Berichten

’t Roemwaard Lisse: Uitermeer (5)

Door Alfons Hulkenberg

Overgenomen uit het boek ” ’t Roemwaard Lisse” uit 1998, 2e druk, Grimbergen boeken – Lisse

Uytermeer lag in de Poelpolder. Wanneer men over de Eerste Poellaan de polder juist was binnengetreden iets naar rechts. Het is een voorbeeld van de hier niet talrijke droogmakerij-buitenplaatsen.1 Op een kaart van 1687 staat Uytermeer reeds vermeld. Het behoorde aan de familie van der Stel, vooral bekend door Simon van der Stel, gehuwd met Jacoba Six, de eerste gouverneur van Kaap de Goede Hoop. Het is op­merkelijk dat Jan de Graaff Uytermeer in het geheel niet noemt. Hij moet er vlak langs gekomen zijn. Waarschijnlijk was het echter in 1770 reeds verdwenen. Dan treffen we de familie Van der Stel namelijk aan op Meer en Duyn.3 Een gevelsteen met de naam “Uytermeer” moet later zijn ingemetseld in een (thans verdwenen) herberg aan de Trekvaart onder Noordwijk.

Wij laten nu onze dichterlijke vriend zijn wandeling beginnen. Hij loopt de Eerste Poellaan geheel uit en is verrukt over de bekoorlijkheden van het lieflijke landschap.

Gewenste dag, toen ik mijn wandeling

In ’t ochtenduur door wijk en beemd aanving!

Aurora* kwam op haren gouden wagen

Aankondigen alsdat ’t begon te dagen.

Haar vingers, daar de nectardauw uit druipt

Terwijl de zon uit zijne schuilplaats kruipt.

Mijn ziel verrukt door die bekoorlijkheden,

Dus ging ik zacht tot aan de Poellaan treden.

Ik zag ’t welig vee, ik aanzag het hoog geboomt

Zeer aangenaam, terwijl een zuchtje koomt

Uit het westen en de bladeren doet ruisen.

Men ziet de vliet staag wentelen en bruisen.

’t Nieuwsgierig oog, genegen om te zien,

Dat leidt mij weg, op hoop dat ik misschien

Wat nieuws ontmoet. Ik ga mij zo begeven

De Poellaan langs. Maar wat zie ik daar leven?

Wat ’s daar te doen, dat ik daar zo veel volk

Bijeen zie staan daar bij die diepe kolk

Des Poeh? Maar wacht! Mij dunkt, ik zie ze laden

De fruiten om den steedling te v er zaden,

Die de ooftgodin met haar gewone vlijt

Besproeit en voedt, of schoon Aeool^ met nijd

Uit’t noorden blaast, met nevelige dampen                           -,

Verzeld, en dus gestaag met ramp op rampen

Haar hof bestormt. Nochtans zo is haar tuin

Zeer vruchtrijk en doet op het woeste duin

En vlakke veld alom met vruchten planten,

Zodat een schuit tot boven aan haar kanten

Hier dag aan dag, door onzen schipper Vroom

Vervoerd wordt en wel binnen Amstels boom.

Of ’t stormt of raast, of Y onweer snel van boven

De baren solt, hij gaat de golven kloven

En bouwt de Meer en ook de buld’rend IJ6

En schroomt geen wind en schijnt in ’t water vrij

Van overlast, dewijl de Stroomgodinnen

In Pomona’s dienst1 behouden ’t brengen binnen.

Vaart Vroome held, vaart door het woeste stof. . .

Er is daar door dat “woeste stof” wat gevaren! In 1770 deed dit schipper Vroom, maar in 1747 was Cornelis Cornelisz Ruychrok van de Werve8 “ordinaris marktschipper van bloemen, groentens ende ooft-vruchten”, die “met twee schuiten” op Amsterdam voer. Ook Antonis van Hulst en Cornelis van Bendt voeren op Amsterdam. Pieter Riggel sinds 1770 op Rotterdam. Govert Gijszoon van Parijs voer via Haarlem, het Spaarne en het (open) IJ naar Amsterdam “en wederom terug”.9 Zijn zoon is eens in Spaarndam tragisch verongelukt. Wij lezen dat op woensdagavond 12 juli 1741 “zekere jongeling van zijn vaders schuit, varende van Lisse op Amsterdam, even binnen de sluizen in het Spaarne was gevallen, nedergezonken en verongelukt.10 Welke jongeling na veel zoekens den volgende morgen vroeg is gevonden, opgevist en te Spaarn­dam met de voeten in ’t water op ’t land werd gelegd. (Hij bleef volgens Rijnlands recht aldus nog steeds drenkeling en niemand had het recht eigenmachtig over het dode lichaam te beschikken.) Zo hebben schout en schepenen op verzoek van gemelde vader, schipper Govert te Lisse wonende, niet mogen nalaten de nodige informatiën daaromtrent te nemen en beschouwing van het dode lichaam te doen en bevonden dat ditzelve ongeval zeer onnozel (onschuldig) is toegekomen, hebben over-zulks tot wegneming van ’t lijk wel willen consenteren.” De tocht naar huis met het lijk van zijn zoon aan boord moet voor schipper Govert wel bijzonder droevig zijn geweest.

