Berichten

Detail van kaart van Balthasar Forisz - 1615

Reacties op De naam van ‘Lis’ en ’t Vierkant’ (4)

ln reactie op het artikel over de naamgeving van Lisse wordt gemeld dat ’t Vierkant mogelijk plein zou kunnen betekenen. Analoog aan firkantet en square, dat beide plein betekent. Bij de Vuursteeglaan werd mogelijk vroeger vuil verbrandt. Zou Viersteeg vier haardsteden kunnen betekenen?

Deen Boogerd

NIEUWSBLAD Jaargang 12 nummer 2, april 2013

In voorgaande Nieuwsbladen zette Nico Groen zijn ideeën uiteen over “De overeenkomst tussen Lisse en het Vierkant: Vuur” .

Dat artikel inspireerde anderen om ook na de denken over de oorsprong van de namen Lisse en Vierkant. Een discussie was • geboren. Hierna volgt een verhaal van Deen Boogerd dat weer een andere kijk op de herkomst van de namen geeft.

Deen Boogerd

Balthasar Floriszn. van Berckenrode 1615.

ln een bijdrage aan de discussie over het ontstaan van de namen Lis en ’t Vierkant beschrijf ik bij dezen mijn idee hier over. Op de eerste plaats ik ben geen taalkundige, maar de discussie over dit soort onderwerpen vind ik erg interessant. Mij is gebleken dat de naam van ‘Lis’ afkomstig is uit het Deens misschien zelfs uit de tijd dat de Noormannen/Vikingen onze kuststreken onveilig maakten en hier en daar vaste voet aan wal zetten. ‘Lys’ betekent in het Deens o.a. stralende, heldere, klare, schijnende, glimmende en schitterende, allen synoniem aan licht. Nog wat namen die de zelfde betekenis hebben zijn onze welbekende ‘de Blinkerd’ daar was vroeger ook zo’n kaal duin. Ook bij het Vlaamse Koksijde ‘de Hoge Blekker’ en het kustplaatsje ‘Blankenberg’, al die namen zijn terug te voeren naar een blanke top der duinen. Om een plaats een naam te geven werd vaak gekeken naar de aard van dat stukje aarde. Ons stukje was een kale duintop wat stralend lag te schitteren in de zon. Een zeer opvallende landmark die niet veel onder doet voor een vuurbaak. Naar mijn idee komen we zo aan de stralende naam Lys, Lis en later Lisse. Lux en Liusna zijn in betekenis het zelfde. Waren het de Noormannen/Vikingen die hier misschien een plek hadden gesticht om te legeren? Of waren het de Friezen die in de achtste eeuw de kustgebieden bevolkten van af de Zeeuwse kust tot aan halverwege Jutland?

Het Fries en het Deens hebben veel met elkaar gemeen en als volkeren ergens langere tijd vertoeven, blijven er altijd sporen in het taalgebruik achter, zo zou de naam Lys een spoor kunnen zijn uit die tijd. De tekening van de Gele Lis laat de zon zien, dan noem ze toch ook “de stralende”. Lisse heeft nog steeds een uitstraling van wereldfaam en maakt haar stralende naam nog steeds waar!

’t Vierkant

fyrkant, San, Marco, Venedig, Italier

Nog iets eigenaardigs is het raadsel van het niet vierkante vierkant. Volgens mij ligt de oplossing ook in het Deens. Het woord ‘firkantet’ wat naast vierkant ook plein betekent. Ons vierkant is dus simpelweg een dorpsplein een firkantet een square. In Engeland hebben die Denen ook behoorlijk huis gehouden en daar noemen ze bijna elk plein vierkant denk maar aan Trafalgar-square, Leicestersquare en heel vaak zijn die squares helemaal niet vierkant er zitten zelfs ronde bij. Voor een vierboet zou ’t Vierkant veel te ver van de oever zijn. In een atlas uit 1625 zie je van Monster tot en met Egmond een zestal duinen met vuur en zwarte rookpluim, altijd op veilige afstand van het dorp. (vuur en houten huisjes met rieten daken is vragen om narigheid). Bij de monding van onze Greveling bij j Lisserbroek stond ook al een tonne, haspel of kruisbaak. Bij goed weer kon je Lisse al van ver waarnemen vanwege haar hoge ligging, later nog extra door de kerktoren. Nu nog is het verschil in hoogte tussen Turfspoor en ’t Vierkant ongeveer 6 meter. Eeuwen geleden zal dat behoorlijk meer zijn geweest. Het gedeelte van het kaartje van Jan Pietersz Dou 1624 laat zien hoe de gracht in de Lisser Noorder Poel stroomt en niet in het Leidsche Meer. Een behoorlijk eind verder was in die tijd de Greveling die de Noorder Poel verbond met het Lange Rack pas als je de tonnebaek van Gansoort (Lisserbrouck) voorbij was zat je op het oude Leidsche Meer, alles bij elkaar geteld bijna twee kilometer van ’t Vierkant. Toen de naam ‘Lys’ werd bedacht zou het water nog wel eens veel verder weg zijn geweest. De subtitel, “Het Vierkant was een hoge duintop langs het Leidtsche Meer”, komt mij daarom best vreemd over.

Vuursteeg suggesties

Grote vuren maken in de bebouwde kom vonden ze vroeger al niet slim. Zou het niet kunnen dat bij de Vuursteeg een soort vuilverbranding was, op net zo’n veilige afstand als een vierboet bij de kustdorpen.

Zou het misschien een  vervorming van ‘vierstee’ kunnen zijn, vier haardsteden? Dubbelhoven telt al voor twee. Lisse, Lys, Lis is een schitterend duindorp met op de top het ‘firkantet’, zo dachten de Denen. Deze Deen vindt dat wel een goede gedachte!

Reacties

Ook nav de discussie rond “De naam van ‘Lis’ en ’t Vierkant” geeft de heer Nieuwenhuis enkele aanvullingen. Het onderschrift bij het plaatje van Venetië met ondertiteling “berömd , fyrkant…” (apr. 2013) is in het Zweeds en niet in het Deens gesteld. En de Zweedse plaats Ljusne ligt niet in Zuid Zweden, maar ca. 250 km ten noorden van Stockholm, in Norrland aan de kust van de Botnische Golf. In het artikel over de naam van Lis en ’t Vierkant staat onder een foto van een plein in Venetië dat de tekst in het Deens is. Het is echter Zweeds.

