Berichten

Heereweg 450a en 452 – Woonhuis en bollenschuur ‘Van der Zon’

Op de naast de woning gelegen bollenschuur staat ‘ANNO .H.v.d.Zon. 1928’. Invloed van de Amsterdamse School.

Kadaster: B-2605 en B-2606. Bouwjaar: 1928: Architect: Th. van Rijswijk.

De oude bollenschuur van Van der Zon

Woning van der Zon

Heereweg_450a-452

Heereweg 460-460A – Voormalige boerderij ‘Bergman’

Voor is het woongedeelte. De bollenschuur is aan de woning vastgebouwd.

Kadaster: B-2892, B-2891 en B-3233. Bouwjaar: woonhuis 1877, bollenschuur 1908. Vrijstaande schuur ca. 1900.

Bij deze boerderij is de overgang van veehouderij naar bollenteelt nog af te lezen. De voorgevel van de boerderij heeft mooie, rijk geornamenteerde windveren die met een makelaar worden afgesloten. Boven in de voorgevel zit een zgn. engelenraam. Een engelenraam (of engelenvenster) is een driedelig venster waarbij het middelste raam hoger is dan de andere ramen en een gebogen bovenregel heeft. In de rechter zijgevel van het woonhuis en ook in die van de bollenschuur zit een hardstenen jaarsteen, respectievelijk 1877 en 1908. Rechts van het hoofdgebouw staat een bakstenen schuur in eenzelfde stijl als de boerderij. Dit gedeelte heeft als wagenschuur dienst gedaan. In dit bedrijf is professor E. van Slogteren, ‘de plantendokter ‘, directeur van het Laboratorium voor Bloembollenonderzoek, ooit zijn laboratorium begonnen. De start was op een zolder, waar nu nog een stelling is. Op 11 april 1917 begon hij zijn onderzoek in een kamertje in de Rijkstuinbouwwinterschool (later de tuinbouwschool). In die periode moet hij dus een soort tijdelijk laboratorium gehad hebben op Heereweg 460. In 1920 begon men met de bouw van het Laboratorium voor Bloembollenonderzoek.

Heereweg 460 – Boerderij met bollenschuur

Heereweg 460 – Zijschuur

Heereweg 460 – bollenschuur

Voor DSL beschrijving klik hier: Heereweg_460-460a

landgoed boerderij

Stationsweg 1 – Boerderij ‘De Wolff’

Oorspronkelijk een onderdeel van Landgoed Keukenhof. Het huis heeft een gewelfde kaaskelder met plavuizen vloer.

Kadaster: C-2918. Bouwjaar: woonhuis 17e en 18e eeuw, bollenschuur 20e eeuw.

 

Het oudste gedeelte is een gewelfde kaaskelder met gemetselde trap en gewelf uit het begin van de 17e eeuw. Dit is een overblijfsel van de oude stal. Ook de plavuizenvloer en een alkoof komen uit die tijd. Het tegelwerk in de keuken stamt uit de 18e eeuw. In de kamers zijn tegelplinten met op de tegels een scala aan kinderspelen en dierfiguren. De woning heeft overal kenmerkende balkenplafonds. De bovenverdieping was vroeger in gebruik als hooizolder. Daar zijn nog oude gebinten en spanten met pen en gat verbinding te zien. Dus zonder spijkers of schroeven.

De voorgevel is aan de lange kant van het huis en is te zien vanaf de Stationsweg. Het geheel bestaat uit één bouwlaag met een hoog en steil dak. Nagenoeg in het midden van de voorgevel is de voordeur met daarboven een bovenlicht met een levensboom. Links daarvan zijn 2 hoge raampjes met nog een deur helemaal aan de zijkant. Zijn dit overblijfselen van de aangebouwde stal?

landgoed boerderij

Boerderij “De wolff” , vroegr van Landgoed Keukenhof

Voor DSL beschrijving klik hier: Stationsweg_1

Zwartelaan 30 – Bollenschuur ‘Ruigrok’

Beeldbepalende bollenschuur door de vrije ligging in het open veld.

Kadaster: C-3048. Bouwjaar: ca. 1930.