1    S.J. Fockema Andreae e.a., Kastelen . . in Rijnland (1952).

2    Johan E. Elias, De Vroedschap van Amsterdam (1903), I blz. 457 e.v.

3    Zie blz. 34 en 48.

4    Deze rozenvingerige godin van de morgenstond opende de hemelpoorten, zodat de zomergod Helios op zijn gouden wagen zijn tocht kon beginnen.

5    Aeolus, de god der winden.

6    Zoals een landbouwer voren trekt door de akker, zo klieft Vroom met zijn schuit het water.

7    Porno na was de godin der tuinen, met name van de veldvruchten en het ooft.

8    A.M. Hulkenberg, De Aagtenkerk van Lisse (1960) blz. 16 en 144.

9    “Regentenboek” in part. bezit (T).

10  Dr. Tj.W.R. de Haan e.a., Spaarndam (1967), blz. 82.

5.Uytermeer Ets van Abraham Rademaker (Lisse1675 – Haarlem.) Uit Rijnlands fraaiste gezichten (1732),

Parels van boekbindkunst

Ria Grimbergen vertelt graag over de inhoud van boeken. Dit keer gaat het ook om de omslag. Boekbinden is in vroeger jaren tot een ware kunst verheven. Deze boeken laten op dat gebied een geweldig stuk vakmanschap zien.

Ria Grimbergen

Nieuwsblad 22 nummer 2 2023

De AVB vierde haar vijftigjarig bestaan in 1910 met een publiekstrekker en zette het jubileum luister bij met twee boeken: een fotoboek en een gedenkboek, beide graag voor u uit de bibliotheekkast gehaald door Jos van Bourgondiën en Peter Vink. Een kolossaal gastenboek bevindt zich in de kluis van een bibliotheek in Hillegom, waar Arie Dwarswaard de scepter zwaait.

Machtige mannen op bezoek

Mevrouw Peng Liyun doopte met een glas champagne de tulp Cathay

Een van de machtigste mannen van de wereld bracht op 23 maart 2014 een bezoek aan Keukenhof. De president van de Volksrepubliek China Xi Jinping en zijn vrouw Peng Liyuan bezochten met het koninklijk paar het bloemenpark. Mevrouw Peng Liyun doopte met een glas champagne de tulp Cathay, de naam die ontdekkingsreiziger Marco Polo voor China gebruikte. Even spectaculair was het bezoek van Theodore Roosevelt aan de nationale bloemententoonstelling in Haarlem op 1 mei 1910. De immens populaire ex-president van de Verenigde Staten bracht een bliksembezoek aan Nederland en sloeg Haarlem met de bloemententoonstelling en het Frans Hals Museum niet over. Teddy, zoals hij liefkozend door zijn schare bewonderaars werd genoemd (en waaraan een knuffelbeertje zijn naam dankt), werd overal waar hij kwam enthousiast toegejuicht. Hieronder een foto van zijn wandeling over het tentoonstellingsterrein.

Theodore Roosevelt op de nationale bloemententoonstelling in Haarlem op 1 mei 1910.

Koffietafelboek met lichtdrukken

Het bestuur van De Algemene Vereniging voor Bloembollencultuur, de AVB, besloot in 1910 het jubileumjaar groots te vieren met een vollegrondstentoonstelling tijdens de bloeiperiode van de bollen. Van de tentoonstelling in de Haarlemmerhout bestaat een schitterend koffietafelboek, uitgegeven in royaal formaat met vijfenzeventig lichtdrukken, waarin de lof van de bloembollencultuur wordt gezongen. In zijn voorwoord schrijft Ernst H. Krelage dat het een gewaagde onderneming is van uitgever Emrik & Binger, die nog maar moet afwachten of zijn investering tot winst zal leiden. De prijs van de uitgave was voor leden f. 12,50. Het gedistingeerde boek in het bezit van de VOL is gebonden in donkerrood linnen, met in gouden letters de opdruk ‘De nationale bloemententoonstelling Haarlem 1910 in woord en beeld’. Op het voorplaat is een langwerpige foto geplakt met op de achtergrond Paviljoen Welgelegen, nu het Provinciehuis van
Noord-Holland.

