Berichten

Een post telegraaf en telefoon lokaal aan de Grachtweg (later PTT).

In het gemeentearchief van Lisse uit 1889 staat dat de telefonist G. vd Welf ongeschikt was voor zijn functie. Cornelis van Aalst wordt de nieuwe telefonist, telegrafist, brievengaarder en bezorger.

door Dirk Floorijp

Nieuwsblad Jaargang 16 nummer 3 zomer 2017

Het volgende wordt in de raad op 18 october 1889 behandeld. De heer de Veer telegrafist 2e klas gestationeerd te Rotterdam, doch tijdelijk alhier tot het geven van onderricht aan den telefonist G.v.d.Werf en deelt mee dat deze totaal ongeschikt is voor het uitvoeren van dat ambt. Van de Werf schrijft een brief aan de raad om schadevergoeding voor het beschikbaar stellen van zijn lokaal. Dit wordt echter afgewezen. Tot de nieuw benoemde en opgeleiden telefonist blijft de Veer in dienst. Tot een nieuwe telefonist, brievengaarder en bezorger van telegrammen en een plaatsvervanger, worden aangesteld 1e Cornelis van Aalst en 2e Willem van Aalst diens broeder en plaatsvervanger. Na enige deliberatie is besloten dat telegrammen binnen den bebouwden kom 5 cent per telegram bedragen.

Bron: Gemeentearchief Lisse inv.nr. 518

Oud Nieuws: Klootschieten en tollen

In 1747 worden divers verboden tijdens het klootschieten en tollen ingevoerd, zoals het schieten tegen bomen of palen.

door Dirk Flooorijp

Nieuwsblad Jaargang 16 nummer 3 zomer 2017

Schout ende Burgemeesteren van Lisse, voorgekomen sijnde verscheijden klagten van jong gesellen met het schieten van de kloot en met het tollen, en daar op gevolgde ongelukken. Verbiedende hiermede aan allen. Ende een ijgelijk met de kloot te schieten, veel minder de kloot te mogen goijen tegens eenige dorps boomen, of palen so als men segd op den aftick alsmede met taas of swieptollen te mogen tollen ende ook wel expresselijk het Soogenaamde werrepen met de tol. Ende dat tusschen s in den dorpe van Lisse van de lisserbrugge tot Adam Vreburg graftweg broekweg ende veenderweg, op verbeurte telkens van ses stuijversd de ene helfte ten behoeve van den Schout van Lisse ende de andere helfte ten behoeve van de H Geest armen van Lisse, sullende de ouders voor haarlieden kinderen ende de voogden voor hare wesen, moeten  instaan, ende den boete betalen, onvermindert het regt van den balliuw. Aldus gedaan gekeurt ende verboden bij den Schout ende alle de Burgemeesteren in ’t regthuijs van Lisse op den 11 maart 1749 en op den 12 daar aanvolgende na voorgaande klokkegeslag ter poeje van het regthuijs van Lisse voor den volke afgelesen en geasfireert.

bron: Gemeentearchief Lisse inv.nr. 16

 

 

OudNieuws: Opstekertje van fl 5,-

Dirk van der Horst werd betaald voor het aansteken van 3 lantaarns, een bij het wachthuisje aan de Achterweg,

door  de genealogie groep

Nieuwsblad Jaargang 16 nummer 2 Lente 2017

Betaald aan Dirk van der Horst, over het opsteken van des dorps drie lantaarns, de eene aan het wachthuijs, de andere aan de hoek van de Beek, ende de derde voor des dorpswaag, gedeeltelijk begonnen in ‘t najaar 1770 ende geeijndigt tot in ‘t voorjaar 1771. Volgens quitantie 5 gulden.

