Berichten

Waarom heet boerderij De Wolff zo?

De bewoningsgeschiedenis van boerderij de Wolff wordt beschreven.

Sporen van vroeger (LisserNieuws)

12 maart 2019

door Nico Groen

Naar aanleiding van de vorige columns in Sporen van Vroeger over boerderij De Wolff vroegen diverse mensen waarom deze boerderij ‘De Wolff’ genoemd wordt. Van 1823 tot 1850 boerde hier Jan Wolff. De boerderij was vanaf 1797 in bezit van zijn vader, Caspar Wolff.

Op de woning staat een gevelsteen met het jaartal 1603 er op. Vast staat in ieder geval dat op deze plek vóór 1612 een nieuwe boerderij is gebouwd. Dit zou dus heel goed 1603 geweest kunnen zijn. Vóór die tijd staat er echter ook al een bedoening. Deze plek wordt voor het eerst in 1528 genoemd. De eigenaren tussen 1528 en 1779 zijn bekend. Daarbij is echter niemand die De Wolff heet.

Caspar (Casparus Hendricus) Wulff of Wolff is in 1774 geboren bij Osnabrück in Duitsland. In 1792 als hij 17 jaar is, woont hij in Amsterdam en wordt ingeschreven als leerknecht bij een chirurgijn (dokter). Hij wordt later zelf een bekende chirurgijn. Hij trouwt in 1797 met Huberta Verdegaal, die op boerderij Welgelegen aan de Heereweg bij de Vuursteeglaan in Lisse geboren is. Haar vader is Jan Verdegaal en haar moeder is Willemijntje Vreeburg.

Caspar en Huberta krijgen in 1797 ‘bij donatie’ van Jan Verdegaal een bouwmanshuis (de latere boerderij de Wolff) en de landerijen er omheen. Dit bouwmanshuis is al in 1779 gekocht door Jan Verdegaal. Caspar Wolff koopt in 1803 meer grond rondom de boerderij. Het echtpaar heeft daar echter zelf nooit gewoond maar is na hun trouwen aan ’t Vierkant gaan wonen. Hij is hier chirurgijn tot 1828. Dan vertrekken zij naar Oegstgeest.

Jan Verdegaal is in 1823 overleden. Huberta erft dan definitief boerderij De Wolff en de landerijen van haar vader. Huberta’s zus Maryte is getrouwd met Jacob Riggel. Zij erft Boerderij Welgelegen op de hoek van de Heereweg en de Vuursteeglaan.

Johannes (Jan) Wolff

Uit het huwelijk van Caspar en Huberta zijn 14 kinderen geboren, waarvan Jan de oudste zoon is. Hij is geboren in 1799. Hij trouwt in 1823 met Petronella van der Geest en na haar overlijden met Adriana Kester. Hij gaat in 1823 boeren op de latere boerderij De Wolff, maar zijn ouders blijven eigenaar van de boerderij met het woonhuis en de landerijen, die zich uitstrekken van de Stationsweg tot de Speckelaan.

Verkoop aan landgoed Keukenhof in 1850

In 1848 overlijdt Huberta. Caspar besluit zijn landerijen in 1850 te verkopen aan mevrouw Steengracht, de echtgenote van Baron van Pallandt van Keukenhof. Het betreft de woning, de boerderij en alle percelen (28 ha) tussen de Speckelaan en de Stationsweg. Caspar zelf overlijdt in 1856. Zijn zoon Jan Wolff heeft sinds 1823 al die tijd op de boerderij gewoond en gewerkt. Als de boerderij verkocht wordt in 1850, stopt hij met boeren en gaat wonen op ’t Vierkant. Hij overleed in 1867.

De familie Wolff heeft dus van 1797 tot 1850 de boerderij met woonhuis in bezit gehad en het is niet vreemd dat de boerderij naar hen vernoemd is. In de loop der jaren is het echter boerderij ‘De Wolff’ geworden en niet boerderij ‘Wolff’ of ’Van Wolff’. Vóór de tijd van Wolff werd de boerderij ‘Het bouwmanshuis van Berkhout’ genoemd. Daar was toen het bos van Landgoed Berkhout.