Boekband in Jugendstil

Het hoofdbestuur van de AVB hield toezicht op de uitgave. Voor velen bleek de verkoopprijs van f. 12.50 te hoog. De uitgever besloot na een jaar een goedkopere, ingenaaide versie op de markt te brengen voor f. 5,00. Peter Vink, naast Jos van Bourgondiën werkzaam
in de bibliotheek van de VOL, wijst mij op een van de platen in het boek: een foto van de Kunstzaal in een tentoonstellingspaviljoen. In een sfeervol interieur hangen werken van de bekende bloembollenschilder Anton L. Koster. De lichtdrukken, een grafische techniek die destijds werd gebruikt om foto’s af te drukken, zijn van een indrukwekkende kwaliteit.

Een tweede boek in de bibliotheek van de VOL dat aandacht besteedt aan het jubileum heeft als titel ‘Gedenkboek ter herinnering aan het vijftigjarig bestaan der Algemeene Vereeniging voor Bloembollencultuur te Haarlem 1860-1910’. André Vlaanderen tekende voor het bandontwerp en maakte er een ware parel van Jugendstil-kunst van. Een smaakvolle combinatie van een op de voor- en achterzijde doorlopende jute linnen rug en cremekleurige linnen platen met een gouden belettering. De bandtekening, eveneens in goud, toont het wapen van Haarlem met de spreuk
Vicit Vim Virtus (De moed heeft het geweld overwonnen), waarnaast twee tulpen oprijzen. Vier gouden vignetten met gestileerde bollen sieren voor- en achterplat. Het boek werd gebonden door de befaamde boekbinder Elias P. van Bommel uit Amsterdam en zijn naam staat in blinddruk op de achterzijde. De uitgave kwam niet in de handel en was bedoeld voor relaties en leden. In het boek vinden we de namen van bestuursleden van de AVB, toen nog zonder het predicaat Koninklijke, onder wie uit Lisse de mannen C. Blokhuis, J. L. Veldhuyzen van Zanten en George van der Veld. De afdeling Lisse werd opgericht in 1879 en ontwikkelde zich tot een van de belangrijkste afdelingen van de vereniging. Succesvol waren de tentoonstellingen die Lisse hield aan het eind van de negentiende eeuw. In 1892 was het lokaal in de Witte Zwaan omgetoverd in een lustoord. Tulpen waren schaars, narcissen en crocussen ontbraken, maar dat werd gecompenseerd door de hyacinten. ‘Het feest is schitterend geweest; nooit werden hier schoonere
bloemen gezien. Nooit ook mocht een tentoonstelling te Lisse zich in zulk een succes verheugen’ citeert Krelage het Weekblad voor de bloembollencultuur.

Een gastenboek van vijftien kilo

Een gastenboek van vijftien kilo

Een derde boek dat verband houdt met de bloemententoonstelling in Haarlem is een gastenboek. Dit ‘Gulden Boek’ is een indrukwekkend staaltje boekbindkunst van eveneens Elias P. van Bommel, maar voor dit boek moeten we naar Hillegom, waar Arie Dwarswaard de bijzondere
collectie boeken van het bollenvak beheert. In de kluis van de bibliotheek van de KAVB ligt een lijvige foliant, uniek want er bestaat maar één exemplaar van. De gekartonneerde bladzijden zijn versierd met een Jugendstil-rand in kleur, mogelijk ook een ontwerp van André Vlaanderen. De band heeft een leren rug met decoratieve blindstempeling en perkamenten platten. Twee metalen sluitingen voorkomen dat het boek onbedoeld opengaat. In het vijftien kilo zware gastenboek staan de handtekeningen van prominente bezoekers aan de tentoonstelling, onder wie de beschermheer van de AVB prins Hendrik, koningin Wilhelmina, koningin-moeder Emma en Theodore Roosevelt en zijn vrouw Edith. Onder de handtekeningen treffen we ook die van een Lisser aan, J. L. Veldhuyzen van Zanten. En passant laat Arie een fotoalbum zien uit 1885 in een rijk versierde band. J.H. Krelage was in dat jaar 25 jaar voorzitter van de AVB. De leden lieten zich fotograferen en het album met foto’s kreeg Krelage als geschenk. Mocht iemand op zoek zijn naar een foto van een Lissese bollenkweker uit die tijd, dan is de kans groot dat die in het
album zit. ■

 

Schriftspiegel, Oud-Nederlandse handschriften van de 13de tot in de 19de eeuw.

Nieuwsflits

Nieuwsblad Jaargang 21 nummer 3, 2022

Peter Horsman is gewaardeerd lid en vrijwilliger van de VOL. Onlangs heeft hij samen met Peter Sigmond een boek uitgegeven bij Uitgeverij Verloren met de titel ” Schriftspiegel, Oud-Nederlandse handschriften van de 13de tot in de 19de eeuw”.

