Berichten

Het Rozenhek van Keukenhof hersteld

Iets westelijk van de huidige entree naar het Landgoed Keukenhof ligt nog een toegangspad richting Frederikshof.  Dit pad gaat over een zeer oude brug. De pijlers en het hek van dit rijksmonument zijn vernieuwd.

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)

11 september 2018

door Nico Groen

De basis van deze brug is een gemetseld tongewelf met een eensteens rollaag, zoals je er in de 18de eeuw bij Dever ook een had. Die laatste had een dubbel gemetseld tongewelf vanwege de breedte van de gracht. In het boekje ’Wandel- en Fietsroute over bruggen in Lisse’, uitgegeven door de Vereniging Oud Lisse, wordt de brug bij Landgoed Keukenhof beschreven. Het boek uit 2016 is nog steeds te koop bij de Vereniging.

Op de brug stond vroeger een hek met de naam ‘Rozenhek’ en daarom wordt in het boek het bruggetje voor het gemak Rozenbrug genoemd. In 1860 is het tracé van de huidige Stationsweg gerealiseerd. Daarvóór lag de weg veel zuidelijker en liep vanaf de Van Lyndenlaan rechtdoor tot voorbij het keukenhofterrein. Dit was te dicht bij het kasteel in de ogen van de eigenaren en de weg is daarom na veel vijven en zessen met een bocht om het kasteel heen gelegd. De weg, die toen nog Den Delff heette, was sinds 1837 in bezit van de eigenaar van Keukenhof.

Het bruggetje kan bij het verleggen van de weg rond 1860 gebouwd zijn.

Het is een Rijksmonument en mag natuurlijk niet gesloopt of zomaar veranderd worden. Het boek uit 2016 vermeldt dat de monumentale pilaren en het toegangshek verdwenen zijn. Zij waren daarvoor al jaren in deplorabele staat. Vlak na het uitkomen van het boek is alles keurig vernieuwd in de oude stijl. Er zijn 2 stenen pijlers met een hardstenen afdekplaat in de vorm van een diamant geplaatst. Ook het hek op de brug zelf is in oude stijl vernieuwd. Het gemetselde tongewelf is nog origineel. Keukenhof kan weer trots zijn op het Rozenhek

In 1999 zegt de Rijksmonumentendienst over het hek:

‘TOEGANGSHEK. Ten westen van de huidige hoofdingang bevindt zich een toegangshek, thans in vervallen staat (1999), gesitueerd op een duiker met gemetseld tongewelf. Het hek bestaat uit twee gemetselde pijlers met hardstenen diamantvormige dekplaten en een smeedijzeren dubbel spijlenhek. Waardering TOEGANGSHEK: van algemeen belang vanwege de ouderdom, vanwege de markering van een van de toegangen tot de buitenplaats en vanwege de ruimtelijke relatie met de andere onderdelen van de buitenplaats.’

Stond het Rozenhek wel hier?

De vraag is waar de naam Rozenhek vandaan komt. In het tijdschrift Buiten uit 1914 wordt al gesproken over het Rozenhek. Er staat: ‘Bij het Rozenhek passeerde men de Stationsweg …. al te grote nieuwsgierigheid van wandelaars en ’t verkeer waren er de oorzaak van om de weg langs de boerderij (de Loosterweg die van Voorhout naar Hillegom ging en toen nog vlak langs de ingang van het kasteel liep) op gezichtsafstand ten noordwesten van het huis om te leggen’.

Stond het hek bij deze toegangsweg? Stond er een hek met klimrozen bij een rozentuin, wat goed kan passen bij een tuinontwerp van een kasteel? Voorlopig blijft het gissen, maar het zou wel leuk zijn om uit te zoeken of het Rozenhek oorspronkelijk op genoemd bruggetje stond of mogelijk ergens in de buurt. Wanneer wordt het eerst geschreven over het Rozenhek?

Foto:  Het oude tongewelf met de nieuwe hekpijlers en het nieuwe hek. Foto: Nico Groen

 

 

Wandel- en Fietsroutes langs bruggen Lisse

Wandel- en fietsroutes langs bruggen in Lisse

‘WANDEL-EN FIETSROUTEBOEK LANGS BRUGGEN IN LISSE’

In dit boek wordt van alle bruggen met een officiële naam en andere bruggen, de cultuurhistorie beschreven, evenals van het water waar de brug overheen gaat en van de weg waar de brug in ligt.