Bron: Gemeente Archief Lisse inv.nr.40 folio 12

Rond 1900 was er nog steeds een wachthuisje en een gaslantaarn bij de ingang naar de Achterweg

Oud Nieuws: Meevallertje van het pensioen en eervol ontslag

Johannes Petrus Zijlmans, geboren op 1 november 1819 was politieman in Lisse en gaat op 20 mei 1890 met pensioen. Hij was ook gemeentebode, wijkmeester en aanplakker.

door genealogiegroep

Jaargang 16 nummer 2 Lente 2017

 

In de gemeenteraadsvergadering van 20 mei 1890 wordt besloten om de gemeente veldwachter Joannes Petrus Zijlmans die door hoogen ouderdom en door de gevolgen van eene ongesteldheid waaraan hij thans lijdende is, voortaan moeilijk het politie toezicht in de gemeente naar eisch zal kunnen uitoefenen, met ingang van 1 october a.s. een pensioen te verlenen van Fl.300,00 per jaaren zulks met met oog op den veertigjarigen trouwen dienst van den genoemde veldwachter, in die betrekking aan de Gemeente bewezen. Met algemene stemming wordt besloten het bovengenoemde pensioen te verlenen, terwijl de titularis tevens in het genot zal blijven van de helft der belooningen,verbonden aan de waarneming der poste van Gemeentebode,wijkmeester en aanplakker welke post tevens door den Gemeente veldwacht worden waargenomen, terwijl de tweeden helft der belooning aan den nieuw te benoemen veldwacht zullen te beurt vallen. In de vergadering van 2 sept.1890 komt de raad hier op terug en wordt het pensioen op Fl.400,00 gebracht. Blijkens een ingekomen stuk van Gedeputeerde Staten is dat college genegen om uit de Provinciale fondsen een bedrag van Fl.200.00 te verstrekken. Tevens wordt besloten om de veldwachter vanwege 40 jaren trouwe dienst een aandenken te schenken bestaande uit een fauteuil. In het bevolkingsregister staat zijn geboorte op 01-11-1819 en woonde hij op Vierkant nr.248. Ingekomen in Lisse in 1850. Zijn vrouw Cornelia Bank is geboren in Breda 20-03-1818 en overl.Lisse 4-12-1877.(parochie St.Agatha).

Bron:

Gemeente Archief Lisse inv.nr. 518

Rond 1900 was er nog steeds een wachthuisje en een gaslantaarn bij de ingang naar de Achterweg

Opstekertje van fl 5,Betaald aan Dirk van der Horst, over het opsteken van des dorps drie lantaarns, de eene aan het wachthuijs, de andere aan de hoek van de Beek, ende de derde voor des dorpswaag, gedeeltelijk begonnen in ‘t najaar 1770 ende geeijndigt tot in ‘t voorjaar 1771. Volgens quitantie 5 gulden.

Bron: Gemeente Archief Lisse inv.nr.40 folio 12

Oud Nieuws: Cornelis Pieterse van der Saal wilde niet op wacht

Op 23 augustus 1726 krijgt Cornelis Pieterse van der Saal een boete omdat hij niet op wacht wilde. Hij was in ondertrouw gegaan in Lisse op 31 augustus 1730.

door geneologiegroep

Jaargang 16 nummer 2 Lente 2017

De klap van een klapwaker of nachtwacht

Den schout van Lisse, Jacob van Dorp, aan Burgemeesteren hebbende voorgedragen, dat klapwaker Cornelis Pieterse van der Saal op den 18 augusti 1726 dorpswaakpiek, ten huijse van de schout hadde gebragt, ende daarbij geseijd dat hij niet gehouden was te waken, dat hij schout opdat geen dis orde in de wagtzeel soude komen, een ander hadde aangestelt om de beurt van de voorn. Cornelis Pieterse te waken. Hadden de schout met Burgemeesteren beraadslaagt, wat daarin best diende gedaan,waarop den schout, versogt, ende geautoriseert is om de voorn. Cornelis Pieterse voor schepenen te klagen conden make in de boeten daartoe staande te vorderen, ende de saak uijterlijk te vervolgen, ende t gene daar uijt te mogen ontstaan voor dorps rekeninge te nemen. Aldus gedaan in t regthuijs van Lisse op den 23 augusti 1726. Van Cornelis Pieterse van der Saal is alleen bekend, dat hij gedoopt is in Aarlanderveen en op 31 augustus 1730 te Lisse in ondertrouw is gegaan met Abrama Beijaart. Bron: Gemeente

Archief Lisse inv.nr. 2

OudNieuws: Verdronken in de Haarlemmermeer 1688

Ermpje Munnik verdronk in 1688 in het Haarlemermeer. De zoekacties worden beschreven.