Schriftspiegel is een handboek voor een ieder die het handschrift van onze voorouders wil lezen. Een oefenboek vol uiteenlopende teksten uit alle eeuwen: oorkonden, notariële akten, brieven, journalen, rekeningen, gerechtelijke vonnissen, pagina’s uit doop- en trouwboeken. Alle teksten zijn voorzien van korte verklarende inleidingen.

Het boek Schriftspiegel heeft 296 bladzijden en is verkrijgbaar bij onze lokale boekhandel Grimbergen voor de prijs van € 35.

Peter, van harte gefeliciteerd met de uitgave van dit mooie en waardevolle boek

Boek: Strijd om de Keukenhof

Jaap ten Wolde schreef een jeugdboek dat machinaties rond kasteel Keukenhof als onderwerp heeft. Ten Wolde, een forensisch accountant die zijns inziens ten onrechte een berisping van de Accountantskamer kreeg, verwerkte in dit boek zijn ervaringen met corruptie en witteboordencriminaliteit.

Nieuwsflits

Nieuwsblad jaargang 21 nummer 2, 2022

Jaap ten Wolde schreef een jeugdboek dat machinaties rond kasteel Keukenhof als onderwerp heeft. Ten Wolde, een forensisch accountant die zijns inziens ten onrechte een berisping van de Accountantskamer kreeg, verwerkte in dit boek zijn ervaringen met corruptie en witteboordencriminaliteit. Criminelen willen de tuinen van Keukenhof vernietigen en omzetten in bouwgrond voor woningen. Twee jeugdvrienden krijgen weet van de plannen dankzij hun ontdekking van vluchttunnels binnen en buiten kasteel Keukenhof. Zij roepen de hulp in van een journalist van Follow the Money. Gemeenteraad en B&W van Lisse spelen een rol in dit uiteraard verzonnen verhaal over omkoping en afpersing.

Het boek verscheen eind 2021 in eigen beheer en kost €12,95. Het is o.a. verkrijgbaar bij Grimbergen Boeken.

 

‘Rijnland in de donkere eeuwen’

Freek van der Lugt heeft een boek geschreven over Het Rijnland vanaf 6000 jaar geleden tot 1100. Archeologische vondsten van de Kelten, de Romeinen, de Cananefaten en de Friezen worden beschreven en uitgelegd.

Nieuwsflits

Nieuwsblad jaargang 21 nummer 1, 2022

Eind 2021 is een bijzonder interessant boek verschenen met als titel ‘Rijnland in de donkere eeuwen’ geschreven door de Oegstgeester Freek Lugt. Het beschrijft Rijnland vanaf de vroegste periode toen het gebied, zo’n 6000 jaar geleden, gevormd werd. De Kelten waren hier 500 jaar voor Christus aanwezig, zoals Freek Lugt met duidelijke toelichting van archeologische vondsten aantoont. Ook het verblijf van de Romeinen hier met name aan de oude Rijn, zoals het Praetorium Agrippinnae bij Valkenburg, wordt in dit boek uitvoerig beschreven. Verder wordt er aandacht besteed aan de aanwezigheid van de Friezen in deze streek (Holland werd toen nog Frisia genoemd), de Cananefaten en de komst van de Franken. Met de komst van Gerulf de Fries in Rijnsburg aan het einde van de Vikingentijd rond 885 begon het Graafschap Holland. Gerulf is de stamvader van de Graven van Holland. De beschrijving van dit boek gaat door tot ca. 1100, toen voor het graafschap de naam Holland werd gekozen.
Kortom een bijzonder lezenswaardig boek dat €34,50 kost met 303 pagina’s en zeer veel prenten en kaarten!

Rijnland in donkere tijden

Parelje: Klein Veenenburg, inspiratie voor C. Kieviet

C. J. Kieviet was de schrijver van de boeken van Dik Trom. Hij was onderwijzer in Lisse. In het boek ‘De hut in het bosch’ is veel van de omgeving van Veenenburg te herkennen. Een bollenfamilie ziet het duin- en bosgebied veranderen in kaal bollenland.

Ria Grimbergen

Nieuwsblad jaargang 21 nummer 1, 2022

Een verliefde jongeman pakt in 1879 zijn pen op en schrijft een ode aan Lisse. Hij is dat jaar benoemd als hulponder-wijzer aan de Openbare School. Volg de Veenenburgerlaan, spoort hij aan. Daar woont op Klein Veenenburg het meisje van wie hij houdt. De dichter is C. Joh. Kieviet en na deze eerste ongepubliceerde pennenproef zouden 48 kinderboeken van zijn hand verschijnen. Een ervan staat in de bibliotheek van de VOL en niet zonder reden. Het speelt zich af in Lisse in het bos bij het landgoed Veenenburg.