De bollenschuur van Zwartelaan 30

Zwartelaan 30

Voor DSL beschrijving klik hier: Zwartelaan_30

Heereweg 289 / Zwanendreef 2 – Nieuw Zomerzorg

De gepleisterde voorgevel heeft kenmerken van de bouwstijl Eclecticisme.

Kadaster: D-4145. Monumentnummer: 516110. Bouwjaar woning: 1891-1999, bouwjaar bollenschuur: 1936. Architect 1899: A.J.Salm.

De eerste opzet van het woonhuis met aangebouwde bollenschuur “Nieuw Zomerzorg” dateert van 1891, toen in opdracht van de bloembollenkweker S.P. ten Kate het pand werd gebouwd. In 1899 is het huis aan de voorzijde vergroot naar een ontwerp van de Haarlemse architect Antoon J. Salm. De bollenschuur achter de woning werd aangelegd in 1936. De lange linkermuur loopt langs de Zwanendreef. De gepleisterde voorgevel van het huis wordt gekenmerkt door een aan het eclectische bouwstijl. Dat wil zeggen, dat er diverse bouwstijlen gebruikt zijn.

Driehuizenpark 1 – Voormalige bollenschuur

Oorspronkelijk gebouwd als bollenschuur voor de Gebr. Driehuizen.

Kadaster: C-3676. Monumentnummer: 516108. Bouwjaar: 1922. Architect: Leen Tol.

Oorspronkelijk de bollenkwekerij het ‘Hollandse Bloembollen Huis’, bestaande uit een BOLLENSCHUUR met aangebouwd KANTOOR. Het ensemble is gebouwd in 1922, in opdracht van de firma Gebr. Driehuizen, naar een ontwerp van de in de bollenstreek bekende architect Leen Tol uit Lisse. Het complex is gebouwd in een stijl die verwant is aan de architectuur van de Nieuwe Haagse School, een strakke variant van de Amsterdamse School. De grote schuur is van het type bollenschuur met vide. Van dit type komen nog enkele in de Bollenstreek voor, maar deze hebben niet meer hun oorspronkelijke functie. Dit kwekerijcomplex is sinds 1981 niet meer als zodanig in gebruik

De monumentale bollenschuur werd jaren gebruikt door antiekhandel van Damme.
Projectontwikkelaar Hillgate Properties en Bouwbedrijf Huib Bakker maakten in 2008/2009 in de schuur 27 twee-, drie- en vierkamerwoningen waarbij de karakteristieke kenmerken van het gebouw behouden bleven.

De gigantische bollenschuur is een Rijksmonument. Het was dus van belang dat de oorspronkelijke uitstraling zoveel mogelijk intact zou blijven, terwijl de bollenschuur toch moest worden aangepast aan de moderne wooneisen. Daarom vond nauw overleg plaats met de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (RACM).

Het gebouw heeft een schitterend atrium, waar de woningen omheen liggen. Dit zorgt voor een sfeervolle entree van het gebouw.
De bollenschuur wordt geflankeerd door de kwekersvilla’s Rutsbo en Somalo die oorspronkelijk ook behoorden bij het bloembollencomplex Driehuizen.

 

Het bollenbedrijf was nog volop in bedrijf

 

TENTOONSTELLING ‘BOLLENSCHUREN, ICONEN VAN DE BOLLENSSTREEK’

De ontwikkelingen in techniek en logistiek in het bollenvak zijn bepalend geweest voor de architectuur van bollenschuren. Het boek “De Bollenstreek, Landschap & Erfgoed van de Bloembollencultuur” is uitgebracht. 

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)

27 december 2016

door Nico Groen 

In museum De Zwarte Tulp in Lisse is de tentoonstelling: ‘Bollenschuren, Iconen van de Bollenstreek’ te te zien. Daarin staan de architectuur, de betekenis voor het landschap en het hergebruik van bollenschuren centraal.
Bollenschuren zijn sinds het eind van de 19de  eeuw gebouwd voor de opslag en verwerking van bloembollen. De ontwikkelingen in techniek en logistiek in het bollenvak zijn bepalend geweest voor de architectuur van bollenschuren.
Dit erfgoed vertelt het verhaal van de bloembollencultuur. Daarom heeft museum De Zwarte Tulp, dat zelf ook gevestigd is in een voormalige bollenschuur, besloten hieraan een wisseltentoonstelling te wijden.
 