Kleine Kroniek van Lisse in de zestiger jaren

Arie in ’t Veld  heeft een boek over Lisse uitgebracht. Het heet de kleine kroniek van Lisse in de zestiger jaren.

Nieuwsflits

NIEUWSBLAD Jaargang 10 nummer 1, januari 2011

p donderdag 28 oktober werd, voorafgaand aan de raadsvergadering, door wethouder Adri de Roon het pas uitgekomen boek “De kleine Kroniek van Lisse” in de zestiger jaren van Arie in’t Veld, aan raadsleden en vele andere genodigden waaronder de Ver. Oud Lisse aangeboden.

Het was een leuke bijeenkomst met heel veel humoristische opmerkingen van Arie (iedereen lag in een deuk!). Het boekje met veel prachtige oude foto’s heeft Arie in ’t Veld in opdracht van de gemeente gemaakt. Winkelprijs € 12,50. (voor VOL leden, zo lang de voorraad strekt, €10). Arie is nu al weer begonnen met het boek “Lisse in de zeventiger jaren!” waarvan de uitgave in september wordt verwacht.

Lezing Aad van der Geest over de herkomst van de naam Lisse in 1198

In 1198 vinden we de vermelding ‘aput Lis’. Dit duidt op een plaatsnaam. 

Nieuwsflits

NIEUWSBLAD Jaargang 9 nummer 4, oktober 2010

In september hield Aad van der Geest een zeer interessante lezing over de herkomst van plaatsnamen. De oudste namen zijn doorgaans van oorsprong waternamen, die op den duur overgingen op de nederzettingen. De oorsprong van Lisse is daar niet uit te verklaren. Van de Geest benadrukt dat altijd teruggekeken moet worden naar de eerste bronnen. De naam Lisse vinden we, als Lis, in 1182 terug in verband met de bruiloft van Margaretha, dochter van graaf Floris III, met Dirk van Kleef. Er staat dan “Magnifice Lis celebratis”, wat duidt op steekspelen, (het grootse tournooiveldse feest). De oorsprong van het Franse woord “Lice” gaat terug op het oud-latijnse “Stlis” via het Latijnse “Litis” of “Lis”, wat strijd of geschil betekende. Later werd de betekenis via het Frans strijdperk of tournooiveld. Tijdens de bruilofsfeesten zou er in deze omgeving een tournooi geweest kunnen zijn. Lis wordt dan dus niet gebruikt als plaatsnaam. Mogelijk was er een eerdere nederzetting met een naam waarvan de betekenis niet meer begrepen werd. In 1198 vinden we een vermelding “apud Lis”. Op dat moment wordt het gebruikt als plaatsaanduiding. Aanpassing in het dagelijkse taalgebruik uit die tijd kan veroorzaakt hebben dat het woord Lis van bijvoeglijk naamwoord veranderde in plaatsnaam.

Lisse en haar ontwikkeling

Hoe heeft Lisse zich ontwikkeld ten opzichte van vroeger?
Lisse was vroeger een klein dorpje met heel weinig voorzieningen. Naar mate er meer bewoning kwam in dit dorp, kwamen er ook meer voorzieningen voor etenswaren en kookgerei. Er kwam meer ontwikkeling en na enige tijd werd ook alles steeds luxer.

Brit van Kesteren heeft de geschiedenis van Lisse beschreven in ‘Lisse en haar ontwikkeling’.

Nieuwsblad Jaargang 6 nummer 3, juli 2007

door Britt van Kesteren, HAVO 4, leerlinge van het Fioretti college.

Zij maakte in 2006 een fantastisch verhaal over de lokale geschiedenis van Lisse. Ze maakte deze opdracht door verschillende boeken, nieuwsbladen van de Ver.Oud Lisse en bronnen op het internet te raadplegen, naast het inwinnen van adviezen bij cultuur- en landschapsgeograaf Dr.Jan Beenakker en Wim Bosch voorzitter van de Ver.Oud Lisse. Haar complete verhaal incl. afbeeldingen ziet u hieronder.

LISSE EN HAAR ONTWIKKELING

Naam: Britt van Kesteren
Klas: 4H4
Inleverdatum: 10 april 2006
Docent: Dhr. Hinsbergen

Inleiding
Deelvraag 1: Hoe is het landschap van Lisse ontstaan en/of opgebouwd?
Deelvraag 2: Hoe is Lisse ontstaan en hoe heeft Lisse zich ontwikkeld?
Deelvraag 3: Hoe heeft de bollenteelt bijgedragen aan de ontwikkeling van Lisse?
Deelvraag 4: Hoe is Lisse uitgegroeid tot een dorp met het aantal inwoners dat het nu heeft?
Conclusie
Eigen mening
Logboek
Bronvermelding
Vragen aan Dhr. J.J.J.M. Beenakker
Het verhaal als pdf-bestand

Inleiding:

Toen ik een onderwerp voor deze Praktische Opdracht moest kiezen had ik geen idee waaraan ik moest denken. De voorbeelden van andere Praktische Opdrachten die de leraar mij gaf hebben mij hierbij erg goed geholpen. Ik kwam een Praktische Opdracht tegen met het onderwerp Hillegom, vroeger en nu. Het ging in dit werkstuk niet alleen maar over de onderwerpen die ik in mijn Praktische Opdracht behandelt heb, maar dit hielp mij enorm om een keuze te maken voor het onderwerp dat ik moest kiezen voor mijn Praktische Opdracht.

Hoofdvraag:
Hoe heeft Lisse zich ontwikkeld ten opzichte van vroeger?

Deelvragen:
1) Hoe is het landschap van Lisse ontstaan en/of opgebouwd?
2) Hoe is Lisse ontstaan en hoe heeft Lisse zich ontwikkeld?
3) Hoe heeft de bollenteelt bijgedragen aan de ontwikkeling van Lisse?
4) Hoe is Lisse uitgegroeid tot een dorp met het aantal inwoners dat het nu heeft?