Ontmoeting met Gezina

C. Joh. Kieviet werd in 1858 in Hoofddorp geboren als tiende kind van een timmerman. Zijn oudere broer Laurens kreeg een aanstelling als schoolhoofd van de nieuwe school met onderwijzerswoning in Lisserbroek. In het bevolkingsregister van de Haarlemmermeer wordt Johan als inwonend bij zijn broer in Lisserbroek bijgeschreven. Na een baan op een school in Vijfhuizen, wordt hij in 1879 hulponderwijzer aan de Openbare Lagere School in Lisse. In die tijd leert hij Gezina Veldhuyzen van Zanten kennen. Zij zou Engelse of Franse les gekregen hebben van Kieviets broer Laurens. In 2019 verscheen een biografie van Kieviet, geschreven door zijn achterkleinzoon Ton van der Lee. Volgens de familieverhalen verloor hij zijn hart toen een elegant geklede jonge vrouw op het Vierkant uit een koets stapte. Johan dirigeerde een koortje, waarin haar veel jongere zusje Agnes zong. De hulponderwijzer spelde een briefje met een voorstel voor een ontmoeting aan de binnenkant van de schortzak van het meisje, dat zij ongezien aan Gezina moest geven. Geheime afspraakjes volgden. Een jaar daarna maakte Kieviet zijn opwachting bij de ouders van zijn bruinharige beminde. Als hulponderwijzer verdiende hij een klein loontje, te weinig om een gezin fatsoenlijk te onderhouden. De ijverige jongeman studeerde hard voor zijn hoofdakte, maar mocht zich pas in 1881 met Gezina verloven. Een jaar daarna had hij de hoofdakte op zak en kreeg een baan als onderwijzer in Den Haag. Nadat Kieviet in 1883 een aanstelling kreeg als hoofd van een school in Etersheim in Noord-Holland, kreeg hij toestemming met Gezina te trouwen. Op 4 oktober 1883 werd het burgerlijk en kerkelijk huwelijk (NH) in Lisse gesloten. Het schooltje met schoolmeesterswoning in Etersheim was nieuw en geknipt voor het paar, dat een mooie toekomst tegemoet leek te gaan. De zwangerschapppen van Gezina verliepen echter dramatisch. In de loop van de eerste huwelijksjaren baarde zij vijf voldragen kinderen, die allen levenloos geboren werden. Een zesde kindje kwam levend ter wereld. De grote vreugde sloeg om in verdriet toen het jongetje dood in zijn wiegje werd gevonden. Na negen jaar huwelijk werd in 1892 een gezonde zoon Marinus Laurens geboren, in 1893 gevolgd door een dochter, Gretha.

De hut in het bosch

Landhuis Veenenburg

In zijn vrije tijd schreef Kieviet kinderboeken, waaronder ‘Uit het leven van Dik Trom’, een verhaal over
een kwajongen met een goed hart. Dik was geenvoorbeeldig jongetje als de kinderen in de negentiende-eeuwse boekjes. Een omslag in kinderboekenland. Pedagogen waarschuwden voor het slechte voorbeeld, maar Dik werd populair bij de jeugd. Het bos bij de Veenenburgerlaan uit Kieviets gedicht, komt terug in ‘De hut in het bosch’, dat in 1905 verscheen. Evenals Dik halen de kleinkinderen van grootvader Bolland van den Heuvel ondeugende
streken uit. Het boek geeft een levendig beeld van het leven van een bollenfamilie. In de figuur van grootvader Bolland van den Heuvel beschrijft Kieviet zijn schoonvader Marinus. In de vakantie stroomt zijn huis in Lisse vol met logés, kinderen en kleinkinderen die buiten de Bollenstreek wonen. Marinus Veldhuyzen van Zanten woonde op ‘Klein Veenenburg’, eerst met zijn vrouw, vijf dochters en vijf zonen, later met alleen zijn ongetrouwde dochter Agnes.. Het bos ligt tegenover het huis aan de overkant van de weg, een wildrijk gebied. Eigenaar is de driftige baron
van Beerenbroeck, waarin Arnoud Hendrik baron van Hardenbroek van Ammerstol van het landgoed Veenenburg te herkennen valt. Een onaangenaam mens, die zijn boswachter opdracht geeft te jagen op de katten van grootvader, die wel eens een konijn of haasje verschalken. De baron is verantwoordelijk voor de teloorgang van het bos. Kieviet beschrijft hoe heuvels worden afgegraven en bomen geveld. De boswachter gebruikt meer de bijl dan het geweer.
Het mooie bos zal verdwijnen, maar de baron denkt alleen aan de goede bollengrond die dat oplevert.