De kopgevel van de woning is door het groen bijna niet te zien. Foto: Cultuurhistorisch Genootschap Duin- en Bollenstreek

De woning van De Wolff is een monument

De monumentale status van de woning wordt besproken. In deze woning zit een gewelfde kaaskelder die duidt op de oude stal, die hier vroeger was. 

Sporen van vroeger  (LisserNieuws)

26 februari 2019

door Nico Groen 

Zoals u ongetwijfeld heeft gelezen heeft de eigenaar van de bollenschuur van boerderij De Wolff het plan de bollenschuur, die aan het woonhuis is gebouwd, te slopen. Dit om een nieuwe woning te bouwen los van het bestaande huis. Daartoe moet het bestemmingsplan ter plaatse gewijzigd worden. Het college van B&W van Lisse heeft daar in principe geen bezwaar tegen. Tegen dit plan zijn zienswijzen ingediend om sloop van de bollenschuur te voorkomen. De vraag is of de staat van de schuur en de cultuurhistorische waarde ervan zodanig zijn, dat ook de bollenschuur een gemeentelijk monument kan worden.

 

De woning met een gevelsteen waarop 1603 staat, is al een gemeentelijk monument. Het was vroeger een woning met aangebouwde stal (boerderij De Wolff). Later is de stal bij de woning getrokken om een groter woonhuis te realiseren. Bij de redengevende omschrijving van het monument door de organisatie Dorp, Stad en Land is te lezen, dat het huis zijn waarde ontleend aan 17e eeuwse elementen met 18e eeuwse aanpassingen in de woning. Volgens de beschrijving zijn deze bijzondere elementen en de ouderdom hiervan van bijzonder hoge architectonisch historische en unieke waarde.

Gewelfde kaaskelder

Het oudste gedeelte is een gewelfde kaaskelder met gemetselde trap en gewelf uit het begin van de 17e eeuw. Dit is een overblijfsel van de oude stal. Ook de plavuizenvloer en een alkoof komen uit die tijd. Het tegelwerk in de keuken stamt uit de 18e eeuw. In de kamers zijn tegelplinten met op de tegels een scala aan kinderspelen en dierfiguren. De woning heeft overal kenmerkende balkenplafonds. De bovenverdieping was vroeger in gebruik als hooizolder. Daar zijn nog oude gebinten en spanten met pen en gat verbinding te zien. Dus zonder spijkers of schroeven.

De voorgevel is aan de lange kant van het huis en is te zien vanaf de Stationsweg. Het geheel bestaat uit één bouwlaag met een hoog en steil dak. Nagenoeg in het midden van de voorgevel is de voordeur met daarboven een bovenlicht met een levensboom. Links daarvan zijn 2 hoge raampjes met nog een deur helemaal aan de zijkant. Zijn dit overblijfselen van de aangebouwde stal?

Sinds kort is duidelijk dat de bollenschuur in 1908 tegen de woning is aangebouwd en niet in de zestiger jaren, zoals beschreven staat bij de beschrijving van de monumentale woning. Met dit rapport is men toen op het verkeerde been gezet en daardoor werd de schuur niet monumentwaardig bevonden. Het Cultuur Historisch Genootschap Duin- en Bollenstreek en de VOL streven alsnog toewijzing tot monument na.

In de door hen ingediende zienswijze om behoud van de bollenschuur staat onder andere dat juist de combinatie van groot cultuurhistorisch belang is: de combinatie van de boerenhoeve (huis en aangebouwde stal) uit de 17e eeuw met de bollenschuur uit 1908 en de veranderingen aan het geheel in de loop van tijd. De lage venige strandvlakte tussen de Van Lyndenweg en het vroegere Berkhouterduin (waar nu ongeveer woonzorgcentrum Berkhout is) was vroeger in gebruik als boerengrond met veeteelt (vandaar de kaaskelder). Later werd het zand vanuit de ondergrond naar boven gehaald. Hierdoor ontstond een voor bollenteelt ideale zandgrond Daarom is toen de bollenschuur gebouwd.

Het hele verhaal van verandering van natuur naar kleinschalige landbouw en vervolgens naar onze befaamde bloembollencultuur is bij de woning met de aangebouwde stal, gecombineerd met de bollenschuur goed zichtbaar te maken en mooi te vertellen.