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)

15 november 2016

door Nico Groen 

 
Op 14 november werd  het boek ‘Wandel- en fietsroutes langs bruggen in Lisse’ gepresenteerd. Het boek is gerealiseerd door een werkgroep van de Cultuur-Historische Vereniging “Oud Lisse”. Het eerste exemplaar werd die dag overhandigd aan wethouder Evert Jan Nieuwenhuis.
 
In dit bruggenboek wordt van alle bruggen in Lisse met een officiële naam, de cultuurhistorie beschreven, evenals van het water waar de brug overheen gaat en van de weg waar de brug in ligt.
Er zijn 2 routes, een zuidelijke en een noordelijke, die beide op het Vierkant beginnen. Ook alle overige bruggen, zowel particuliere als gemeentelijke, die op deze routes liggen worden beschreven.
Van alle bruggen zijn historische en moderne foto’s te zien. Ook zijn vele kaarten uit de 17e tot en met de 20e  eeuw opgenomen ter verduidelijking van vroegere situaties.
Het boekwerk van 128 pagina’s in full couleur is vanaf 15 november bij de plaatselijke boekhandel, de VVV van Lisse en bij de Vereniging “Oud Lisse”, die ook de uitgever is, te koop voor 12,50 euro. Voor leden van de vereniging is het boek te koop bij de VOL voor 9,50 euro.

Ommetje van de Poelpolder
In het boek staan onder andere de Staalbrug en de vaart, die er onderdoor gaat, beschreven. Dit is de brug in de Heereweg nabij boerderij Wassergeest. Deze brug gaat over de Staalsloot, die eindigt bij de Rijn- of Ringsloot tegenover het geriefbosje van Boerderij Langeveld in de Poelpolder, dat we in een vorige column hebben beschreven. Dit einde van deze Staalsloot is dus goed te zien tijdens een wandeling langs het Ommetje van de Poelpolder. Er staat hier een informatiepaneel op de dijk.

Staalbrug
In 1594 had Dignum Jansz. de Roo, pachter en later eigenaar van een boerenbedrijf ten zuiden van de landerijen van Dever, deze vaart laten graven voor de afzanding van een duingebied tussen de Heereweg en de Achterweg. De vaart kruiste de Heereweg en er zal dus een houten brug geweest zijn. De brug heette in de 17e eeuw Wassergeesterbrug en was toen eigendom van Van der Laen, eigenaar van Landgoed Wassergeest. Hij liet de houten brug vervangen
door een gemetselde. Begin 19de eeuw was D.P.J. van der Staal van Piershil eigenaar van Wassergeest en dus van de brug. De naam veranderde in Staalbrug naar bovengenoemde eigenaar van de brug. In 1842  klaagt diligenceonderneming Van Gend en Loos over de vervallen staat van de Wassergeesterbrug, die was gebleken ‘door uitzetting zich in eenen gebrekkigen staat te bevinden’. Voor deze brug gold: ‘de gebreken ten spoedigsten naar behoeven te herstellen’ of anders ‘zich bereid te verklaren of hij (de eigenaar) genegen mogt zijn die brugge op billijke voorwaarden aan het Rijk af te staan’. Uiteindelijk koos Van der Staal voor de gemakkelijkste weg: hij stond de brug af en was daarmee verlost van het vervelende onderhoud. Hoewel officieel Staalbrug, wordt in de volksmond ook wel gesproken over Stalenbrug. Langzamerhand werd het vervoer via het water overgenomen
door vrachtwagens. De Provincie verlaagde aan het einde van de vorige eeuw alle bruggen in de Heereweg, omdat zij een gevaar voor het wegverkeer opleverden. Zo ook de Staalbrug. Deze werd in 1993 verlaagd.
Bovenstaande gegevens over de Staalbrug en nog veel meer info over deze brug staan in het nieuw uitgebrachte boek.

De Staalbrug bij boerderij Wassergeest. Foto uit het nieuwe boek ‘Wandel- en fietsroutes langs bruggen in Lisse’, uitgegeven door VOL.

Achterweg-Zuid 50 – Woonhuis ‘Ter Specke’

Op deze plaats stond ooit het 15e eeuwse ‘Leengoed Ter Specke. Bij nieuwbouw in 1954 werden de oude stenen gebruikt.

Kadaster: A-1265. Bouwjaar: 1954. Architect: Leen Tol Jr.