Eerst ga ik op internet kijken, zodat ik weet of er op internet veel informatie te vinden is. Al is dat niet het geval, dan ga ik naar de mediatheek of de bibliotheek voor veel boeken en informatie. Ook ga ik naar het museum `De Zwarte Tulp’. Dit is een museum van de Duin- en Bollenstreek. Misschien ga ik nog op zoek naar personen die betrokken zijn met de ontwikkeling van Lisse.
lk ben van plan om elke week aan de Praktische Opdracht te gaan werken, zodat ik niet alles op het laatst of moet maken en dat het dus niet netjes is.

Ik denk dat alle informatie die ik op ga zoeken erg goed gaat uitpakken. Misschien zal er op internet niet zo heel veel te vinden zijn, maar dat zal verder geen consequenties hebben voor het eindresultaat.

Deelvraag 1
Hoe is het landschap van Lisse ontstaan en/of opgebouwd?

Het ontstaan
De laatste ijstijd, het Weichselien wat is vemoemd naar de Poolse rivier de Weichsel, begon ongeveer 75.000 jaar geleden en heeft geduurd tot circa 10.000 jaar voor heden. Gedurende deze periode reikte het landijs tot aan de Elbe. De gletsjers en de landijsbedekking onttrokken water aan de oceanen. De zeespiegel daalde daardoor ongeveer 100 meter zodat ondiepe zeeën zoals de Noordzee droogvielen. In ons land en in het droogliggende Noordzeebekken heerste in die tijd een toendraklimaat. Het was heel koud en droog. ’s Zomers werd de gemiddelde temperatuur niet hoger dan 6 C, terwijl in de winter de gemiddelde temperatuur ver onder het vriespunt bleef.
Door deze klimatologische omstandigheden was er weinig vegetatie tijdens het Weichselien. De toendravlakte was schaars begroeid met mossen en kruiden_ In dit gebied leefden dieren als de mammoet en de wolharige neushoorn. De stormen die over de ijskap en toendra’s heen waaiden konden zand over een groot stuk land verstuiven. Dit zand werd in de vorm van dekzand in hele dikke lagen over oudere lagen afgezet. Deze afzettingen vormden de Formatie van Twente. De bovenzijde van dit oude landoppervlak ligt ter hoogte van Lisse ongeveer 12 tot 15 meter beneden NAP.

Tegen het einde van de ijstijd kwam er een wereldwijde klimaatsverandering. Daardoor begon 10.000 jaar geleden het Holoceen. Dit is het tijdvak waarin wij nu leven. De wereldwijde opwarming van de aarde na het Weichselien is de laatste grote klimaatswisseling die op aarde heeft plaatsgevonden en is in de archeologie de overgang van het Paleolithicum (Oude Steentijd) naar het Neolithicum (Nieuwe Steentijd). In deze tijd was er een grote toendravlakte waar wolharige neushoorns rondliepen. Een toendravlakte is een vlakte waar kruiden en heel erg weinig bomen groeien. Het is een bevroren vlakte wat een beetje smelt in het voorjaar en de zomer. In het voorjaar en de zomer is het land hierdoor een beetje modderig.
De wereldwijde klimaatsverandering was iets heel belangrijks, iets wat in deze tijd ook een belangrijke rol speelt. De gemiddelde jaartemperatuur begon te stijgen met een graad per jaar. Dit betekende dus dat de gletsjers in Groenland, Scandinavië en de Alpen begonnen af te smelten. Dit zorgde voor een stijging van de zeespiegel met meer dan 100 meter. De zee overstroomde het Noordzeebekken en bereikte uiteindelijke de tegenwoordige kuststrook van Nederland.

Door de klimaatsverandering maakte de toendravegetatie plaats voor een bebost landschap. Het gevolg van de stijging van de zeespiegel was dat er in het kustgebied drie verschillende afzettingsmilieus ontstonden die zich in de loop van het Holoceen naar het zuiden en oosten verplaatsten:
1. de zandige zone van strandwallen en duinen
2. de kleiige zone van wadden, kwelders en brakwaterlagunes
3. het verst van de zee af in een verzoetend nat milieu een zone van veenvorming

Het landschap was helemaal droog. Door dit landschap stroomden wat rivieren.
Al dit water stroomde in het Noordzeegebied. Dit Noordzeegebied is de huidige Noordzee. Door deze klimaatverandering verzamelde het smeltwater zich allemaal in het Noordzeebekken. Zo kwam het dat er 9000 jaar geleden eerst maar één meter zee was, daarna twee meter enzovoorts. Kortom op een gegeven moment was er een Noordzee die op sommige plaatsen wel honderd meter diep was. Nu betekende dit, dat de bodem van de Noordzee soms wel honderd of meer dan honderd meter lager ligt dan het land waarop we nu leven.
Terwijl al dit water zich verzamelde in het Noordzeebekken, kwamen er na enkele duizenden jaren allemaal zeestromen. Deze zeestromen zetten zandbanken af. Het afzetten van de zandbanken betekende ook dat er duinvorming kwam. De zandbanken waren eigenlijk duinen. De eerste duinen waren in feite heel lage duinen van ongeveer tien meter hoog. Het Keukenhofbos is een overblijfsel van deze eerste duinen en is hier dan ook een goed voorbeeld van. Deze eerste duinen zetten zich af in verschillende rijen.
Lisse lag bijvoorbeeld ook op een stukje duin, alleen is hier niets meer van te zien. Alle eerste duinen zijn afgegraven. Het overgebleven landschap is bollengrond geworden.
4000 a 5000 jaar geleden zijn er allemaal duinen ontstaan tot aan het Haarlemmermeer. Dit komt omdat het Haarlemmermeer en de Kagerplassen nog allemaal open water was.
De duinen die 4000 a 5000 jaar geleden ontstaan zijn, bestaan nu met meer. Deze duinen zijn allemaal afgegraven en bollengrond geworden. Pas grofweg het jaar 1000 zijn de duinen ontstaan zoals we die nu kennen. Deze duinen liggen aan de zee. Maar voordat deze duinen er waren, zijn er al een heleboel rijen duinen ontstaan. Deze eerste duinen zijn landinwaarts ontstaan, in tegenstelling tot de huidige duinen die zeewaarts zijn ontstaan.