De voorgevel van de woning met 2 deuren.
Foto: Nico Groen

 

 

Foto: Nico Groen

Sloop van de bollenschuur van De Wolff?

Het CHG heeft, samen met de VOL daarom een zienswijze ingediend om de bollenschuur van De Wolff te behouden voor de toekomst. Argumenten worden genoemd.

Sporen van vroeger (LisserNieuws)   

12 februari 2019

door Nico Groen

De eigenaar van de bollenschuur van boerderij De Wolff is van plan de bollenschuur te slopen en een nieuwe woning te bouwen los van het bestaande huis. Het betreft het complex op de hoek van de Stationsweg en de Van Lyndenweg. Daartoe moet het bestemmingsplan ter plaatse gewijzigd worden. Het college van B&W van Lisse heeft daar in principe geen bezwaar tegen. De bollenschuur is aan het huis vastgebouwd.

 

De woning vóór de schuur is een gemeentelijk monument en was vroeger een woning met aangebouwde stal (boerderij De Wolff). Later is de stal bij de woning getrokken voor realisatie van een groter woonhuis. Op een kaart uit 1603 staat op deze locatie al een boerderij getekend. Getuigen van de oude bebouwing zijn een 17de eeuwse gewelfde kaaskelder met gemetselde trap en gewelf, een vloer van plavuizen en een alkoof.

In 1908 is aan boerderij De Wolff een bollenschuur gebouwd voor Bollenbedrijf De Vroomen. Een voor die tijd kenmerkende bollenschuur met openslaande, grote deuren voor natuurlijke ventilatie. Later, waarschijnlijk in de dertiger jaren zijn deze hoge deuren vervangen door kleinere stalen ramen. De gevels zijn daarbij gedeeltelijk dichtgemetseld en er zijn ventilatieroosters aangebracht voor mechanische ventilatie van de bollen. Een logisch gevolg van de technische ontwikkelingen in die tijd.

Aan de noordkant is de schuur in de zestiger jaren uitgebreid met een loods. Deze is niet in de stijl van de bollenschuur zelf gebouwd.

De vraag is hoe de bouwtechnische staat van de bollenschuur is. Zou de schuur eventueel behouden kunnen blijven en een nieuwe bestemming kunnen krijgen? Het lijkt van wel. Van de oorspronkelijke muur aan de noordkant van de bollenschuur zijn bijvoorbeeld nog mooie, oorspronkelijke stalen kozijnen aanwezig. Onderzoek daarnaar is wenselijk.

 

Zienswijze

Het CultuurHistorisch Genootschap Duin- en Bollensteek (CHG) zet zich al jaren succesvol in voor het zoveel mogelijk behouden van oude bollenschuren, al of niet met een nieuwe bestemming. Bijvoorbeeld als woonhuis met cultuurhistorisch gezien zo weinig mogelijk veranderingen aan de buitenkant van de betreffende schuur. Zij zijn tegen de sloop van waardevolle bollenschuren, waarvan bij De Wolff sprake lijkt te zijn.

Het CHG heeft, samen met de VOL daarom een zienswijze ingediend om de bollenschuur te behouden voor de toekomst. Landgoed Keukenhof dient zelf een zienswijze in om de bollenschuur vte behouden.

Bij bollenschuren zijn niet alleen de karakteristieke elementen zoals ventilatiedeuren en -ramen belangrijk, maar juist ook de veranderingen als gevolg van ontwikkelingen in de techniek en logistiek rond de bloembollencultuur. Dat heeft soms minder te maken met schoonheid dan met authenticiteit en ontwikkeling van karakter. Ook is de combinatie van de 17de eeuwse hoeve met de bollenschuur van groot belang. Daar is de ontwikkeling zichtbaar van de agrarische ontwikkeling in de Bollenstreek van de 17de tot de 20ste eeuw. Het gebied is gelegen op een plek met zeer hoge landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Het maakte vroeger een tijdlang onderdeel uit van het historisch Landgoed Keukenhof en omgeving (inclusief boerderij De Wolff met bollenschuur) is aangewezen als kroonjuweel cultureel erfgoed. Volgens het CHG en VOL moet ook om deze redenen de bollenschuur niet worden gesloopt.