Recensies
Het boek kreeg in 1905 een paar recensies, die gematigd positief zijn. De recensenten vinden het onderhoudend,
aardig, gezond-humoristisch, met prettige beschrijvingen van dolle avonturen. Sommige gedeelten zijn echter te langdradig en het is lastig om de vele familieleden uit elkaar te houden. Een recensent heeft als bezwaar dat
dieren als gevoelloos speelgoed worden beschouwd. De tekeningen van A. Beerends kunnen niet bekoren. De
een vindt ze een mislukking, de ander vindt dat de tekenaar een wonderlijke visie op kinderen heeft. Op de eerste bladzijde staat al een tekening van een poes die het eindje van zijn staart aan een touwtje heeft, ervan afgeschoten door de boze boswachter.

Voor de tweede druk uit 1916 maakte Joh. Braakensiek de tekeningen. Een voor de hand liggende keuze, want mede dankzij deze illustrator had Dik Trom triomfen gevierd. Toch koos uitgever Valkhoff voor de vierde druk uit 1927 voor de begaafde tekenaar Jan Lutz. Bij uitgever Mulder verscheen in 1949 de druk die in het bezit is van de bibliotheek van de VOL, aangepast aan de nieuwe spelling en met de plaatjes van Lutz. Drie jaar voor ‘Het huis in
het bosch’ verscheen, kreeg Kieviet een baan als hoofdonderwijzer bij een openbare school in Zaandam. Op 59-jarige leeftijd ging hij wegens gezondheidsproblemen met pensioen en verhuisde naar Wassenaar. In 1931, een jaar na de dood van zijn vrouw, overleed Kieviet in in de Mariastichting in Haarlem.

Gebruikte literatuur en bronnen:
Ton van der Lee: Kieviet, Biografie van de schrijver van Dik Trom (2019).
Met dank aan Ton van der Lee voor het gedicht ‘Lisse’ in handschrift.
Deen Boogerd over Kieviet in Nieuwsblad van VOL, jrg. 13-1 (jan-2014), p. 36-37.
Lisse Tijd Reis

Johannes Cornelis Kiviet

 

Makelaars in kennis: boek over Swets & Zeitlinger

Historicus Bram Bouwens schreef een boek over Swets & Zeitlinger 1901-2014.

Nieuwsflits

Nieuwsblad jaargang 21 nummer 1, 2022

De geschiedenis van Swets & Zeitlinger, 1901-2014. (AUP). Historicus Bram Bouwens schreef een boek over een multinational die jarenlang was gevestigd in Lisse. Het is de geschiedenis van de opomst en tragische ondergang van Swets & Zeitlinger, een wereldwijde speler in de handel in wetenschappelijke boeken en tijdschriften. Begonnen in 1901 als handel in oude en nieuwe boeken groeide het bedrijf onder leiding van de naamgevers uit tot een internationaal gerespecteerde firma. Eind jaren zestig werd de voorraad van Amsterdam naar Lisse verhuisd. Al vroeg zag men het belang in van automatisering. In de Lissese vestiging stonden indrukwekkende IBM-computers. In 1997 werd een nieuw pand aan de Heereweg in gebruik genomen. In 2012 vertrok het bedrijf van Lisse naar Leiden en in 2014 viel het doek en was de ooit zo bloeiende onderneming failliet. Voor de vele Lissers die gewerkt hebben bij Swets en geïnteresseerden in bedrijfsgeschiedenis een must. Het boek is verkrijgbaar bij Grimbergen Boeken voor de prijs van €24,95.

 

PARELTJE: Parelduiken in Lisse Tijd Reis

Inmiddels is veel ingebracht in de database. Op internet is die via Lisse Tijd Reis na inloggen te raadplegen voor leden van de Vereniging Oud Lisse.

Ria Grimbergen

Jaargang 20 nummer 3, 2021

‘Ik heb een Pareltje voor je” zegt Jos van Bourgondiën, bibliothecaris van de CHVOL. Jos is hier volkomen op zijn plek. Hij heeft een grote liefde voor boeken, vooral op filosofisch en historisch terrein. Dat geldt ook voor zijn collega’s Peter Vink en Leen Sijpesteijn. Peter beheerde voorheen de collectie van het Museum De Zwarte Tulp en is een verwoed lezer van Russische literatuur. Leen verzorgt onder andere de invoer van nieuwe boeken in de database. Peter ondersteunt bij de beschrijving van boeken, de invoer in de database en het plaatsen van de aanwinsten in de kasten. Gedrieën zijn zij elke dinsdagmorgen te vinden op de bovenste verdieping van de Vergulde Zwaan, die nog
zo prettig naar vers hout ruikt. In de diepe archiefkasten staan de boeken netjes geordend op nummer. Inmiddels is veel ingebracht in de database. Op internet is die via Lisse Tijd Reis na inloggen te raadplegen voor leden van de
Vereniging Oud Lisse onder het label Tabellen, en vervolgens Boek. Het is heerlijk grasduinen in de lijst, die is opgedeeld in categorieën. Onder het kopje ‘Algemene historie Lisse’ staan de populaire fotoboeken van Herman van
Amsterdam en Peter van der Voort, maar ook een zeldzaam werkje uit 1943 van J. P. Raaphorst over de geschiedenis van de Parochie St. Agatha. Aanleiding was de stichting van de parochiekerk een eeuw eerder. Pastoor G. P. A. van Zuylen schrijft in zijn