Het ontstaan van de duinen
De zeestromen langs de Noordzeekust vervoerden grote hoeveelheden zand. In rustig water werd dit zand in de vorm van zandbanken evenwijdig aan de kust afgezet. Deze zandbanken waren de zogenaamde strandwallen. Dankzij de grote hoeveelheden afgezet zand samen met een overheersende over het land gaande wind vond er duinvorming plaats. De duinen raakten begroeid met planten die het zand vasthielden en ze werden steeds hoger door het stijgende zandoppervlak. Er ontstond een gesloten kust die slechts onderbroken werd door enkele riviermondingen zoals de Oude Rijn bij Katwijk. De duinen die op deze manier vanaf ongeveer 5000 jaar geleden zijn gevormd, werden de Oude Duinen genoemd. Later zijn op deze oude duinruggen de dorpen in de Duin- en Bollenstreek ontstaan. In de tweede helft van de tiende eeuw vond een belangrijke verandering langs de gehele Noordzeekust plaats. De meest westelijk geleden strandwallen werden door de wind en de golven afgebroken waardoor grote hoeveelheden zand van de zeebodem vrij kwamen. Nadat de stormfrequentie in het kustgebied sterk was toegenomen, werd dit zand het land in verplaatst en afgezet over de bestaande duinruggen. 
In een smalle strook vlak aan de kust vormde zich op deze manier een nieuwe rij duinen van enkele kilometers breedte. Deze duinen waren de Jonge Duinen. De Jonge Duinen liggen dus voor een deel over het oude duinlandschap heen.

Het grondgebruik door de jaren heen
In de Middeleeuwen (toen er bewoning was) waren er grove groenten, zoals rapen en wortelen en heel laagwaardige graansoorten, zoals gierst en spelt. Spelt is een oud tarweras met een opvallend lange en slanke aar.
Vanaf de Middeleeuwen kun je al zien dat het Duin- en Bollenstreek gebied een veeteeltgebied wordt met rundvee en melkvee.
In de zeventiende eeuw werd er hop verbouwd. Hop is een kruidachtige klimplant. De bitterstoffen uit hop zijn een bestanddeel van bier. Er werd ook vlas voor de linnenindustrie verbouwd.
Naarmate de duinen werden ontgonnen zie je dat er steeds meer tuinbouwgronden kwamen. Dit ging dan voornamelijk om de fijne tuinbouw met de fijne groenten, zoals sla en asperges maar ook fruit, zoals appels, peren, kersen en ook kruisbessen en aardbeien. De Bollenstreek was heel beroemd in het telen van kruisbessen en aardbeien. Hillegom had zelfs een hele aparte markt in Amsterdam waar de Hillegomse aardbeien verkocht werden. Lisse had een heleboel kruidentuinen. Kruiden voor geneesmiddelen en voor in de keuken, maar ook kruiden om make-up van te maken.
Rond 1800 kwam er aardappelteelt. Er werden toen ontzettend veel aardappelen verbouwd. Rond 1850 kwam hier de grootschalige bloembollenteelt.

Er wordt vaak vergeten dat Lisse vroeger een heel belangrijk veeteeltgebied was. Tussen 1700 en 1800 leverde Lisse producten zoals boter, kaas en melk aan de markt in Leiden en Haarlem. In die tijd exporteerde Lisse ook kaas naar Indië. Indië was toen ook een kolonie van Nederland. Deze export maakte Lisse een heel belangrijke bron voor Indië.

Deelvraag 2

Hoe is Lisse ontstaan en hoe heeft Lisse zich ontwikkeld?

Het ontstaan en de ontwikkeling van Lisse
Er wordt beweerd dat Lisse niet tot een van de oudste dorpen van de Bollenstreek behoort. De oudste dorpen zijn waarschijnlijk Hillegom en Sassenheim. Lisse is ietwat later ontstaan, maar dat wil niet zeggen dat Lisse geen oud dorp is. Waarschijnlijk is Lisse tussen het jaar 500 en 800 na Christus ontstaan. Dit is namelijk de periode waarin de huidige Duin- en Bollenstreek werd ontgonnen. Hierover zijn geen precieze gegevens te vinden.
In 1198 is er een vermelding van een kapel van de kerk van Sinte Marie in Lisse geweest. Dit is de eerste betrouwbare vermelding van Lisse. Het woord Lisse komt wel vaker voor in oude archieven, maar dan is er geen zekerheid of deze bron wel betrouwbaar is.
Doordat de eerste betrouwbare vermelding van Lisse in 1198 was, werd er besloten dat Lisse vanaf dat jaartal officieel bestond. Lisse zal wel iets langer bestaan hebben dan vermeld, maar dit zal niet veel langer zijn geweest.

Kaart van Lisse van Balthasar uit 1615

Lisse was op dat moment een heel klein dorpje en is dat gebleven tot het midden van de 19e eeuw. Er waren een paar boerderijen en er wonen nog geen honderd mensen. Het hele landschap was bos met hier en daar een akker of een paar koeien op een stuk grasland. Er was een houten kapel wat diende als de Nederlands hervormde kerk zoals we die nu kennen. Lisse is pas een beetje beroemd geworden door de bollenteelt rond het jaar 1840. Voor deze tijd stelden alle dorpen in de Bollenstreek niet zoveel voor. Maar toen de bollenteelt eenmaal begon, ging alles in een razend tempo. Vanaf dat moment werd Lisse en al de dorpen eromheen heel beroemd.