Aan de zuidkant zijn de kenmerken van de bollenschuur nog goed te zien vanaf de Van Lyndenweg.. Foto: CHG

 

Sloop van de bollenschuur van De Wolff? EEN ZIENSWIJZE IS INGEDIEND.

De eigenaar van de bollenschuur van boerderij de Wolff  is van plan de bollenschuur te slopen en een nieuwe woning te bouwen los van het bestaande huis.

Het CHG Duin- en Bollenstreek heeft, samen met de VOL en Landgoed Keukenhof een zienswijze ingediend om de bollenschuur te behouden voor de toekomst.

klik op onderstaande link om de hele zienswijze te bekijken.

Zienswijze CHG c.s. Stationsweg 1-3 Hoeve De Wolff Lisse

 

Boerderij De Wolff, vanuit het zuiden gezien. Foto CHG Duin- en Bollenstreek

Zwarte Tulpprijs voor Heereweg 429

Sporen van vroeger  (Lisser Nieuws)

door Nico Groen

18 december 2018

De Zwarte Tulpprijs 2018 is voor de eigenaren van de woning met bollenschuur op Heereweg 429. De restauratie is eindelijk klaar. De bollenschuur is nu bij het woonhuis getrokken. De schuur heeft dus een goede herbestemming gekregen. De oorkonde werd 30 november jl. uitgereikt aan de familie door wethouder Kees van der Zwet.

 Gemeentelijk monument

Het gebouw is ontworpen door de bekende Lisser architect C.W. Barnhoorn. Dit in opdracht van bollenkweker W.V. van Beek. De bollenschuur is aan de achterkant van het woonhuis gebouwd. Het vormt samen één geheel. Het precieze bouwjaar is niet bekend, maar ligt rond 1927. Het heeft 2 bouwlagen onder een plat dak met een schoorsteen aan de achterkant. Er zijn  rode bakstenen gebruikt, behalve voor de onderste lagen. Deze zijn vanaf de fundering opgebouwd uit een betere kwaliteit klinkers met hardere specie en vormen een zg trasraam. Naast het tegengaan van optrekkend vocht, werkt het ook tegen binnendringen van vocht van bijvoorbeeld opspattend regenwater. Verder is de kans kleiner dat zouten uit het optrekkende water voor witte uitslag op de gewone stenen zorgen.

In de voorgevel is siermetselwerk aangebracht in de vorm van vooruitspringende stenen. Dit geeft een speels uiterlijk aan de bovenkant van de voorgevel. De borstwering aan de bovenkant van de andere gevels heeft ook  naar voren uitkragende  stenen met een betonnen gevelafdekking. Te zien is dat Barnhoorn geïnspireerd was door art deco en baksteenexpressionisme. Art deco was een populaire stijlbeweging van 1920 tot 1939 die bij bouwwerken ook tot uiting kwam in de decoraties. Het belangrijkste bij baksteen-expressionisme is, dat het ontwerp niets voor hoeft te stellen. Alleen de vorm is belangrijk.

De ramen en deuren van het woongedeelte zijn van hout met een bovenlicht onder een  horizontale roede. De ramen op de verdieping hebben geen roeden.

Moderne schuur voor die tijd

De schuur heeft geen openslaande ramen voor de ventilatie, maar ventilatieopeningen voor mechanische afvoer van de lucht. Het was namelijk een vooruitstrevend ontwerp met elektrische ventilatie voor het drogen en bewaren van de bollen. De stalen ramen kunnen  wel open voor extra ventilatie. De schuur is dus een goed voorbeeld van het type bollenschuur met mechanische ventilatie.

CHG Duin- en Bollenstreek

De Zwarte Tulpprijs wordt jaarlijks uitgereikt aan de eigenaar van een voorbeeld bollenschuur in de Bollenstreek. Het gebouw moet op een voorbeeldige manier heeft behouden zijn of een andere bestemming hebben gekregenen. De Werkgroep Behoud en Herbestemming Bollenerfgoed van het Cultuur Historisch Genootschap  voor de Duin- en Bollenstreek (CHG) beoordeelt al sinds 2003 initiatieven op dit gebied om deze prijs te kunnen toekennen.. De Werkgroep zet zich al meer dan 20 jaar in voor de bollenschuren en ander waardevol erfgoed van de bloembollencultuur in de Duin- en Bollenstreek.