Iconen van de Bollenstreek
Bollenschuren zijn zo karakteristiek voor de Bollenstreek dat ze als iconen van het landschap worden beschouwd. Daarom staan steeds meer bollenschuren op de monumentenlijst en krijgen ze ook steeds vaker een nieuwe functie. De tentoonstelling laat ook zien hoe bijzonder het is om in een bollenschuur te wonen en te werken. De  samenwerking tussen het museum en de werkgroep Bollenerfgoed van het CultuurHistorisch Genootschap Duin- en Bollenstreek (CHG) heeft een verrassende tentoonstelling opgeleverd. Er zijn niet alleen foto’s van bollenschuren gebruikt, maar er zijn zelfs twee types bollenschuren in het museum nagebouwd. Daardoor kun je de bollenschuur niet alleen zien, maar ook voelen, horen en zelfs ruiken!

Interieur van bollenschuren
Bollenschuren zijn gebouwd als opslag- en werkruimte voor de bollenkwekers. In de schuur werden de bloembollen gedroogd op houten stellingen. Het grootste deel van de schuur werd daardoor in beslag genomen. Daarnaast was er een werkruimte om de bollen te pellen, te sorteren en te verpakken en tevens een kantoor voor de directie en administratie.
De houten stellingen in de schuren vormen tevens de dragende constructie van de bollenschuur. Soms zijn deze stellingen nog intact, vaak zijn ze al vervangen door een staalconstructie, vooral als de bollenschuur een niet-agrarische bestemming heeft gehad.

Bescherming en herbestemming
De Werkgroep heeft veel onderzoek gedaan naar bollenschuren en geeft advies aan eigenaren en overheden. Door middel van boeken, fietsroutes, lezingen en de jaarlijkse Zwarte Tulp prijs wordt het karakteristieke bollenerfgoed onder de aandacht gebracht.
Zo is onlangs een prachtig lijvig boek “De Bollenstreek, Landschap & Erfgoed van de Bloembollencultuur” uitgebracht door de werkgroep. Het boek laat een samenhang zien tussen de sociale, geografische en economische aspecten van de bloembollencultuur met een belangrijk hoofdstuk over het bollenerfgoed. De focus ligt op herbestemming van bollenschuren, woonhuizen en villa’s. Inmiddels zijn 94 bollenschuren een monument geworden.
 
Te zien tot 19 februari 2017
De tentoonstelling ‘Bollenschuren, Iconen van de Bollenstreek’ is nog te zien tot en met 19 februari 2017. Museum De Zwarte Tulp is gelegen aan ‘t Vierkant, Heereweg 219, 2161 BG in Lisse.
Veel van wat hierboven beschreven staat is ontleend aan de website www:bollenschuren.nl, waar nog veel meer info over bollenschuren is te vinden. Dit is een website van de werkgroep Bollenerfgoed van het CHG Duin- en Bollenstreek. Dit is de overkoepelende organisatie van alle historische verenigingen in de Duin- en Bollenstreek, waaronder de Cultuur-Historische Vereniging “Oud Lisse”.

Huis annex bollenschuur Heereweg 289/Zwanendreef 2A is een rijksmonument. Foto van de homepage van website www:bollenschuren.nl

DE VERGULDE ZWAAN OPEN OP MONUMENTENDAG

De Vergulde Zwaan was vroeger een bollenschuur, gebouwd in 1910 en hoorde bij Schoolstraat 18. De bouw, de eigenaren en het gebruik door de jaren heen worden beschreven.

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)

23 augustus 2016

door Nico Groen             

De Open Monumentendag is dit jaar op zaterdag 10 september. Ook het servicecentrum van de Cultuur-Historische Vereniging “Oud Lisse” is die dag geopend voor het publiek.
Het landelijk thema voor deze dag is ‘iconen en symbolen’. Lisse heeft veel bijzondere gebouwen. Daarom laat de Vereniging in haar servicecentrum aan de 1e Havendwarststraat 4 een expositie zien met veel foto’s van Lissese gebouwen. Zowel oude foto’s als wat modernere zet men naast elkaar. Dit om te laten zien hoe zo’n gebouw er vroeger uit zag en hoeveel er is veranderd in de loop van de tijd. Ook is er een fotoselectie gemaakt van allerlei symbolen in Lisse. Het resultaat is zeker de moeite waard om langs te komen op die zaterdag.