Het ontstaan van de bloembollenteelt

De bollen kwamen vroeger uit Azië. Ver in de 17e eeuw kwam er iemand uit Turkije en ging naar Charles de 1’Escluse (Clusius). Clusius was een professor en de baas van de keizerlijke tuinen in Praag en in Wenen. Hij heeft geleefd van 1526 tot 1609. Hij zorgde ervoor dat de tuinen er mooi uitzagen. Uiteindelijk nam de ambassadeur van Turkije tulpenbollen of tulpenzaad mee, dit is niet helemaal zeker. In Turkije en ook in andere delen van Azië was al een hele tulpencultuur ontstaan. Alle sjeiks hadden al prachtige tuinen vol staan met tulpen en andere bloemen. 
Al die tulpen kwamen bij Clusius. Hij moest weg uit Praag en uit Wenen vanwege godsdienstongeregeldheden. Hierdoor verhuisde hij naar Leiden. In Leiden werd hij professor aan de Universiteit van Leiden. Hier ging hij verder met het planten van zijn tulpenbollen.
In het begin vond men deze bloem maar heel raar, want een bol diende in die tijd als geneesmiddel. De bloembollen werden niet gekweekt voor de sier, maar voor reuma, verkoudheid enzovoorts.

Op een gegeven moment begon men toch anders over deze bloemen te denken. De tulp was toch wel een mooie bloem. Dit was eigenlijk het begin van de bloembollenteelt. De bollen werden vermeerderd en er werden tulpenveldjes aangelegd met allerlei mooie soorten tulpenbloemen.
Na enige tijd was het zelfs zo dat er geen tulpenbollen meer van Azië naar Nederland geëxporteerd werden, maar dat Nederland tulpenbollen naar Azië ging exporteren. Veel bollenboeren gingen zich hier ook specialiseren in nieuwe soorten tulpenbollen. Dit is iets wat nooit gedaan is in het oosten. In de Bollenstreek is men zich dus echt gaan specialiseren op de tulpenteelt. Later ook op de hyacinten- en narcissenteelt.
Rond 1635 deed zich een verschijnsel voor dat ’tulpomanie’ of ’tulpemwoede’ werd genoemd. Steeds meer mensen wilden een of meerdere tulpen kopen. Een bloembol werd een beleggingsobject. Tussen 1634 en 1636 vertwintigvoudigden de prijzen zich. Voor één bloembol werd tijdens de tulpomanie 5.000 gulden betaald. Bekend is de transactie waarbij een bol in natura werd betaald:
– twee ladingen graan
– twee ladingen rogge
– vier vette ossen
– acht vette varkens
– twaalf vette schapen
– 5.000 liter wijn
– 35 liter bier
– 1500 kilo boter
– 500 kilo kaas
– Een bed
– Een zilveren beker
– Een pak van lakense stof

Eerst was de bloembollenteelt vooral in Haarlem, aan de randen van Haarlem. En pas rond 1850 kwam de bloembollenteelt meer richting de kant van Lisse en Hillegom. Dit was omdat de vraag naar de bollen heel erg groot werd. De Haarlemse kwekers konden het op een gegeven moment met meer aan. Op datzelfde tijdstip worden ook de duinen afgegraven en er bleek toen dat er van het afgegraven land uitstekende bollengrond overbleef. De Haarlemse kwekers vonden dat zij deze grond erg goed konden gebruiken. Dit is de reden waarom de bloembollenteelt uitgegroeid is van Haarlem naar Lisse en omstreken.

De toekomst van het Lissese landschap en de cultuur
Er is in de loop van de afgelopen jaren ontzetten veel cultuur vernietigd in Lisse. De monumentencommissie in Lisse doet op dit moment best goed werk. Er is dus in Lisse heel erg veel verdwenen aan cultuurhistorische waardevolle zaken. Er wordt dan ook gehoopt dat er van het verleden geleerd is. Dat niet alles zomaar op de schop gegooid moet worden, alleen gebeurt dit natuurlijk nog steeds. 
Maar er zijn heel veel mensen die hun best doen om de bollengrond to bewaren. Deze mensen werken bijvoorbeeld aan kasteel Keukenhof om het mooi te restaureren. Ook Huys Dever, het hervormde kerkje op het Vierkant en de Agathakerk zijn helemaal opgeknapt.
Er gebeuren een heleboel goede dingen. Maar het grote gevaar blijft de opdringende nieuwe bebouwing. Het is natuurlijk noodzakelijk om huizen te bouwen. Maar er moet meer nagedacht worden over hoe je nieuwbouw plant in het bestaande landschap.
Het is erg goed dat er steeds meer mensen gevoel krijgen voor cultuurhistorie. Voor de monumentale gebouwen en het landschap in het dorp

Deelvraag 3
Hoe heeft de bollenteelt bijgedragen aan de ontwikkeling van Lisse?

Lisse stelde vroeger helemaal niets voor. Het was een klein dorpje waar je liever niet wilde wonen. Totdat de bollenteelt kwam. In Lisse waren een aantal goede enthousiaste ondernemer die dachten dat ze heel veel geld zouden kunnen verdienen met de bollenteelt. Die ondernemers hebben de bollenteelt hier in Lisse opgezet.
In de tijd dat de bollenteelt is opgezet begon men ook al met bloembollententoonstellingen. Deze tentoonstellingen werden niet in Lisse maar in Haarlem gehouden. De Lissese bollenkwekers zonden dan gewoon hun materiaal in naar Haarlem, zodat het alsnog getoond kon worden.
Met name toen de tentoonstellingstuin Keukenhof in 1949 werd opgericht, werd Lisse wereldberoemd. De streek zelf was al heel beroemd, want vanaf het begin dat de bloembollen werden geteeld gingen bollenreizigers naar Amerika. Dit was allemaal nog heel primitief, de reizigers gingen met stoomboten naar Amerika en met stoomtreinen naar het oosten enzovoorts.
Langzaam maar zeker werd de streek hier bekend, maar dankzij de oprichting van het tentoonstellingsterrein Keukenhof werd deze streek echt wereldberoemd. Sindsdien is Lisse nog steeds voor de hele wereld het middelpunt van de bollenstreek, terwijl Lisse allang niet meer de plek is waar heel veel bollen geteeld worden. Er worden nu zelfs een heleboel bollen in bijvoorbeeld Noord-Holland geteeld. Maar voor het toerisme zijn Lisse en de Keukenhof nog steeds het centrum van de bollenteelt.