De naam Specke wordt voor het eerst genoemd in een akte uit 1329, waarin Dirck van der Specke door de Hollandse graaf met een stuk grond wordt beleend. In 1416 is sprake van een ‘woningh’.
Rond 1600 werd er een nieuw huis gebouwd, dat rond 1730 werd verbouwd en uitgebreid met twee bouwhuizen. Op een anonieme tekening van circa 1730 is de voorzijde weergegeven. Te zien is een herenhuis dat op het eerste gezicht een achttiende-eeuwse indruk maakt, maar de kruisvensters met daarboven ontlastingsbogen zijn terug te voeren op het gebouw van rond 1600. Het huis zou, gezien de onderkeldering van het zuidelijke gedeelte, een boerderij met herenkamer kunnen zijn geweest. Op de tekening staat direct ten zuiden van het huis een boerderij.
Kort na 1740 is het complex afgebroken

Wat van het oude complex nog rest is het koetshuis (nr. 52)

Achterweg Zuid 50 is gelegen op een restant van een binnenduin gelegen.
In 1954 werd hier door architect Leen Tol Jr een woning neergezet. Hierbij werd gebruik gemaakt van de stenen van de oude boerderij die er stond.

De voorgevel bestaat uit een tuitgevel met asymmetrische gevelindeling. Rechts in de voorgevel bevindt zich een verhoogde ingang, die door middel van een bakstenen trap bereikbaar is. Boven de vensteropeningen zijn ontlastingsbogen met geboorte- en sluitstenen verwerkt. De zijgevels zijn eveneens asymmetrisch opzet van met gevelopeningen op verschillende hoogteniveaus.
De gevels zijn opgebouwd uit rode baksteen in onbekend verband. Op de begane grond zijn links in de gevel twee vensteropeningen aangebracht, door een smalle muurdam van elkaar gescheiden. Rechts in de voorgevel bevindt zich een verhoogde ingang met brede houten deuromlijsting. Op de eerste verdieping zijn drie vierkante vensteropeningen aangebracht. Op de zolderverdieping bevindt zich een kleine vensteropening. Boven het zolderraam is de steen met de naam Huijs Ter Specken ingemetseld. Deze steen in in 1946 bij opgravingen teruggevonden. De steen is afkomstig van het statige huis dat voor de boerderij op het binnenduin stond.

Tekening uit de Rijnlandse gezichten

Het keermuurtje is nog authentiek

Rechts is de woning, links het voormalige Koetshuis

Huis ter Specke

Keukenhof 1 – Rozenhek van Keukenhof

Het toegangshek met pijlers is in 2017 gerestaureerde. Het gewelf is origineel.

Kadaster: A-1302. Monument: 513981. Gerestaureerd: 2017.

Ten westen van de huidige hoofdingang bevindt zich een toegangshek, dat tot voor kort in vervallen staat was. Het is in 2017 mooi gerestaureerd. Het z.g.  rozenhek is gesitueerd op een duiker met gemetseld tongewelf. Dit tongewelf is nog origineel. Het hek bestaat uit twee gemetselde pijlers met hardstenen dekplaten met een smeedijzeren spijlenhek.

Het fietspad naar het landgoed gaat nu door de poort

Het gerestaureerde rozenhek

Het vervallen rozenhek voor de vernieuwing

 

 

MANNEKE PIS VAN LIS

Diverse urinoirs in Lisse komen aan de orde. Een tegenover De Witte Zwaan. Een aan de Haven bij de Hobaho en op ’t Vierkant. 

Door Deen Boogerd

Nieuwsblad Jaargang 14 nummer 3, juli 2015

Dit urinoir stond ongeveer waar nu “Plan 4” zijn kunstwerken etaleert.