Bovenstaande gegevens komen van de website van het CHG Duin- en Bollenstreek en van de website van oudlisse.nl bij het hoofdstuk Monunumenten. Klik hier om er naar toe te gaan

De woning heeft een fraai front met een mooie decoratie aan de bovenkant. Foto: Nico Groen

 

Lezing op 16 oktober 2018 over de Familie Veldhuyzen van Zanten

                                                                                                                                                     

Het bestuur van de Vereniging Oud Lisse nodigt leden en belangstellenden uit voor een lezing op dinsdag 16 oktober 2018 door:

Arie Dwarswaard

“Familie Veldhuyzen van Zanten”

De familie Veldhuyzen van Zanten is al ruim twee eeuwen een begrip in de Bloembollenstreek. Vooral in de bloembollenteelt en -handel heeft de familie naam gemaakt.

Vorig jaar verscheen het boek “Van vader op zoon”, geschreven door Arie Dwarswaard. Dit boek gaat in het bijzonder over de familie Veldhuyzen van Zanten, die vijf generaties actief was rondom kwekerij Veelzorg aan de Stationsweg in Hillegom. In het boek besteedt hij echter ook enige aandacht aan het bredere verband van de familie.

Dinsdag 16 oktober zal hij het verhaal van deze familie komen vertellen. Wie was de eerste Veldhuyzen van Zanten, wie gingen er in de bollen, en hoe zit het met de Lissese tak?

Op die vragen zal hij deze avond antwoord geven,

Plaats: De Vergulde Zwaan, 1ste Havendwarsstraat 4, Lisse

De zaal is open vanaf 19.30 uur en de lezing begint om 20.00 uur.

Niet leden betalen € 3,00 entree.

Na afloop is er gelegenheid om gezellig na te praten onder het genot van een drankje!

Nadere informatie per e-mail: info@oudlisse.nl

Helmi Beijsens-Berg, Secretaris

De schuur van Veldhuyzen van Zanten in Hillegom. Foto: CHG Bollenstreek

Achterweg-Zuid 86 – Woonhuis met bollenschuur

De bollenschuur is aan het woonhuis vastgebouwd.

Kadaster: B-1338.

Een bollenschuur met een woning er tegen aan

Acacialaan 1 - schuur Lefeber

Acacialaan 1 – Voormalige bollenschuur

Dit was de bollenschuur van de woning vanJ.W. Lefeber op Achterweg 14

Kadaster: C-3469. Bouwjaar: 1887.

Deze bollenschuur, oorspronkelijk behorend bij Achterweg 14, werd in 1886-1887 gebouwd voor bollenkweker J.W. Lefeber. De schuur kreeg een herbestemming als woonhuis. De schuur is van buiten geheel gerestaureerd en werd van binnen geschikt gemaakt als woonhuis. Daarbij is op een uitstekende manier rekening gehouden met de karakteristieke elementen van de bollenschuur, zoals de openslaande ventilatiedeuren en de naam Lefeber op de gevel. Om de toegang tot de nieuwe wooneenheid te regelen is een speciale brug gebouwd die uitkomt in de Acacialaan. Hoewel dus niet meer gelegen aan dezelfde straat blijft aan het gebouwde geheel de vroegere combinatie van wonen en werken in een bollenbedrijf goed af te lezen De initiatiefnemers kregen in 2003 als waardering voor hun inspanning om dit bollenerfgoed te behouden als eersten de Zwarte Tulpprijs uitgereikt. Deze prijs wordt jaarlijks toegekend en is bedoeld om de aandacht te vestigen op het behouden en herbestemmen van bollenschuren.