Het ontstaan en de rol van de Keukenhof
De plek van het tentoonstellingsterrein Keukenhof ligt op een heel andere buitenplaats dan Keukenhof. De buitenplaats waarop het tentoonstellinnsterrein Keukenhof zich bevindt is Santvliet. Vroeger had je een heleboel buitenplaatsen en kastelen. Op een gegeven ogenblik kwam er een familie die bedacht om een huis te bouwen op de plek waar nu de Keukenhof is. Dit huis heeft in de loop der tijd een heleboel verbouwingen ondergaan, totdat het kasteel eruit ziet zoals het er nu uitziet. Het was niet direct gebouwd als kasteel, maar in de loop der jaren zijn er steeds stukjes bijgebouwd en afgebroken. Uiteindelijk heeft de familie van Palland ervoor gezorgd dat het kasteel eruit ziet zoals het er nu uitziet.
Momenteel is de laatste kasteelheer overleden, dit is 3 à 4 jaar geleden. Er zijn geen plannen om een nieuwe kasteelheer aan te stellen. Het kasteel is nu in handen van een stichting die het helemaal gaat restaureren en toegankelijk gaat maken voor het publiek.
De rol van de Keukenhof is heel duidelijk. Het is een enorme toeristische trekpleister en is het middelpunt rondom de gehele verkoop van bloembollen.

Deelvraag 4
Hoe is Lisse uitgegroeid tot een dorp met het aantal inwoners dat het nu heeft?

De eerste bewoners van Lisse en omstreken
De eerste bewoners in de Duin- en Bollenstreek waren mensen die opzoek waren naar nieuwe landbouwgrond. Lisse is ontstaan rond het jaar 800 a 900. Officieel is Lisse ontstaan in 1198, maar het zou ook eerder kunnen zijn omdat hier geen definitieve bewijzen van zijn. In de tijd van het ontstaan van Lisse was er een enorme bevolkingsdruk. De bevolking nam toe en zocht naar landbouwgrond.
Het Haarlemmermeer was vroeger allemaal veengebied. Het was er erg nat. Mensen zochten hierdoor naar nieuwe grond om op te wonen en te werken. Ze gingen naar de duinen, want daar was het in ieder geval droog. Bij de duinen konden ze huizen bouwen en grond ontginnen. Dit gebeurde allemaal heel kleinschalig en heel primitief.
Misschien kwamen deze mensen uit het Haarlemmermeergebied of langs de randen van de rivier de Rijn en zochten naar nieuwe grond om voor hun kinderen een bestaan op te bouwen. Die mensen bouwden hier een huis. Het was nog allemaal woest bosgebied dus kapten ze bomen, brandden stukken bos af of spitten de grond om en zaaiden er iets in.
In de beginfase waren deze mensen zelfvoorzienend. In de loop der tijd zie je dat ze met een overschot aan voedsel gingen ruilen. Er kwamen mensen langs, marskramers, die hen zout of potten verkochten. Dit ruilden de marskramers weer voor etenswaren.
In deze beginfase was er met name ruilhandel waarbij de eerste boeren in Lisse agrarische producten gebruikten om te ruilen. Dit was geheel zelfvoorzienend. Ook qua kleding betreft. De bewoners weefden zelf hun kleding. Het wol haalden ze van hun schapen. Er waren niet zoveel schapen, een paar runderen voor wat melk, geiten en kippen. Deze dieren leken totaal niet op hoe ze er nu uitzien. Ze waren veel kleiner een veel magerder.
In de loop der tijd begon er meer handel met Leiden en Haarlem te ontstaan. Vooral in de 16e en 17e eeuw de hopproductie voor de bierbrouwerijen. In Leiden en Haarlem had je een heleboel bierbrouwerijen die hop nodig hadden voor de bierbereiding.
Dan begint er langzaam maar zeker een handel te ontstaan. Op een gegeven ogenblik kwam er via het Haarlemmermeer, dit was toen het nog een grote watermassa was, handel met steden die was verder weg lagen voor groenten en fruit.

Hoe is Lisse uitgegroeid tot een dorp met zoveel inwoners als dat het nu heeft?
In de 15e eeuw woonden er in Lisse nog maar 100 a 150 mensen. Tot ongeveer het jaar 1800 woonden er nog maar heel weinig mensen in Lisse. Je ziet pas een bevolkingsgroei ontstaan met de opkomst van de bollencultuur. Dit is vanaf het jaar 1800.
De groei van de bevolking was een heel langzame trend tot het einde van de Tweede Wereldoorlog. Hiervoor nam de bevolking wel iets toe, maar dit gebeurde echt heel langzaam. Pas na de Tweede Wereldoorlog groeide de bevolking ineens heel hard. Er was natuurlijk na de Tweede Wereldoorlog een geboortegolf, die niet alleen in Lisse maar ook in de rest van Nederland heeft plaatsgevonden.
Hierna begint Lisse ook andere activiteiten aan te trekken. Door de uitbreiding van de bloembollenteelt groeit de hele economie en de bevolking. De echt sterkte groei van de bevolking was tussen 1945 en 1950. Hiervoor ging de bevolkingsgroei druppelsgewijs.

Het ontstaan van de naam Lisse
Het ontstaan van de naam Lisse is eigenlijk niet bekend.
Er wordt wel gesproken over ‘Lis’ als bloem. Sommigen zeggen dat Lisse komt van ‘Liusna’ alleen hiervan is ook niet bekend wat het precies betekent.
Op dit moment is hier verder geen antwoord op te geven.
Enkele naamkundigen zijn hiernaar op zoek, alleen komen zij ook niet verder dan de naam `Liusna’.