Die van Brussel kennen we allemaal dat kleine cherubijnachtige manneke dat ongemanierd richting straat staat te plassen vanuit zijn sierlijk gebeeldhouwde nisje. Zo hoort dat niet! Dat deden wij in Lisse wel een stuk netter. In Lisse kwamen rond de vorige eeuwwisseling heel wat mannen over de vloer bij de “Witte Zwaan”. Vooral rond de veilingdagen voor bloembollen was het een drukte van belang in ons dorp. Die mannen moesten ook wel eens een plas doen. Om wildplassen tegen te gaan werd er schuin tegenover de ‘Witte Zwaan” een keurig urinoir gemetseld. Ook een prachtige nis, maar men richtte natuurlijk niet naar de straat zoals dat manneke van Brussel (zie voorplaat). Later toen er nog meer animo voor de veildagen kwam werden HoBaHo en HBG opgericht en kwam er ook zo’n prachtig plashokje aan de havenkant te staan. Toch bleef het in de omgeving van de “Witte Zwaan” een drukte van belang. ‘t Vierkant was uiteindelijk een soort station voor ons centrum waar de trams en de bussen af en aan reden. Niet alleen bij veilingdagen maar vanaf 1950 was daar de overstap naar Keukenhof. Ook voor die tijd gaven al heel veel mensen gehoor aan het lied van Louis Davids, “Naar de Bollen” en voor de mensen die geen “Fordje hadden opgedaan”, was het openbaar vervoer de manier om door de bollenstreek te reizen. Zo halverwege de bollentrip, bij halte ‘t Vierkant was een sanitaire stop zeer welkom. Daarom kregen we op ons “klein stationnetje” in 1940 tijdens de Duitse bezetting een heuse ondergrondse, niet om uit of over te stappen, ook geen ondergrondse verzetsgroep, wel om even bevrijd te worden van de druk op de blaas. Fa. Bert vd Zaal krijgt op 19-april 1940 deze klus om voor de somma van f 1397,- de bouw te realiseren. De Fabriek voor ijzerwaren van W.J. Stokvis uit Rotterdam meldt op 15-juni 1940 dat de levering van 2 sproeileidingen enige vertraging opliep. De oorzaak laat zich raden als je weet dat net half Rotterdam plat gebombardeerd was. In Lisse zelf lijkt het leven schijnbaar gewoon z’n gangetje te gaan. Daar waar nu nog steeds die prachtige ceder staat, daalde je af naar de onderwereld. Ja, het kon er stinken als de ……..!

Het is niet om te zeiken hoor, maar het is toch best wel een mooi plaatje zo. ±1960

 

Nou, dames wees maar blij, dat deze zwavelkleurig uitgeslagen betegelde catacombe alleen voor mannen was. Echte mannen, wel te verstaan! Het was een ware beproeving! Voor je naar beneden ging was het verstandig om diep heel diep adem te halen en spaarzaam om te gaan met de frisse lucht in je longen. Al afdalende knoopte je de gulp open om zo weinig mogelijk tijd te verspillen. Groot was de kwelling van een veel te kort ingeschatte plastijd, maar grootser was het genot als je uit de benauwenis verlost, je longen weer vol liet lopen met cedergeuren.

Tegen de kolenloods naast “de Beurs” was ook een Urinoir! Dit is ± 1952. Zo te zien was de volkswagen Kever in die tijd een zeer gewild autootje.

Deze boom verdient niet één lintje, aan deze boom zou een hele lintjesregen gewijd moeten worden. “Luctor et emergo”, zei eens een toerist, nadat hij flink had gepist.

Ontwerptekeningen van het Vierkant urinoir uit 1940. De bouw ging ondanks alle narigheid in den lande gewoon door . Misschien hield een Duitse soldaat de plasgelegenheid wel als eerste besetzt. Links zien we hoe gelijkertijd de eerste hangplek voor ouderen werd geintegreerd in dit prachtige plan.

Ondergronds urinoir bij de Gewoonste Zaak

In het hart van de bollenstreek was het niet alleen maar bloemengeur, zo het schijnt. Deze geschiedenis moest ik even kwijt, ik kon het niet ophouden. Gelukkig was ik thuis, want aan wildplassen hangt tegenwoordig ook een flinke prijs. Hoewel sommige kampioenen er ook wel een flinke prijs mee wisten te winnen. Nee wildplassen is geen oplossing, om wildplassen tegen te gaan is de urilift de oplossing. Ook ondergronds en alleen tijdens hoogtijdagen zie je ze uit de grond verrijzen. Op ‘t Vierkant in de schaduw van onze oude ceder is zo’n plaspaal en bij de “De Gewoonste Zaak” hebben ze ook wel eens last van hoogtij. Eerst stond hun urilift aan de overkant waar nu de tuin is van Hobahostraat 1. Nu staat de laatst genoemde verstopt in de doorgang naar het zogenaamde “Heemskerkplein”.

Maar wel oppassen! Ga daar nooit tegen de muur staan plassen, voor je het weet zweef je in een baan om de aarde. Hieronder het Parool van 29 november 2014.