Het rechter gedeelte van het servicecentrum is van oorsprong een bollenschuur. Deze is in 1910 gebouwd en behoorde bij de woning Schoolstraat 18.  Ruim honderd jaar geleden dus.
Leo van Ruiten kocht de woning en de bollenschuur in 1938, toen hij ging trouwen met Truce Beelen.
In de jaren vijftig is aan de zuidkant van de bollenschuur een nieuwe lagere schuur gebouwd door aannemer Schaap.  Deze was bestemd voor een pakplaats en voor enkele klimaatcellen om bollen te drogen.
Leo van Ruiten overleed in 1977 en had geen opvolger. In 1979 kocht de Hobaho van zijn vrouw de bollenschuur en de naast liggende schuur om er een nieuwe drukkerij te vestigen. De oude inpandige drukkerij voldeed niet meer. In de oude bollenschuur, waar nu de zaal is waar Oud Lisse gebruik van maakt, kwamen de drukpersen te staan.
Boven kwam het archief van de Hobaho. Vanwege het gewicht moesten daarom stalen binten worden gemaakt, die nog op de benedenverdieping te zien zijn. De kantoren aan de linkerkant waren voor de redactie en dergelijke.

Om de bollenschuur vanuit de entree te kunnen betreden moest aan de bestaande ventilatiedeuren een en ander worden aangepast. Dit werd gerealiseerd door een paar van de deuren, waarvan de onderkant oorspronkelijk op 30 cm hoogte was, te verlagen tot vloerniveau. Dezelfde oude deuren kwamen er daarna weer in. Dit is van binnenuit nog heel goed te zien. Ook aan de straatzijde moest een en ander worden aangepast. De noordkant van de bollenschuur is echter nog volledig in de oorspronkelijk staat. Hier is vanaf de straat heel goed te zien hoe ventilatiedeuren van bollenschuren er vroeger uit zagen.

In 2000 werd de drukkerij ontmanteld. De ruimte werd tot 2006 gebruikt door de ICT-afdeling van de Hobaho.
Op 7 maart 2007 werd het pand, eigendom van Lisse Centrum Beheer BV, door burgemeester Wienen van Katwijk geopend voor het Cultuur Historisch Genootschap Bollenstreek (CHG). Als grootgebruiker zijn hier ook de archieven en de activiteiten van de Cultuur-Historische Vereniging “Oud Lisse” ondergebracht. Ook het Bloembollencorso heeft hier ruimte gevonden, evenals de  Hardraverijvereniging. Een vergulde zwaan  siert de voorkant van het gebouw. De zwaan komt oorspronkelijk uit de grote Hobahohal, waar die naast de ingang van het Handelscentrum aan de 2de Havendwarsstraat aan de muur was bevestigd.

Aan de noordkant van de bollenschuur zijn de deuren en de muur nog origineel. Foto: Nico Groen

Opschriften door bollenarbeiders op Oud Zandvliet

Op een wand en op de zolder van de bollenschuur van boerderij Oud Zandvliet, Westelijke Randweg 2, zijn vele teksten van arbeiders gevonden. De foto’s geven een goede impressie.

Door R.J. Pex

Nieuwsblad Jaargang 14 nummer 4, oktober 2015

‘ Met hevigen storm en regenvlagen is de deur van het schijthuis weggeslagen’

Inleiding

Het gebeurde vroeger nog weleens: het aanbrengen van allerlei opschriften op wanden, balken etc. Soms betrof het een aardig rijmpje. Een andere keer voelde men de behoefte bepaalde gebeurtenissen te vermelden. Weer een andere categorie bestaat uit namen van timmerlui die net een verbouwing hadden uitgevoerd en dat op de een of andere manier wilden vastleggen. In Lisse zijn er van alle categorieën wel voorbeelden te vinden. In dit artikel wil ik u bekend maken met teksten die ik, samen met F.W. van de Veen, in 2007 aantrof op Oud Zandvliet, tegenwoordig Westelijke Omleidingsweg 2. De foto’s van de opschriften die in dit artikel staan weergegeven, zijn van laatstgenoemde, waarvoor mijn dank. Ik wil ook de vorige eigenaar van de woning Oud Zandvliet dank zeggen voor het verlenen van zijn toestemming voor het fotograferen en publiceren van de teksten