De Heereweg
De Heereweg is een weg die er eigenlijk al vanaf bet begin heeft gelegen. Deze weg bestaat al vanaf bet jaar 700. Dit houdt dus in dat hij al meer dan 1500 jaar oud is. Hij heeft niet altijd op dezelfde plek gelegen, maar wel altijd als doorgaande route van Leiden naar Haarlem gediend.
In de franse tijd, de tijd van Napoleon, is de weg bestraat. Het was eerst gewoon een zandweg waar postkoetsen overheen reden. Maar in de Napoleontische tijd maakte deze weg deel uit van een heel belangrijke route van Antwerpen naar Amsterdam. Dan kon je over een bestraatte weg met je postkoets of leger van zuid naar noord en andersom. Niet alleen tussen Leiden en Haarlem heette deze weg ‘Heereweg’, maar ook op andere plekken werd de weg wel Heereweg genoemd. Het woordje Heere heeft waarschijnlijk te maken gehad met het feit dat de weg door iedereen werd onderhouden, het was dus niet de weg van een heer, graaf of koning. Maar het was een weg van de gemeenschap. Het was hard nodig dat de weg werd onderhouden, want ook een paar eeuwen geleden gebeurden er ongelukken op de Heereweg. Deze ongelukken gebeurden dan alleen niet met een auto maar met een postkoets. Er werd toen ook rommel op straat gegooid. Die rommel was dan wel geen plastic, maar mest of as uit de kachels.
Het bijzondere aan deze weg is dat hij over de duinen loopt. Het huidige wegenpatroon in de Duin- en Bollenstreek is van zuid naar noord en er zijn nauwelijks dwarsverbindingen.

Conclusie:

Deelvraag 1:
Hoe is het landschap van Lisse ontstaan en/of opgebouwd?
Het landschap van Lisse is eigenlijk ontstaan door de duinen. Eerst de oude duinen en later de jonge duinen. Hoofdzakelijk zijn dus de duinen die het landschap van Lisse hebben gevormd.

Deelvraag 2:
Hoe is Lisse ontstaan en hoe heeft Lisse zich ontwikkeld?
Lisse ontstond in 1198. Lisse was op dat moment nog een heel klein dorpje met heel weinig inwoners.
Lisse is pas een beetje beroemd geworden door de bollenteelt rond het jaar 1840. Voor deze tijd stelden alle dorpen in de Bollenstreek niet zoveel voor. Maar toen de bollenteelt eenmaal begon, ging alles in een razend tempo. Vanaf dat moment werd Lisse en al de dorpen eromheen heel beroemd.

Deelvraag 3:
Hoe heeft de bollenteelt bijgedragen aan de ontwikkeling van Lisse?
Langzaam maar zeker werd de streek hier bekend, maar dankzij de oprichting van het tentoonstellingsterrein Keukenhof werd deze streek echt wereldberoemd. Sindsdien is Lisse nog steeds voor de hele wereld het middelpunt van de bollenstreek, terwijI Lisse allang niet meer de plek is waar heel veel bollen geteeld worden. Er worden nu zelfs een heleboel bollen in bijvoorbeeld Noord-Holland geteeld. Maar voor het toerisme zijn Lisse en de Keukenhof nog steeds het centrum van de bollenteelt.

Deelvraag 4:
Hoe is Lisse uitgegroeid tot een dorp met het aantal inwoners dat het nu heeft?
In de 15e eeuw woonden er in Lisse nog maar 100 a 150 mensen. Tot ongeveer het jaar 1800 woonden er nog maar heel weinig mensen in Lisse. Je ziet pas een bevolkingsgroei ontstaan met de opkomst van de bollencultuur. Dit is vanaf het jaar 1800.
De groei van de bevolking was een heel langzame trend tot het einde van de Tweede Wereldoorlog. Hiervoor nam de bevolking wel iets toe, maar dit gebeurde echt heel langzaam. Pas na de Tweede Wereldoorlog groeide de bevolking ineens heel hard. Er was natuurlijk na de Tweede Wereldoorlog een geboortegolf, die niet alleen in Lisse maar ook in de rest van Nederland heeft plaatsgevonden.

Hoofdvraag:
Hoe heeft Lisse zich ontwikkeld ten opzichte van vroeger?
Lisse was vroeger een klein dorpje met heel weinig voorzieningen. Naar mate er meer bewoning kwam in dit dorp, kwamen er ook meer voorzieningen voor etenswaren en kookgerei. Er kwam meer ontwikkeling en na enige tijd werd ook alles steeds luxer.

Eigen mening:

Ten eerste wil ik even laten weten dat ik het echt superleuk vond om deze Praktische Opdracht te maken. Ik heb er erg veel energie in gestoken wat dan ook een goed eindresultaat op heeft geleverd. Ik vind het erg leuk om te weten hoe Lisse nou eigenlijk ontstaan is. Helemaal omdat ik zelf ook in Lisse woon en er nu toch een andere kijk op gekregen heb.
Mijn voorspellingen aan het begin van mijn Praktische Opdracht zijn naar mijn mening aardig gelukt. Voordat ik aan het echte werk begon, ging ik eerst even op internet zoeken naar informatie. Hier was toch minder te vinden dan dat ik gedacht had. De informatie die op internet stond was een beetje oppervlakkig, het ging niet wat dieper in op bepaalde punten. Daarom ging ik naar de mediatheek en de bibliotheek van Lisse om op zoek te gaan naar boeken met wel veel informatie over Lisse en de Duin- en Bollenstreek. Hiermee kwam ik al een heel stuk verder. Aan de hand van de boeken heb ik mijn deelvragen bedacht. Zo kon ik mooi mijn informatie sorteren per deelvraag.
In de mediatheek had een vrouw voor mij het nummer van een meneer van Vereniging Oud Lisse opgezocht. Zij vertelde mij dat deze meneer Wim Bosch heette en dat hij mij misschien verder kon helpen. Ik heb Wim Bosch toen opgebeld en hij was zeer enthousiast. Ik maakte met hem een afspraak en kreeg heel veel boeken mee naar huis. Later ben ik nog een keer bij hem langs geweest voor plaatjes van kaarten en het landschap. Deze plaatjes heb ik helaas niet in mijn werkstuk kunnen verwerken, omdat het programma niet werkte.
Doordat ik zoveel boeken had, had ik erg veel keus aan informatie. Wat mij erg opviel tijdens het lezen, was de naam J.J.J.M. Beenakker. Dus bedacht ik deze man op te bellen. Ook deze was erg enthousiast en nodigde mij ook uit om een keer langs te komen. Hij vertelde mij dat hij cultuurlandschapsgeograaf is en dus ook heel veel van het landschap afwist. Ik had een paar vragen gemaakt en die natuurlijk aan hem gesteld. Omdat ik van te voren wist dat het een lang verhaal zou worden, had ik met mijn mp3-speler het ‘interview’ opgenomen. Tijdens het gesprek kreeg ik nog een kopie van een landkaart die gemaakt is in het jaar 1575. deze mocht ik houden. Ook kreeg ik nog een boekje over de bollenstreek.
Ik vond het echt heel erg leuk dat deze mensen mij zo geholpen hebben. Mijn werkstuk is hierdoor erg mooi geworden.
Naar mijn mening zijn er geen dingen fout gegaan. Mijn resultaten zijn erg betrouwbaar. De informatie komt uit boeken en/of personen. Door deze Praktische Opdracht ben ik meteen op een onderwerp voor mijn profielwerkstuk gekomen. Ik wil mijn profielwerkstuk namelijk gaan doen over Huys Dever.

