Berichten

Jubileum van de 25 jarige VOL

Op 19 januari was de start van het jubileumjaar met een gezellige avond voor de leden in het museum de Zwarte Tulp. Frits Treffers werd benoemd tot lid van de orde van Oranje-Nassau. Een herdenkingspenning voor de Vol werd uitgereikt door Frans van der Veld.. De dorpsdichter las een gedicht voor.

Nieuwsflits

Jaargang 15 nummer 2, april 2016

Zeer veel belangstelling was er op 19 januari voor de start van het jubileumjaar. Het was heel prettig om de leden in een ongedwongen en
feestelijke sfeer te ontmoeten, waar natuurlijk de catering van fa. Baaij aan mee hielp. Voorafgaand aan de jubileumviering werd Frits Treffers benoemd tot Lid van de Orde van Oranje-Nassau. Heel erg verdiend! Hij weet mensen te enthousiasmeren en te binden. Als architect is vooral het bebouwde erfgoed bij Oud Lisse zijn zorg geweest. Het meest bijzondere wapenfeit is wel het kunnen behouden
van het station van Lisse. Nu een rijksmonument, destijds klaar om afgebroken te worden.
Verder kreeg de jubileumviering extra kleur door de prachtige herdenkingspenning, gemaakt door Frans en Truus van der Veld. Oud dorpsdichter Willem Ruigrok maakte speciaal voor dit jubileum een gedicht dat hiernaast staat weergegeven.

Architect Johan Veldhoven zei in zijn toespraak: ‘In ons vak kijken we naar het hier en nu, de toekomst en maken graag nieuwe dingen. Maar de geschiedenis is (zeker) niet minder belangrijk’. Hij eindigde met de wens ’….. dat markante beeldbepalende gebouwen behouden moeten
blijven!’. Daarop kreeg voorzitter een steen uit een oud en afgeschreven gebouw.

 

STATION LISSE; VAN SLOOP TOT RIJKSMONUMENT

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)                             

5 april 2016

door Nico Groen

In 2016 bestaat de Historische Vereniging Oud Lisse 25 jaar.
Een van de hoogtepunten in deze 25 jaar is ongetwijfeld het behoud van het Station Lisse. Het Station is ontworpen door architect D.A.N. Margadant. Hij ontwierp onder meer het station van Haarlem. In de details van het Lissese Station herkent men het monumentale Haarlemse station! Het Lissese Station werd in 1905 in gebruik genomen. Vlak na de Tweede Wereldoorlog, in 1945, werd het Station uit de dienstregeling geschrapt.
Rond 1991 besloot de NS overtollige stations te slopen. Dat zou ook met het Station Lisse moeten gebeuren.
De Vereniging Oud Lisse ging hiertegen in het geweer. De Vereniging slaagde er na slepende onderhandelingen in het Station van de NS te huren voor een periode van twintig jaar met automatische verlenging, tegen een kleine huursom, maar wel met de verplichting het onderhoud voor eigen rekening ter hand te nemen. De Vereniging zei ja, want dit was de enige manier om het pand te behoeden voor sloop zoals de NS vast van plan was. De ondertekening van de overeenkomst door voorzitter Den Boer van de VOL en de directie van de Nederlandse Spoorwegen vond plaats op 26 maart 1993.

Het gebouw werd geheel gerenoveerd en zoveel mogelijk in de oude staat teruggebracht. Tijdens het schilderwerk in de wachtkamer van de 3e klasse ontdekte men Jugendstil-patronen op de banken en die versieringen heeft men wederom teruggebracht! In de wachtkamer der 1e Klasse zat een heel fraaie plafondafwerking, maar die moest helaas afgedekt worden door een geluidwerend plafond in verband met het feit dat de bovenwoning nog werd bewoond.
Het duurde niet lang of het gebouw kwam op voorspraak van de Historische Vereniging Oud Lisse op de Rijksmonumentenlijst te staan!
De VOL verhuurde het gebouw sedert 1994 aan de heer John Nederstigt uit Lisse, die er het restaurant De Verloren Koffer in vestigde (feestelijke opening op 6 december 1994). Hij was er in geslaagd de hele inrichting in de oude staat van de jaren dertig terug te brengen en de oude sfeer zo veel mogelijk te handhaven.