De voormalige boerderij Oud Zandvliet in 2015. Foto Nico Groen

Locatie en geschiedenis

Oud Zandvliet bevindt zich aan de noordzijde van Lisse aan de Westelijke Omleidingsweg, niet ver verwijderd van de Bloemententoonstelling Keukenhof. Reeds in 1544 bevond zich hier een boerenwoning. Later werd hier een wat fraaier en ruimer huis tegenaan gebouwd, zodat de eigenaar van Zandvliet zich hier in de zomermaanden kon terugtrekken. In 1797 werd het buiten gesloopt, zoals dat met meer ‘hofsteden’ gebeurde in deze tijd (de Franse Tijd). Alleen de aloude boerderij bleef bestaan. Omstreeks het midden van de negentiende eeuw was deze in handen van Coenraad Jacob Temminck, die ook het nabijgelegen Wildlust bezat. Na zijn overlijden in 1858 erfde zijn zoon Marinus het bezit, waardoor vanaf die tijd de boerenwoning in de Lissese volksmond ook wel ‘Marinus’ werd genoemd. In 1869 werd ‘Marinus’ aangekocht door de eigenares van Keukenhof, mevrouw Van Pallandt-Steengracht. In de boerderij woonde toen al heel lang de familie Van Graven. In 1892 vertrokken ze naar boerderij Middelburg. Al het land rondom de boerderij werd nu bollenland. Op de voormalige boerderij kwamen nu de landbazen van de nabijgelegen firma Gebr. Driehuizen te wonen, zoals Belder, De Kooker en Hein Evers. In 1925 kwam Piet Wassenaar naar Zandvliet vanaf de Stationsweg. We komen zijn naam tegen op één van de houten wanden van de bollenschuur (zie verderop in dit artikel). De Wassenaars hebben tot 1953 op Zandvliet gewoond. Daarna treffen we hier de familie Beelen aan, die het recentelijk verkocht aan de Bloemententoonstelling Keukenhof.

Over een houten wand in een bollenschuur (en wat erop te zien is…)

Ook op Oud Zandvliet hebben diverse bollenarbeiders in de loop der jaren allerlei teksten achtergelaten op een houten wand en op de bollenstellingen op de zolder van de schuur. De houten wand is hierbij het meest in het oog springende element, vanwege de vele opschriften. Deze laten we hier dan ook eerst aan bod komen.

‘Regen en wind. Watersnoot in Holland’

De meeste opschriften dateren uit de jaren twintig en dertig. Ze maken soms gewag van bepaalde gebeurtenissen in die tijd. Zo schrijft een onbekende op 7 januari 1926: ‘Regen en wind. Watersnoot in Holland’.

Een ander opschrift maakt melding van de ‘harddraverij tot Lisse’ op 1 oktober 1934. Er staat bij vermeldt: ‘Pracht weder’ (Prachtig weer).

In 1939 hangt er oorlog in de lucht. Duitsland valt in dat jaar Polen binnen en Engeland en Frankrijk verklaren daarop de oorlog. We lezen:
‘Mobilisatie. Engeland en Frankrijk verklaren den oorlog aan Duitsland’.

Een veel recenter opschrift, gedateerd 2 juni 1982, luidt:
‘Thijs bestelt 20 staalmatten te veel’.

Op 22 juli 1986 is er iemand ‘op z’n smoel’ gegaan ‘bij blote bertus’. Ook daar lezen we over.

Een andere categorie opschriften betreft allerlei bedrijfsgebonden activiteiten. Zo schrijft een onbekende:
‘1 November 1922 waren den laatsten bollen den schuur uit’.
Daaronder staat een slecht leesbare handtekening. Hij gaat verder: Pride of Haarlem [en] Bismarck waren de laasten’.

Op 11 september 1925 is men ‘begonnen met bollen klaarmaken voor de Planterij’. Eronder lezen we onder meer de naam van G. v. Meijgaarden. Helaas hebben we niet kunnen achterhalen wie deze persoon was.