Logboek:

Wanneer
Hoelang
Wat
Week 6
2 uur
Informatie zoeken
Week 7
1 uur
Informatie zoeken

1 uur
Deelvraag 1 + 2
Week 8
2 1/2 uur
Informatie ontstaan landschap
Week 9
2 uur
Boeken doorgelezen en plaatjes gezocht

1/2 uur
Bezoek aan Museum De Zwarte Tulp
Week 10
1/2 uur
Bezoek aan Wim Bosch

2 1/2 uur
Bezoek aan J.J.J.M. Beenakker

1 uur
Gewerkt aan verslag van J.J.J.M. Beenakker
Week 11
1 1/2 uur
Gewerkt aan verslag van J.J.J.M. Beenakker
Week 12
1 uur
Bezoek aan Wim Bosch voor oude kaarten en overige plaatjes
Week 14
3 uur
Gewerkt aan verslag + verwerkt van verslag van J.J.J.M.Beenakker
Week 15
2 uur
Verwerken van alle Informatie

1 1/2 uur
Alle Informatie goed bij elkaar gezocht

2 uur
Gehele werkstuk in elkaar gedraaid

Bronvermelding:

Internet:
– http://www.kustgids.nl/lisse/fr_index.html?/lisse/main.html
– http://www.oudlisse.nl/

Boeken:
– Lisse, op de grens van droog en nat
– Vereniging “Oud Lisse”
– Met ’t oog op de Bloembollenstreek
– De Duin- en Bollenstreek in ‘caert’ gebracht
– De Duin en Bollenstreek in vogelvlucht
– De Duin- en Bollenstreek beschreven
– Kijk, foto-archief Lisse en omstreken foto Mieloo
– Kaartreportage Zuid-Holland

Overige
– uitzending Schooltv 27 maart 2006

Personen:
– Wim Bosch (voorzitter van Vereniging Oud Lisse)
Nassaustraat 1B
2161 RJ Lisse
0252-416373

– J.J.J.M. Beenakker (cultuurlandschapsgeograaf)
Stationsweg 202
2182 BH Hillegom
0252-516477

Vragen aan Dhr. J.J.J.M. Beenakker

1. Hoe is het landschap van Lisse ontstaan en/of opgebouwd?

2. Hoe zijn de duinen ontstaan?

3. Wat is het grondgebruik door de jaren been?

4. Hoe is Lisse ontstaan en hoe heeft Lisse zich ontwikkeld?

5. Hoe is de bollenteelt begonnen en/of ontstaan?

6. Hoe heeft de bollenteelt bijgedragen aan de ontwikkeling van Lisse?

7. Hoe is de Keukenhof ontstaan en wat heeft de Keukenhof voor speciale rol gespeeld voor Lisse?

8. Wie waren de eerste bewoners?

9. Hoe is Lisse uitgegroeid tot een dorp met zoveel inwoners als dat het nu heeft?

10. Hoe is de naam Lisse ontstaan?

11 Wat is er voor bijzonders met de Heereweg?

12. Hoe staat het met de toekomst van het Lissese landschap en de cultuur?

 

Copyright © 2007 Vereniging Oud Lisse

Een bevallige en welvarende plaats

Het Lisse in 1811 tot 1870 wordt beschreven. De bevolking liep op van 1116 inwoners in 1811 tot 2099 in 1874.

Uit: Witkamp Aardrijkskundig Woordenboek'(18 maart 1877)

Jaargang 5 nummer 1, januari 2006

Nieuwsflitsen

Lisse, gem. in Z.-Holl., tusschen Hillegom, Noordwijkerhout, Voorhout en Sassenheim in Z.-Holl. en Haarlemmermeer in N.-Holl. Het grootste deel der gem. — die in het geheel 1591 bund. beslaat, — bestaat uit allu-visch zand (duingronden). Er zijn echter ook klei-gronden en laag veen. In 1811 had deze gem. 1116, in 1822 1187, in 1840 1544, in 1874 2099 inw. Bij de volkstelling voor 1870 was deze bevolking onderscheiden in 1309 R.-Kath., 498 N.-Herv., l W.-Herv., 115 Chr.-.Geref., 8 Ev.-Luth, 4 Doopsgez., l Rem., l N.-Isr. en l ongen. De voornaamste middelen van bestaan zijn landbouw, bloemkweekerij en warmoezerij (groentenkweke-rij), veeteelt en zuivelbereiding. De gem. bevat het d. Lisse, het geh. Veenenburg, verscheidene buitenverblijven, zooals: Keukenhof, Wassergeest, Wildlust, enz.

Het d. Lisse, aan den straatweg van Haarlem naar Leiden en ‘s-Gravenhage, bevatte in 1870 1262 inw. binnen de kom. Het is eene bevallige, welvarende plaats, met 2 kerken, een voor de R.-Kath. en een voor de Hev. Voor 1460 had Lisse slechts een kapel, doch bij een bul van den 8 Nov. van het genoemde jaar werd deze kapel tot eene parochiekerk verhe­ven. De oudst-bewaarde oorkonde, waarin men den naam Lisse vindt, is van 22 Februari 1259.