 


Toch raar dat er pas heel laat ook voor dames in deze behoefte werd voorzien. Heeft u een verklaring voor dit stukje discriminatie? Laat dat dan a.u.b. even weten. Dankzij een initiatief van Ted Freriks is er in de corridor naast zijn voormalige “Blokhuis filiaal” een openbaar toilet gekomen. Ook bij de HEMA kun je nu terecht voor een dergelijke boodschap, wat een grote opluchting is voor vele dames en heren. Eigenlijk had ik dit epistel al afgerond toen ik van een al wat oudere dame te horen kreeg dat er nog een openbaar urinoir is geweest. Zij kan het weten want ze woonde als kind in “de Steeg” de Stationsweg. Achter het oude postkantoor was de ingang naar het urinoir. Tegenover waar nu Dragon Town is. In de doorgang achter het Postkantoor direct links en nog eens linksom. (zie het pijltje op de foto) In de kapsalon van Kapper Cor Degger was geen toilet, meerdere malen per dag waagde hij de oversteek naar deze plek. Zo zie je maar, vorige keer heb ik de Oude Banzijp met u besproken en nu deze manier van uitwateren.

bronvermelding

Gegevens bouw urinoir bij ‘t Vierkant, Gemeente Archief Lisse urinoir postkantoor, Mevr. Lenie van de Leede-Broekhuizen fotomateriaal Archief Vereniging Oud Lisse, Beeldbank Lisse en eigen archief bouwtekeningen Gemeentelijk Archief van Lisse, met dank aan Frans Mooijekind

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

DE BRUGGEN VAN LISSE

Alle bruggen in Lisse worden beschreven. Pex pleit voor een naambordje op iedere brug.

door R.J. Pex

Nieuwsblad Jaargang 5 nummer 1, januari 2006

 

Is de Venneslootbrug (1570) de oudste?

In Lisse zijn in het verleden al heel wat bruggen aangelegd. Dat heeft ook wel een reden. Vanaf de tweede helft van de zestiende eeuw zijn namelijk diverse zandsloten gegraven. Via deze sloten of vaarten werd het zand afgevoerd dat afkomstig was van de (wat hoger gelegen) geestgronden, die ten zuiden en noorden (het zogenaamde Oosteinde) van het dorp Lisse waren gelegen.

Momenteel bevinden zich in Lisse minstens een veertiental bruggen. Het zijn:
» In de Heereweg:
De Lisserbrug nabij Hillegom. Komt al voor op de kaart van Rijnland uit 1615. De brug was tegelijk met het graven van de zogenaamde Verhoogervaart aangelegd. Door deze vaart, genoemd naar een zekere Verhoog, werd het zand afgevoerd afkomstig van het Berkhouterduintje dat zich aan de westzijde van het dorp bevond. Ook achter de huizen in het noordelijk deel van Lisse die toen deel uitmaakten van de zogenaamde Vlaamse Buurt, is zand afgevoerd. In 1810 wordt deze brug de Zandvlieterbrug genoemd. Vernoemd dus naar de buitenplaats Zandvliet die zich hier vlakbij bevond.
De Jannetjesbrug. Waarschijnlijk een verbastering van Zandertjesbrug. Deze naam dateert uit 1768 en slaat waarschijnlijk op het zand dat onder deze brug door werd vervoerd naar steden als Amsterdam en dat afkomstig was van het Keukenduin (in de buurt van het latere Reigersbos). Eigenaar van zowel de brug als de vaart die eronder door liep was toen Cornelis Jacob van der Lijn (1730-1799). De brug en de vaart maakten deel uit van de buitenplaats Grotenhof. Later, maar dan is de naam al Jannetjesbrug, zou de brug deel uit gaan maken van het landgoed Wassergeest. (1
De Staalbrug. Deze maakte deel uit van de buitenplaats Wassergeest en bevond zich even ten zuiden van Dever en het huidige tuincentrum Overvecht. Hij was aangelegd in 1594 door Dignum Jansz de Roo, ook weer met het doel om via de sloot die eronder door liep zand af te voeren. Het zand was in dit geval afkomstig van de gronden tussen de Heereweg en Achterweg. De buitenplaats Wassergeest bestond toen nog niet. Deze werd pas gesticht omstreeks 1660 door jhr. Adriaen van der Laen. Deze kocht de afgegraven percelen en legde hier een aantal boomgaarden aan. De zogenaamde Wassergeesterbrug kocht hij aan in 1662. Later is men deze brug de Staalbrug gaan noemen, naar een eigenaar uit de eerste helft van de negentiende eeuw: D.P.J. van der Staal van Piershil. In 1843 is de brug aan het Rijk afgestaan.
De Engelenbrug. Gelegen bij de buurtschap De Engel en reeds aangelegd in 1589, toen het Mallegat gegraven werd. Ook deze brug is in 1843 aan het Rijk afgestaan. Toen was inmiddels ook de brug lager gemaakt. Voorheen waren de meeste bruggen in de Heereweg namelijk vrij hoog gelegen, waardoor met name de postkoetsen van Van Gend & Loos er bijna niet overheen konden rijden. (De koetsen waren tamelijk zwaar beladen).