Op 28 november van hetzelfde jaar zijn ‘de laaste bollen uit de schuur’ gegaan.

De volgende twee opschriften dateren uit 1939. Tenminste, als we het juist interpreteren:
‘Donderdag 20 October: schoffelen’.
Daaronder opnieuw een onleesbare naam. De betreffende persoon is echter zo vriendelijk om te vermelden dat hij ‘17 jaar oud’ is en geboren is op ‘2 mei 1922 te Lisse’.

Soms staan er alleen namen vermeld, zonder dat deze worden gekoppeld aan bepaalde gebeurtenissen.

Op ‘St. Franciskus’, dus 4 oktober, hebben de volgende personen hun namen vastgelegd voor het nageslacht:

‘A. Groen A. Grimbergen D. Evers G. Spaargaren’.
A. Grimbergen is mogelijk identiek aan Adrianus Grimbergen, die tussen 1910 en 1920 aan de Meer en Houtstraat woonde. Hij was geboren in 1888 en huwde in 1913 met Joanna van Opzeeland. Was D. Evers familie van Hein, die als landbaas op Zandvliet woonde in dienst van Gebr. Driehuizen (zie hiervoor)? En is G. Spaargaren identiek met een Gijsbertus Spaargaren die tussen 1900 en 1910 woonachtig was in ’t Hofje aan de Kanaalstraat?

Andere namen die we tegenkomen zijn onder meer een zekere J. Veldhoven en H. van Drunen. Met betrekking tot hen hebben we geen nadere gegevens kunnen vinden.

Wanneer de navolgende persoon nu precies geboren is, wordt uit de tekst niet geheel duidelijk: ‘L. v.d. Berg Lisserweg (huisnr. onleesbaar) oud 13 jaar geb. te Leiden 4 Juli 1934’.Heeft de betreffende persoon ondertekend met de op dat moment geldende datum (4 juli 1934) of is hij toen geboren?

Met het opschrift ‘P. Wassenaar’ lijkt de in de inleiding genoemde Piet Wassenaar, die zich op Zandvliet vestigde in 1925, te worden bedoeld. Vooral ook omdat er een (slecht leesbaar weliswaar) adres bij vermeld staat: Heereweg 26. Dit moet Zandvliet zijn geweest, daar nummer 28 de nabijgelegen villa Somalo betrof.

Het laatste opschrift op de houten wand dat we hier vermelden is een rijmpje, dat de landbaas van de firma Gebr. Driehuizen waarschijnlijk niet mocht zien:
‘Met hevigen storm en regenvlagen is de deur van het schijthuis weggeslagen. Nu sta ik voor het open front te roepen aan mijn blote kondt’. Maakte de houten wand waarop dit gedichtje staat, oorspronkelijk deel uit van een toilet voor de arbeiders op Oud Zandvliet? Het heeft er alle schijn van…

Over houten planken op een zolder (en wat ze ons te vertellen hebben…)

Ansicht van de winkel van Van der Geest aan de Heereweg, verstuurd door ‘ P. Maat’, ca. 1905. Uit: A.M. Hulkenberg, Lisse in oude ansichten (derde druk, Zaltbommel 1987), p. 13.

De activiteiten van het bollenbedrijf op Zandvliet strekten zich uit tot op de zolder van de bollenschuur. Ook daar hebben de harde werkers van zich doen spreken in de vorm van allerlei namen op de houten stellingen waarin de bloembollen bewaard werden. Ze zijn iets vroeger gedateerd dan de opschriften op de houten wand. Zo heeft een zekere ‘P. Maat’ (of is het ‘Maas’?) op 3 januari 1917 zijn naam geplaatst op één van de stellingen. Als het ‘Maat’ betreft (dus met een ‘t’) dan gaat het mogelijk om Piet Maat die omstreeks 1897 werd geboren. Zijn naam komt voor op een ansicht uit omstreeks 1900-1905. Ook ontmoeten we hem op een klassenfoto uit ca. 1905/06, genomen bij de ‘School van Meester Kingma’, oftewel de Openbare School tegenover de Grote Kerk. Tenslotte ontmoeten we hem ook nog op een foto van het personeel van Gebr. Driehuizen uit 1929, wat weer heel goed kan kloppen met de aanwezigheid van zijn naam op de zolder van Oud Zandvliet, daar veel personeel van Driehuizen daar werkte (zoals we reeds vermeldden). Ook hier op de zolder van de bollenschuur komen we weer oude bekenden tegen, zoals G. van Meijgaarden. Hij heeft samen met W. v. Blitterswijk op 25 oktober 1924 zijn naam aangebracht op één van de bloembollenstellingen.
Een aantal arbeiders zijn ook bezig geweest met ‘snotzoeken’2, zoals een zekere M. Kuyper (augustus 1919) en E.H. v.d. Snoek (6 augustus 1926).
Helaas geen leuke rijmpjes hier, zoals we op de begane grond van de bollenschuur aantroffen…