Dirk Floorijp

Nieuwsblad Jaargang 14 nummer 2, april 2015

Uit de archieven komen niet alleen mooie maar ook trieste verhalen tevoorschijn. In de 17e eeuw was de Haarlemmermeer nog een gevaarlijk water. In de verpondingsboeken lezen we vaak dat de inwoners geen belasting hoeven te betalen voor hun land omdat het wegens afkalving door het water, in de golven van het meer was verdwenen.
Zo’n triest verhaal komt voor in de heijligengeest boeken van Lisse. In het jaar 1688 had het echtpaar Cornelis Willemsz.van der Codde gehuwd met Maertje Pietersdr.van Oosten een dienstmaagd. Maertje was biersteker en had twee opgroeiende dochters.De dienstmaagd Mensje, haar achternaam is nog niet achterhaald, was verdwenen. Dan staat er ineens, ontvangen van Vrank Janse van Kats armmeester 15 stuijvers dat gegeven was voor het opvissen van Mensje, dienstmaagd van Maertje Pieters van Oosten. Maar ze was echter niet alleen. Waarschijnlijk met haar vriendin Ermpje Munnik, die was nog niet gevonden. Wat de oorzaak was van het ongeluk lezen we nergens. Er werd een zoekactie op touw gezet en de broer vanErmpje, Cornelis Pieterse Munnik loofde 10 gulden uit voor degene die zijn zuster vond. De helft ervan zou naar de armen gaan. Voor die tijd een aardig bedrag. In een kleine gemeenschap die Lisse toen was, zal het zeker het gesprek van de dag zijn geweest. Met stokken langs de rietkragen van het meer lopen zoeken, dan is het meer ineens heel groot. Jan Philipse van Vossen, Cornelis Cornelisse Geervliet, Gerrit Willemse en Maerten Willemse, knecht van Jacob Engelse Broekhuijsen die woonde op een hofstede aan de graft. Zij allen namen aan de zoekactie deel. Maerten Willemse vond haar na lang zoeken. Wat nu zo onbaatzuchtig was, dat er was afgesproken om het vindersloon af te staan aan de heijligen geest armen en de andere helft gegeven werd aan Gerrit Willemse aan de brugge in het oostijnde die mede gesogt hadde,ende in groote armoede was. Maertje Pieters van Oosten waar Mensje dienstmaagd was, overleed in datzelfde jaar 1688

Bron

G.a.Lisse inv.nr.292

Kaart van de Haarlemmermeer door Bolstra

OUD NIEUWS: NOTARIS VAN STOCKUM

Notaris Stockum maakte in 1889 bezwaar tegen de komst van de stoomtram, omdat de muren van zijn huis te lijden zouden hebben van te snel rijdende treinen.

door Dirk Floorijp

NIEUWSBLAD Jaargang 12 nummer 4, oktober 2013

In onze vorige nieuwsbrief stond, dat notaris van Stockum het maar druk had met openbare verkopingen rond 1887.

Deze notaris D.J.van Stockum diende een bezwaarschrift in bij de gemeente op 4 juli 1889 tegen de NZH Stoomtrammij. Over het steeds voortgaan met teveel vaart binnen de kom der gemeente te rijden, waardoor onder anderen de muren zijner woning zeer te lijden hebben.

De notaris woonde aan de Heereweg en verwacht middelen te beramen om dit snelle rijden dat vooral met de eerste en laatste treinen gebeurt, te doen ophouden. De voorzitter zegt reeds herhaalde malen op dit snelle rijden aan de heer ingenieur van genoemde stoomtrammij, te hebben geschreven. Daar dit echter blijkt niet te helpen zal er voortaan tegen de machinisten die de vaart hunner machines binnen de kom der gemeente niet te matigen, tot op de bij reglement bepaalde snelheid van 6 kilometer per uur, proces-verbaal worden opgemaakt. De burgemeester zal de bevoegdheid hebben, wanneer hij zulks nodig acht, te vorderen dat de tram in de kom der gemeente in beweging zijnde, wordt vooraf gegaan door eenen beambte der stoomtrammaatschappij die de locomotief stapvoets zal moeten voorblijven.