Engelenbrug 1900

De Engelenbrug

Engelenbrug 1900

De Beekbrug. Iets verderop gelegen nabij de huidige Engelenkerk. Vernoemd naar de Beek die eronder door loopt.
» In de Achterweg:
De brug over de Vennesloot zuidelijk van Ter Specke. Deze brug heeft nooit een naam gehad. Wel vrij vroeg aangelegd, namelijk rond 1570. In dat jaar is de Vennesloot door de Achterweg getrokken tot achter het Huys ter Specke. Vermoedelijk heeft men dit gedaan om meubels en dergelijke aan te kunnen voeren, als de Van der Laens – de eigenaren en bewoners van Ter Specke – zich hier in de zomermaanden vanuit Haarlem kwamen vestigen. Ook deze brug is later verlaagd en wel in 1853.
De brug over het Mallegat nabij buurtschap De Engel. Aangelegd in 1589. Helaas vrij weinig over bekend.
» In de Loosterweg-Noord.
De brug vlakbij de bloemententoonstelling Keukenhof.
» In de Loosterweg-Zuid.
De brug over het Mallegat.
» In de Delfweg.
De brug over de Leidsevaart. De Leidsevaart is gegraven in 1657, doch reeds daarvóór was hier al een waterloop aanwezig. Het kan dus goed zijn dat hier reeds vóór dat jaar al sprake was van een brug. Waarschijnlijk was hij van hout vervaardigd. Ook op de prent van Samuel Ireland uit 1790 van het Huis te Halfweg zien we ter plaatse een eenvoudige houten brug.
» In de Kanaalstraat:
De brug over de Ringvaart. Eerst een draaibrug, later – in de jaren ’70 – vervangen door een ophaalbrug. Aangelegd omstreeks 1848 toen men met het droogmalen van de Haarlemmermeer begon.
» In de Ruishornlaan.
De brug over de Ringsloot van de Poelpolder. Van vrij recente datum. Op kaarten uit de zeventiende en achttiende eeuw niet aanwezig.
» In de Eerste Poellaan.
De Zemelbrug over de Ringsloot van de Poelpolder . Deze is al veel ouder, vermoedelijk van rond 1623, toen men, ten behoeve van de droogmaking van de Lisser Poelpolder, de Ringsloot heeft gegraven. De brug moest zodanig zijn aangelegd, volgens een stuk uit laatstgenoemd jaar, dat men er gemakkelijk met een schuit met koeien of beladen met hooi onderdoor kon varen. Na een overstroming in 1804 werd ook de zwaar beschadigde Zemelbrug hersteld. Doch, te laag! De zandschepen die het zand vervoerden dat afkomstig was van het Reigersbos en het via de Ringsloot en de Haarlemmermeer afvoerden naar Amsterdam, konden nu niet meer onder de brug door komen! Uiteindelijk heeft men de brug wat hoger gemaakt, maar op kosten van de eigenaar van de betreffende zanderij, de al genoemde D.P.J. van der Staal van Piershil.
» In de Tweede Poellaan.
De brug over de Ringsloot van de Poelpolder. Vermoedelijk – evenals de volgende brug – aangelegd rond 1623.
» In de Derde Poellaan.
De brug over de Ringsloot van de Poelpolder.
Opgemerkt dient te worden dat het hier slechts bruggen betreft gelegen in openbare wegen.

Vroeger hadden veel bruggen een naambordje. Tegenwoordig ontbreekt dat veelal en zijn veel bruggen dus “anoniem”. Een idee misschien voor de toekomst?

(1. Over beide buitenplaatsen, dus Grotenhof en Wassergeest, zijn publicaties uitgebracht onder de titels Knappenhof of Grotenhof te Lisse en Wassergeest te Lisse. Nog steeds verkrijgbaar bij Grimbergen Boeken. Daarin kan men ook een en ander vernemen over de Jannetjesbrug maar ook over de volgende twee bruggen