Foto van de eerste klas van de Openbare School uit 1905/06. Op de tweede rij van bovenaf, geheel links, zien we P. Maat (hij trekt een beetje een raar gezicht). Uit: A.M. Hulkenberg, Kent u ze nog…de Lissers (derde druk, Zaltbommel 1987), p. 45.

 

Besluit

Allemaal namen uit het verleden. Allemaal hebben ze iets van henzelf achtergelaten; zeker op het vermeende toilet op de begane grond van de schuur… (Excuses voor de wat dubbele lading van deze uitspraak). Doorheen al die opschriften krijgen we toch een beeld van wat zo’n bollenarbeider nu zoal bezighield. Het zou wat dat betreft een interessant idee zijn indien met name de houten wand op de één of andere wijze voor het nageslacht behouden kan blijven. Kan er wellicht een plekje voor worden vrijgemaakt in Museum De Zwarte Tulp?
We hebben niet van alle arbeiders gegevens beschikbaar, zoals overduidelijk blijkt uit dit stuk. Misschien dat er bij de lezer van dit artikel nog iets te binnen schiet. Indien dat zo is, kunt u reageren via de redactie van dit nieuwsblad. Alvast hartelijk dank!
2 Snot is een bacterie die de bol aantast. Met behulp van een metalen koker werd de zieke bol verwijderd.

Naschrift.

De foto’s van de plankjes werden in 2007 gemaakt door F.W. van de Veen
In het Nieuwsblad van juli 2015 vertelde Laura Bemelman over de vondst van “Een plankje van honderd jaar geleden”. Ook al met ontboezemingen van personen gemaakt op hun werk. Het vermoeden bestaat dat er wel vaker door timmerlieden of, zoals in bovenstaand artikel, door bollenwerkers of anderen mededelingen werden vastgelegd. Hebt u daar een voorbeeld van, laat het ons weten!

Erepenning 2013 voor gebr. Driehuizen

De erepenning 2013 werd uitgereikt aan de heren Paff en van der Klauw, bewoners van kantoorgebouw van Driehuizen. Er zijn nog originele details overgebleven. Een fraai staaltje van hergebruik van kantoor naar woonfunctie.

Nieuwsblad Jaargang 12 nummer 2, april 2013
Nieuwsflitsen

Tijdens de jaarvergadering op 19 februari 2013 werd zoals gebruikelijk de erepenning als waardering voor het behoud van waardevolle panden uitgereikt. Frits Treffers reikte de penning uit aan de heren Paff en Van der Klauw. Zij bewonen het kantoorpand van de voormalige bloembollenfirma gebr. Driehuizen. Het gebouw aan de Heereweg uit 1930 is van de hand van de bekende architect Leen Tol.
De woonhuizen van de gebroeders Driehuizen, Somalo en Rutsbo, stonden indertijd aan weerszijden van het oude woonhuis met bedrijfsgebouwen. De oude ansichtkaart laat die situatie zien. Op de ontwerptekening van Leen Tol staan de oude gebouwen ingetekend als “te amoveeren gebouwen”
Er zijn nog heel veel originele details uit de bouwperiode bewaard gebleven. Het glas- in-lood plafond zorgt voor een heel bijzondere lichttoetreding in de hal. Het tegelwerk van vloer en muren is fantastisch.

Een fraai staaltje van hergebruik: van kantoorfunctie naar woonfunctie.

 

 

Copyright © 2012 Vereniging Oud Lisse

 

Een foto uit 1978