Volgens het jaarverslag van de gemeente is op 16 januari 1906 de woning van Notaris van Stockum geheel afgebrand. Van de inboedel werd een gedeelte gered terwijl het archief van de notaris vrijwel behouden bleef. Alles was verzekerd. De krant schreef echter een ander verhaal. Te Lisse zijn het huis en de kantoren van D.J.van Stockum notaris aldaar, totaal afgebrand. Eerst laat in de morgen werd de brandkast onder de puinhopen te voorschijn gehaald en daarna opengebroken. Het bleek bij opening, dat van de inhoud niet veel meer goeds was. De geldtrommels  waren uiteen gesmolten en totaal alle documenten waren verbrand. Bij deze gelegenheid zijn door agent W. Willemse twee personen, die bezig waren flessen wijn uit de kelder van het brandende perceel weg te nemen, op heterdaad betrapt. Tegen deze personen is proces- verbaal opgemaakt. Het eigenaardige van dit zaakje is, dat de persoon, die in de kelder stond om de flessen aan de tweede over te geven en natuurlijk niet anders dacht of zijn makker gereed stond om ze te ontvangen, de flessen overgaf in handen van de politie.

Notaris van Stockum overleed op 5 juni 1908 en werd 9 juni in Lisse begraven.

 

Bron: Gemeente Archief Lisse inv.nr.518

Topdrukte met stoomtram, auto ’s en bussen met toeristen voor de bloembollen.
’t Vierkant  17 april 1930.
Coll. Deen Boogerd

OUD NIEUWS: Pensioenmeevaller in 1890

Gemeenteveldwachter Johannes Petrus Zijlmans (1819-1904) is op 1 oktober 1890 ontslag verleend vanwege ouderdom.

Door Dirk Floorijp

NIEUWSBLAD Jaargang 12 nummer 3, juli 2013

In de gemeenteraadsvergadering van 20 mei 1890 wordt besloten om de gemeenteveldwachter Joannes Petrus Zijlmans die door hoogen ouderdom en door de gevolgen van eene ongesteldheid waaraan hij thans lijdende is, voortaan moeilijk het politie toezicht in de gemeente naar eisch zal kunnen uitoefenen, met ingang van l october a.s. een pensioen te verlenen van Fl.300,00 per jaaren zulks met het oog op den veertigjarigen trouwen dienst van de genoemde veldwachter, in die betrekking aan de gemeente bewezen. Met algemene stemming wordt besloten het bovengenoemde pensioen te verlenen, terwijl de titularis tevens in het genot zal blijven van de helft der belooningen, verbonden aan de waarneming der poste van Gemeentbode, wijkmeester en aanplakker welke post door den Gemeente veldwacht worden waargenomen, terwijl de tweeden helft der belooning aan den nieuw te benoemen veldwacht zullen te beurt vallen. In de vergadering van 2 september 1890 komt de raad hier op terug en wordt het pensioen op Fl. 400,00 gebracht. Blijkens een ingekomen stuk van Gedeputeerde Staten is dat college genegen om uit de Provinciale fondsen een bedrag van Fl.200,00 te verstrekken.

Tevens wordt besloten om de veldwachter vanwege 40 jaren trouwe dienst een aandenken te schenken bestaande uit een fauteuil. Zijlmans heeft in zijn lange loopbaan bij de gemeente menig glaasje achterover geslagen. Hij trad elke week en soms meerdere keren als getuige op bij huwelijken waar naar gewoonte de getuigen als dank een glaasje werd aangeboden. De veldwachter had nu eenmaal een bepaald aanzien.

In het bevolkingsregister staat zijn geboorte op 01-11-1819 te Raamsdonk en overleden te Lisse 08 -02-1904, woonde op Vierkant nr.248. Ingekomen in Lisse in 1850. Zijn vrouw Cornelia Bank is geboren in Breda 20-03-1818 en te Lisse overleden 04-12-1877. parochie St.Agatha. G.A.L. inv.nr.518