Hart voor historie (5): Heereweg 127. Voormalige bakkerij Vaneveld mogelijk nog ouder dan 1750
Wilma van Velzen
De Lisser 2007 LOKAAL; Hart voor historie
LISSE – Heereweg 127 past zo in het verhaal van Hans en Grietje. Klein maar fijn, zeker voor liefhebbers van cultuur. Thans is het in gebruik als woning, voorheen was de winkel van bakker Vaneveld erin gevestigd. Het pandje zou dateren uit 1750. Echter, de aannemer die op dit moment het dak renoveert, heeft aanwijzingen gevonden die erop duiden dat het nog ouder moet zijn.
Oude documenten laten zien, dat Heereweg 127 in 1912 eigendom was van de heer Van der Zaal. Deze verkocht het aan ene heer Nieuwenhuis, die het op 5 december 1925 voor vijfjaar verhuurde aan bakker Jacobus Vaneveld, voor dertien gulden en vijftig cent per week. Voor de bouw van een heteluchtoven vroeg hij in die periode een hinderwervergunning aan. Die werd in januari 1926 verleend, onder de conditie dat de oven zou worden voorzien van een schoorsteen van minimaal 11,5 meter hoog. Dan zou dr. De Graaf, die in het naastgelegen pand Villa Roosendaal woonde, geen last van rook ondervinden.
Elektromotor
Als het huurcontract in 1930 afloopt, koopt Vaneveld het pand en de bijbehorende schuur. De bakkerij floreerde. Jaren later deed het machinale tijdperk sterk zijn intrede, getuige een vergunningaanvraag (in 1947) voor het plaatsen van een deeg/kneedmachine, die wordt aangedreven door een elektromotor. In 1990 verkoopt de familie Vaneveld het pand aan de heren Mens en Dielemans, die er een meubelstof-leerderij van maken. Vier jaar later koopt Kees Griekspoor het. Er bestaat een verhaal over een schilderij, dat tijdens een kerken-veiling werd aangetroffen en was geschilderd door een familielid van bakker Vaneveld. Hierover raakte medeoprichter van de VOL Frits Treffers in gesprek met F. van Hoven, die hem lachend vertelde dat Johanna, de zus van bakker Vaneveld, hem nog het leven had gered. Als kleine jongen had hij een man uitgescholden voor ‘pindachinees’. Deze kwam achter hem aan en in volle vaart is Van Hoven toen de bakkerij in gestoven, waar Johanna zich over hem ontfermde.
Inmiddels wordt Heereweg 172 door de huidige eigenaars in fasen gerestaureerd. Griekspoor neemt eerst de benedenverdieping onder handen. Hij vertelt: ‘De originele plavuizen hebben we laten liggen. Jouwens, de oude buurman, slager Bauer, heeft ons een keer bezocht. Hij
wist nog precies te vertellen, waar de bedstee heeft gestaan en dat op een van de wit uitgeslagen plavuizen altijd een po stond. Aan een klein raam aan de buitenzijde te zien, kregen we het vermoeden dat er ook een kelder moest zijn. Inmiddels is deze in gebruik. ‘Thans wordt het dak gerestaureerd; naar een zo origineel mogelijke staat, compleet met zinken dakgoot en regenpijp, en pannen volgens het oude model. Hiermee is een behoorlijk kapitaal gemoeid, maar het is het waard.’
Waardering
De aanbouw, waarin de keuken is gesitueerd, dateert uit 1930. De tweede aanbouw kwam pas in 1990 gereed. Na de dakrestauratie komt volgens Griekspoor het houtwerk aan de beurt. Dit kent veel details. Zelfs de stang voor het raam is nog aanwezig, waartegen in vroeger dagen de bakkersfiets met de grote mand werd gezet. De Vereniging Oud Lisse (VOL) heeft veel waardering voor de eigenaars van het monumentale pandje, die ervoor zorgden dat het nog steeds in zo’n goede conditie verkeert. Het deed het bestuur besluiten op 12 april 2005 de eerste erepenning aan het gebouwtje toe te kennen. Enkele maanden later kregen eigenaars Kees Griekspoor en Eric Braspenning het officieel uitgereikt tijdens de jaarlijkse Open Monumentendag.
Frits Treffers, medeoprichter van Vereniging Oud Lisse (VOL), schrijft tien weken lang deze column
Toen ik in het oude pandje van de voormalige broodwinkel Vaneveld was, ging mijn herinnering terug naar zo’n vijftig jaar geleden, toen ik Ria Zaat, mijn huidige vrouw, voor het eerst ontmoette. Ik leerde haar via een medestudent in Delft kennen. Het klikte direct. Zij had een Brigitte Bardot-jurk aan en die stond haar werkelijk prachtig. Ria is de dochter van een van de twee broers, die eigenaar waren van een indertijd in Den Haag bekend brood- en banketbedrijf, Het Scheepje. Dat bedrijf leverde aan diverse instanties, zoals bijvoorbeeld kloosters, maar ook aan filialen. Een van die winkels beheerde Ria’s moeder. Al gauw werd onze relatie serieus en ik kwam vaak in de altijd gezellige en drukke zaak. Op weg naar het woonhuis pikte ik dan geregeld een van de overheerlijke vruchtenkoekjes mee.
Een aantal jaren geleden had Ria in ons huis Somalo een reünie van de zesde klas van de lagere school. Een van haar vriendinnen kwam direct naar haar toe. Ik moet je van mijn man vertellen, dat hij zijn leven dankt aan jouw vader. Hij kreeg met zijn vader in de hongerwinter brood van Het Scheepje. Men zat dan aan lange tafels in de bakkerij . Dit was voor Ria natuurlijk heel bijzonder. Ook thuis had zij meegemaakt, dat veel ondervoede mensen in een kamer brood aten.
Frits Treffers