In 2010  zijn het Station en de grond door de NS verkocht aan Landgoed Keukenhof. Sinds die tijd heeft de Vereniging Oud Lisse er geen bemoeienis meer mee. Het Station is in ieder geval behouden. Op de website is onder Historie een goed verhaal uit 2005 te lezen bij het 100-jarig bestaan van het Station, geschreven door Frits Treffers.
Door de vele leden kon de Vereniging haar invloed aanwenden om het Station te behouden en te zorgen dat het een rijksmonument werd. Hoe meer leden, des te meer invloed kan zij uitoefenen bij de gemeente en andere instanties bij heikele kwesties, zoals nu bij de Factorij en het pand de ZON aan de Kanaalstraat. Via onderstaand mailadres kunt u zich aanmelden als lid.

Dank zij de VOL is het station nu een rijksmonument. Foto: Nico Groen

Jubileumjaar VOL

De VOL viert zijn 25 jarig bestaan met een feest voor de vrijwiligers en een jaarkalender. Diverse activiteiten van de afgelopen jaren worden beschreven.

Nieuwsflits

Nieuwsblad Jaargang 15 nummer 1, januari 2016

Vereniging Oud Lisse bestaat 25 jaar. Dat gaan we vieren. De leden hebben dat al gemerkt, want wie iets te vieren heeft, trakteert! Dus werden de leden getrakteerd op een fraaie kalender voor 2016, met zorgvuldig gekozen foto’s van straatbeelden uit het Lisse van de vorige eeuw. Alle eer voor de opzet en de uitvoering van de kalender gaat naar vrijwilliger Deen Boogerd! Zolang de voorraad strekt zijn er nog kalenders voor € 6,95 te koop. Op het cadeautje aan het begin van dit nieuwe jaar zullen meer activiteiten volgen in het kader van het jubileumjaar. 19 januari start met een feestelijke bijeenkomst in Museum de Zwarte Tulp. De invulling van deze feestavond is bij het maken van dit Nieuwsblad nog geheim. Maar dat er in de loop van 2016 nog meer verrassingen komen vanwege het 25 jarig bestaan is wel zeker.!
Vereniging Oud Lisse startte 25 jaar geleden als een soort protestgroep. De aanleiding was de aangekondigde sloop van beeldbepalende villa’s aan de noordkant van het dorp. Behalve de villa’s dreigden ook de bomen te sneuvelen. Natuurlijk is niet alles te behouden, maar oog voor wat er in cultuurhistorisch oogpunt verloren ging was er in bestuurlijk Lisse in die tijd totaal niet. Oud Lisse sprak over “dove rechtlijnigheid“ bij de sloop van villa Meerenburgh. De villa werd een “martelaar voor de Lissese geschiedenis“ genoemd. Een taalgebruik
dat ons nu verbaast, maar de verhoudingen tussen gemeente en Oud Lisse waren dan ook ernstig verstoord. Gelukkig herstelde zich dat snel
en kreeg Oud Lisse in oktober 1991 al een vertegenwoordiger in de monumentencommissie.
Dat Oud Lisse zelfs de loop van het station in 1993 kon verhinderen mag gerust een immense prestatie genoemd worden. Een protestgroep zijn we al lang niet meer. Natuurlijk worden zaken wel kritisch gevolgd. Het cultuurhistorisch belang en de doelstellingen van de Vereniging worden nu algemeen gewaardeerd.
Er is een thuis gevonden in de Vergulde Zwaan, waar op dinsdagochtend diverse groepen vrijwilligers bezig zijn met hun hobby. Dat kan genealogie of het bestuderen van kaartmateriaal zijn. De Lisser geschiedenis kent nog vele raadselen die vragen om opgelost te worden. Ook het beschrijven van foto’s voor het gemeentelijk fotoarchief is een immense klus. Ruimte voor nieuwe vrijwilligers is er zeker! In de loop van dit jubileumjaar zullen er meerdere momenten zijn om nader met de activiteiten van Oud Lisse kennis te maken.

Cultuur 60+

In de woonzorgcentra Rustoord en Berkhout startte op 29 oktober de fotoexpositie ‘Lisse in vogelvlucht’, met overzichts- en detailfoto’s van het hele dorp Lisse en van de buitengebieden van vroeger. Ook zijn er twee Power Point presentaties gehouden, één in Rustoord en één in Berkhout. Inmiddels is de expositie van Rustoord naar Berkhout gegaan en vice versa. Op 14 januari worden, weer in beide woonzorgcentra, presentaties gehouden met veel foto’s van het oude Lisse. Het leuke van deze exposities en van de presentaties is dat het een feest van herkenning is waar bij blijkt dat een heleboel plekjes veel herinneringen oproepen. Na 14 januari wordt de expositie weer afgebroken. Maar het zal nog wel een vervolg krijgen. Er wordt al gesproken met de bibliotheek en Oud Lisse legt natuurlijk graag de verhalen vast.