Parelduiken in Lisse Tijd Reis
inleiding dat het eeuwfeest door de tijdsomstandigheden sober zal worden gevierd. De rubriek Bloembollencultuur is zeer uitgebreid en gevarieerd. Werk van Nieuwsblad-redacteur Arie in ’t Veld is goed vertegenwoordigd in deze categorie, naast het lijvige boekwerk ‘Drie eeuwen bollenexport’ van E. H. Krelage, de ‘bollenbijbel’ die de geschiedenis van de Nederlandse bollenhandel tot 1938 beschrijft. Aardig is een boekje uit 1916 van R. Schuiling over de bloembollenvelden in Lisse, dat hoorde bij de gelijknamige schoolplaat. De Parkgidsjes van Keukenhof en de corsoprogrammaboekjes vallen onder gelegenheidsdrukwerk, dat vaak in de papierbak belandt en verloren dreigt te gaan. Dat geldt ook voor adresboekjes en gemeentegidsen van Lisse. In een reguliere bibliotheek wordt dit drukwerk niet bewaard, maar dankzij de bibliotheek van de CHVOL zijn ze raadpleegbaar. Natuurlijk staan in de bibliotheek
ook de werken van streekhistoricus A. M. Hulkenberg en zijn opvolger Rob Pex, evenals die van Nieuwsblad-redacteur Arie in ’t Veld. Voor mensen die meer willen weten van de geschiedenis van Lisse onontbeerlijke naslagwerken door de uitgebreide registers en literatuurverwijzingen. Bijna alle boeken zijn geschonken. Penningmeester Jasper de Jong krijgt een enkele maal een verzoek geld beschikbaar te stellen voor een uitgave die onmisbaar is voor de collectie. Een belangrijke aanvulling was de nalatenschap van Bert Kölker. Kölker had bij
leven al veel boeken geschonken aan de bibliotheek, maar na zijn overlijden kwam zijn verzameling terecht bij de CHVOL. Veel daarvan wacht nog op archivering.

Genealogie van het geslacht Vreeburg Lisse

In mei 2021 is het boek ‘genealogie van het geslacht Vreeburg Lisse’ verschenen. Het is geschreven door  Cees Laken. Zijn moeder heette Vreeburg. De VOL heeft via Arie de Koning een boek ontvangen.

Nieuwsflits

Nieuwsblad Jaargang 20 nummer 3, 2021

n mei 2021 is het boek ‘genealogie van het geslacht Vreeburg Lisse’ verschenen. Het is geschreven door  Cees Laken. Zijn moeder heette Vreeburg. De VOL heeft via Arie de Koning een boek ontvangen. In mei 2021 is het boek “Genealogie van het geslacht Vreeburg Lisse” verschenen, geschreven door de auteur Cees Laken uit Den Haag. Zijn moeder heette Vreeburg en haar voorouders komen uit Lisse. Ons deskundig lid van de VOL, Arie de Koning, heeft hem geholpen om de genealogie van zijn voorouders Vreeburg in Lisse op te sporen. De familie Vreeburg is in Lisse vanouds al een zeer bekende familie. Met o.a. Juriaan Bruijnsz Vreeburg (ca.1635-1706), meester timmerman en aannemer is de oudst bekende Vreeburg uit Lisse is en volgens het trouwboek van de Agathaparochie uit Bergen bij Alkmaar afkomstig is, trouwde in 1660 met Duijfje Warboutsdr Seestraten. Ze woonden in het centrum van Lisse tegenover het kerkhof, vlakbij of op de plek van de huidige Agatha kerk. Zijn naam komt veel voor in in stukken over de gebieden die hij in Lisse bezat o.a. in Berkhout langs de Veenderweg of Delfweg (zie pag 23 in Nieuwsblad nr 2 van 2021) en als eigenaar van veel gebieden in Lisserbroekerpolder (zie ook kaart A852 van het Hoogheemraadschap Rijnland). Hoewel de oudste zoon en ook de kleinzoon van de stamvader Juriaan Bruijnsz Vreeburg allemaal timmermannen waren, had de achterkleinzoon van Juriaan Bruijnsz Vreeburg, Bruijn Juriaansz (1736-1799) niets op met het timmerberoep van zijn grootvader en vader en vertrok naar Voorschoten waar hij schipper werd. Vandaar uit verhuisde zijn kleinzoon Johannes Adrianus (Joes) Vreeburg naar Leiden. Zijn zoon Juriaan Johannes Vreeburg (1827-1915) is de stamhouder van de in dit boek nader beschreven tak van de Vreeburgen. Zijn zoon Bernard Vreeburg (1877-1953) werd slager in Leiden en staat afgebeeld op de voorpagina van dit boek. Het boek omvat 105 pagina’s met ca. 80 afbeeldingen. Het boek is in eigen beheer door Cees Laken uitgegeven en kost €22,50/ex en kan via de Vereniging ‘Oud Lisse’ worden gekocht.