Acacialaan 1 - schuur Lefeber

De bollenschuur van bollenteler J.W. Lefeber

TENTOONSTELLING ‘BOLLENSCHUREN, ICONEN VAN DE BOLLENSSTREEK’

De ontwikkelingen in techniek en logistiek in het bollenvak zijn bepalend geweest voor de architectuur van bollenschuren. Het boek “De Bollenstreek, Landschap & Erfgoed van de Bloembollencultuur” is uitgebracht. 

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)

27 december 2016

door Nico Groen 

In museum De Zwarte Tulp in Lisse is de tentoonstelling: ‘Bollenschuren, Iconen van de Bollenstreek’ te te zien. Daarin staan de architectuur, de betekenis voor het landschap en het hergebruik van bollenschuren centraal.
Bollenschuren zijn sinds het eind van de 19de  eeuw gebouwd voor de opslag en verwerking van bloembollen. De ontwikkelingen in techniek en logistiek in het bollenvak zijn bepalend geweest voor de architectuur van bollenschuren.
Dit erfgoed vertelt het verhaal van de bloembollencultuur. Daarom heeft museum De Zwarte Tulp, dat zelf ook gevestigd is in een voormalige bollenschuur, besloten hieraan een wisseltentoonstelling te wijden.
 
Iconen van de Bollenstreek
Bollenschuren zijn zo karakteristiek voor de Bollenstreek dat ze als iconen van het landschap worden beschouwd. Daarom staan steeds meer bollenschuren op de monumentenlijst en krijgen ze ook steeds vaker een nieuwe functie. De tentoonstelling laat ook zien hoe bijzonder het is om in een bollenschuur te wonen en te werken. De  samenwerking tussen het museum en de werkgroep Bollenerfgoed van het CultuurHistorisch Genootschap Duin- en Bollenstreek (CHG) heeft een verrassende tentoonstelling opgeleverd. Er zijn niet alleen foto’s van bollenschuren gebruikt, maar er zijn zelfs twee types bollenschuren in het museum nagebouwd. Daardoor kun je de bollenschuur niet alleen zien, maar ook voelen, horen en zelfs ruiken!

Interieur van bollenschuren
Bollenschuren zijn gebouwd als opslag- en werkruimte voor de bollenkwekers. In de schuur werden de bloembollen gedroogd op houten stellingen. Het grootste deel van de schuur werd daardoor in beslag genomen. Daarnaast was er een werkruimte om de bollen te pellen, te sorteren en te verpakken en tevens een kantoor voor de directie en administratie.
De houten stellingen in de schuren vormen tevens de dragende constructie van de bollenschuur. Soms zijn deze stellingen nog intact, vaak zijn ze al vervangen door een staalconstructie, vooral als de bollenschuur een niet-agrarische bestemming heeft gehad.

Bescherming en herbestemming
De Werkgroep heeft veel onderzoek gedaan naar bollenschuren en geeft advies aan eigenaren en overheden. Door middel van boeken, fietsroutes, lezingen en de jaarlijkse Zwarte Tulp prijs wordt het karakteristieke bollenerfgoed onder de aandacht gebracht.
Zo is onlangs een prachtig lijvig boek “De Bollenstreek, Landschap & Erfgoed van de Bloembollencultuur” uitgebracht door de werkgroep. Het boek laat een samenhang zien tussen de sociale, geografische en economische aspecten van de bloembollencultuur met een belangrijk hoofdstuk over het bollenerfgoed. De focus ligt op herbestemming van bollenschuren, woonhuizen en villa’s. Inmiddels zijn 94 bollenschuren een monument geworden.
 
Te zien tot 19 februari 2017
De tentoonstelling ‘Bollenschuren, Iconen van de Bollenstreek’ is nog te zien tot en met 19 februari 2017. Museum De Zwarte Tulp is gelegen aan ‘t Vierkant, Heereweg 219, 2161 BG in Lisse.
Veel van wat hierboven beschreven staat is ontleend aan de website www:bollenschuren.nl, waar nog veel meer info over bollenschuren is te vinden. Dit is een website van de werkgroep Bollenerfgoed van het CHG Duin- en Bollenstreek. Dit is de overkoepelende organisatie van alle historische verenigingen in de Duin- en Bollenstreek, waaronder de Cultuur-Historische Vereniging “Oud Lisse”.

