranderingen aangebracht. En er werden fraaie schenkingen ontvangen, zoals een monstrans van de leden van de Stille Omgang, afdeling Lisse.

In de beginjaren tachtig werd de doopkapel omgebouwd tot mortuarium en wordt een Maria-boekwinkeltje opgezet. En in de jaren negentig zijn er weer ontwikkelingen. Het groeiende priestertekort wordt voelbaar en “dwingt” tot een andere manier van communievieren. Het parochiehuis ‘Mariënburcht’ was tegen 1990 gesloopt en werd vervangen door een nieuw kerkelijk centrum, ‘de Mariënhof. De kerk vierde zijn veertigjarig bestaan en de vrijwilligers hebben hem helemaal opnieuw geschilderd. In 1993 overleed oud-pastoor Staadegaard, de bouwer van de kerk, op 93-jarige leeftijd. Hij is hier ook begraven.

En dan kan in 2002 het vijftigjarige bestaan worden gevierd. Dat is ook feestelijk gedaan. Op 1 januari 2006 fuseerde de Mariaparochie met de Sint Agathaparochie en de H.H. Engelbewaardersparochie tot de R.K. Lissese parochiegemeenschap Sint Agatha. Anno 2006 weten we ook dat de Mariakerk niet meer zal functioneren als kerk. Procedamus in pace, in nomine Domini felicer – Laat ons gaan in vrede; gelukkig in de naam van de Heer.