Duinflora bij Rustoord

Sporen van vroeger  (LisserNieuws)                                                             

8 juni 2021

 door Nico Groen

Rond het woonzorgcentrum Rustoord ligt al een tiental jaren een braakliggend terrein van ruim twee hectaren. Het was voor een deel de tuin van Rustoord, van het gesloopte oude bejaardenhuis en van het gesloopte Austria. Hier heeft zich sindsdien een buitengewoon soortenrijke vegetatie met veel bijzondere soorten ontwikkeld. Helaas is aan nieuwbouw in de nabije toekomst niet te ontkomen.

Dit hele gebied behoort tot de strandwal tussen de Heereweg en de Achterweg. Dit oude duingebied is al voor 1600 afgegraven ten behoeven van de teelt van groenten, kruiden en later bloembollen. Hier waren tot de zestiger jaren tuinbouwbedrijven gevestigd. De opbouw van de ondergrond bestaat uit een toplaag tot een diepte van -6 m. NAP van zand met daaronder een kleilaag tot -12 m. NAP, dieper dan 12 meter bestaat de bodem voornamelijk uit zand en grind. Een echt duingebied dus met een laag duinzand van 6 meter. Doordat er de laatste 50 jaar niet op werd geteeld en bemest, is de vroegere bemesting uit de bovenlaag naar beneden gespoeld. Alles bij elkaar is dit een goed milieu om duinvegetatie te ontwikkelen en dat is dan ook volop gebeurd.

Zeldzame duinplanten

In 2016 en 2017 is een inventarisatie gemaakt van de wilde planten door Jelle van Dijk van het Milieu Overleg Duin- en Bollenstreek (MODB). De resultaten zijn vastgelegd en uitgegeven door de Vereniging voor Natuur- en Vogelbescherming Noordwijk in een indrukwekkend boekwerk ‘Van Aardaker tot Zwanenbloem’ waarvan het terrein bij Rustoord ook deel uitmaakte.

Als eerste moet het Gekield druifkruid worden genoemd. In juli 2017 groeiden hier  bij Rustoord ruim 350 planten van deze zeldzame soort, waarvan tot nu tot pas 15 groeiplekken in Nederland gevonden zijn, meestal in de duinen. Bij Rustoord werden lage planten van nauwelijks 10 cm hoog naast exemplaren van meer dan een meter gevonden.

Dicht bij de ingang van Rustoord groeiden zo’n honderd forse planten van de Alsemambrosia, de bekende hooikoortsplant. Blijkbaar was er binnen de muren van Rustoord geen sprake van opvallend veel niezende bewoners, want men liet zowel in 2016 als in 2017 de planten ongemoeid.

In de zuidwesthoek van het terrein,  daar waar de gebouwen van Austria hebben gestaan, werden ook soorten, die in de duinen groeien gevonden. Er groeiden soorten als Duin-averuit en Koningskaars. In deze hoek waren ook Wilde peen, Wilde marjolein, Ruig klokje en Bergroos te vinden.

De begroeiing op het veld aan de noordkant werd in 2017 gedomineerd door honderden planten van de Esdoorn-ganzenvoet. Deze soort staat op de Nederlandse Rode lijst van planten als zeldzaam beschreven. In het bosje waren tot op 10 meter hoogte de bladeren en druiventrossen van de Wijnstok te zien.

Op 7 januari 2021 is het voorontwerp bestemmingsplan Trompenburg gepresenteerd. Het betreft de terreinen van Rustoord en Austria. Hier komt woningbouw in de niet zo verre toekomst. Dan zal er een einde komen aan deze duinvegetatie.

Foto: De kaft van het boek ‘Van Aardaker tot Zwanenbloem’ uit 2018 door Jelle van Dijk en Hans van Stijn.