Huis annex bollenschuur Heereweg 289/Zwanendreef 2A is een rijksmonument. Foto van de homepage van website www:bollenschuren.nl

DE VERGULDE ZWAAN OPEN OP MONUMENTENDAG

De Vergulde Zwaan was vroeger een bollenschuur, gebouwd in 1910 en hoorde bij Schoolstraat 18. De bouw, de eigenaren en het gebruik door de jaren heen worden beschreven.

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)

23 augustus 2016

door Nico Groen             

De Open Monumentendag is dit jaar op zaterdag 10 september. Ook het servicecentrum van de Cultuur-Historische Vereniging “Oud Lisse” is die dag geopend voor het publiek.
Het landelijk thema voor deze dag is ‘iconen en symbolen’. Lisse heeft veel bijzondere gebouwen. Daarom laat de Vereniging in haar servicecentrum aan de 1e Havendwarststraat 4 een expositie zien met veel foto’s van Lissese gebouwen. Zowel oude foto’s als wat modernere zet men naast elkaar. Dit om te laten zien hoe zo’n gebouw er vroeger uit zag en hoeveel er is veranderd in de loop van de tijd. Ook is er een fotoselectie gemaakt van allerlei symbolen in Lisse. Het resultaat is zeker de moeite waard om langs te komen op die zaterdag.

Het rechter gedeelte van het servicecentrum is van oorsprong een bollenschuur. Deze is in 1910 gebouwd en behoorde bij de woning Schoolstraat 18.  Ruim honderd jaar geleden dus.
Leo van Ruiten kocht de woning en de bollenschuur in 1938, toen hij ging trouwen met Truce Beelen.
In de jaren vijftig is aan de zuidkant van de bollenschuur een nieuwe lagere schuur gebouwd door aannemer Schaap.  Deze was bestemd voor een pakplaats en voor enkele klimaatcellen om bollen te drogen.
Leo van Ruiten overleed in 1977 en had geen opvolger. In 1979 kocht de Hobaho van zijn vrouw de bollenschuur en de naast liggende schuur om er een nieuwe drukkerij te vestigen. De oude inpandige drukkerij voldeed niet meer. In de oude bollenschuur, waar nu de zaal is waar Oud Lisse gebruik van maakt, kwamen de drukpersen te staan.
Boven kwam het archief van de Hobaho. Vanwege het gewicht moesten daarom stalen binten worden gemaakt, die nog op de benedenverdieping te zien zijn. De kantoren aan de linkerkant waren voor de redactie en dergelijke.

Om de bollenschuur vanuit de entree te kunnen betreden moest aan de bestaande ventilatiedeuren een en ander worden aangepast. Dit werd gerealiseerd door een paar van de deuren, waarvan de onderkant oorspronkelijk op 30 cm hoogte was, te verlagen tot vloerniveau. Dezelfde oude deuren kwamen er daarna weer in. Dit is van binnenuit nog heel goed te zien. Ook aan de straatzijde moest een en ander worden aangepast. De noordkant van de bollenschuur is echter nog volledig in de oorspronkelijk staat. Hier is vanaf de straat heel goed te zien hoe ventilatiedeuren van bollenschuren er vroeger uit zagen.

In 2000 werd de drukkerij ontmanteld. De ruimte werd tot 2006 gebruikt door de ICT-afdeling van de Hobaho.
Op 7 maart 2007 werd het pand, eigendom van Lisse Centrum Beheer BV, door burgemeester Wienen van Katwijk geopend voor het Cultuur Historisch Genootschap Bollenstreek (CHG). Als grootgebruiker zijn hier ook de archieven en de activiteiten van de Cultuur-Historische Vereniging “Oud Lisse” ondergebracht. Ook het Bloembollencorso heeft hier ruimte gevonden, evenals de  Hardraverijvereniging. Een vergulde zwaan  siert de voorkant van het gebouw. De zwaan komt oorspronkelijk uit de grote Hobahohal, waar die naast de ingang van het Handelscentrum aan de 2de Havendwarsstraat aan de muur was bevestigd.

Aan de noordkant van de bollenschuur zijn de deuren en de muur nog origineel. Foto: Nico Groen