De villa’s Riesenbeck (onder, gesloopt 2001) en Wildlust (boven,g esloopt 2009) zijn gelukkig nog in het fotoarchief op te zoeken.

 

 

Bij het station kan nog steeds een feestje gevierd worden.

 

VAANDEL VAN RK MIDDENSTANDSVERENIGING SINT JOZEF

In 2011 kwam de Vereniging Oud Lisse in het bezit van het vaandel van de RK. Middenstandsvereniging St. Jozef. Na een intensieve restauratie hangt het vaandel nu bij de vereniging in de Vergulde Zwaan. 1ste Havendwarsstraat 4 Lisse.

Sporen van vroeger (Lisser Nieuws)                                           
1 juni 2014

door Koos van der Zwet

In de doelstelling van de Vereniging Oud Lisse wordt onder andere het behoud van het culturele erfgoed in de gemeente genoemd.
Het begrip cultureel erfgoed is breed, het laat zien waar we vandaan komen en scherpt aldus de blik op de toekomst.
Naast onroerende zaken, zoals gebouwen en landschappen, zijn er de onroerende culturele zaken. Daaronder vallen klederdrachten, kunstwerken zoals schilderijen en beeldhouwwerken en nog veel meer.
In deze column gaat het om onroerend cultureel erfgoed.
Tot de jaren zestig paste het in de rooms-Katholieke traditie dat men zich aansloot bij een katholieke organisatie. Nederland was verzuild, ook andere gezindten hadden hun eigen organisaties.
Een RK arbeider werd lid van een RK Vakbond, met de Katholieke Arbeiders Beweging (KAB) als de grote bond, zoals nu de Federatie Nederlandse Vakbeweging. Middenstanders sloten zich aan bij een RK Middendstandsvereniging.
Iedere RK vereniging, corporatie of bond had een eigen beschermheilige.
De landarbeiders bij Sint Deusdedit en voor de metaalbewerkers was Sint Eloy de beschermheilige
In Lisse werd in maart 1912 de RK Middenstandsvereniging Sint Jozef opgericht. De ondertitel van de vereniging was De Hanze.
Sint Jozef werd gezien als een kleine zelfstandige, een middenstander ergo de beschermheilige voor de middenstanders.
Veel verenigingen werden vanuit de parochie opgericht. In Lisse was dat lange tijd alleen de Agathaparochie. Vanuit de parochie werd voor iedere vereniging een geestelijk adviseur aangewezen, die had nogal wat invloed op het beleid van de vereniging had.
Het gaf ook de sterke binding met de kerk aan.
Deze binding kwam tot uiting in de vaandels die door vele verenigingen werden gebruikt. De meeste vaandels stonden in de kerk. In de Agathakerk stonden ze tegen pilaren aan. Bij processies werden de vaandels meegedragen. In Zuid-Nederland zichtbaar buiten de kerk. In Noord-Nederland vooral binnen de kerk.Na de jaren zestig zijn vele vaandels uit de kerk verdwenen. De vraag is: Waar zijn ze gebleven?
In 2011 kwam de Vereniging Oud Lisse in het bezit van het vaandel van de RK. Middenstandsvereniging St. Jozef. Na een intensieve restauratie hangt het vaandel nu bij de vereniging in de Vergulde Zwaan. 1ste Havendwarsstraat 4 Lisse.
De restauratie is uitgevoerd door mevrouw Corrie Swinkels, een groot deskundige op het gebied van borduren en andere textiele vormgevingen.
Over het vaandel is niet veel meer bekend dan wat we uit het opschrift kunnen halen.
Er zijn meer vaandels geweest, niet alleen van RK verenigingen maar ook van anderen, zoals muziekverenigingen.
Deze vaandels behoren tot het culturele erfgoed, ze geven aan hoe men in het verleden was georganiseerd in verenigingen. In het leven van de mens waren verenigingen zeer belangrijk.
Bedenk er was geen televisie, alleen radio, films waren meestal zwart-wit, er was geen computer met internet.
De Vereniging Oud Lisse is benieuwd of er nog vaandels zijn. Het is bekend dat bij een aantal verenigingen de vaandels nog in goede staat zijn en goed bewaard worden, waarvoor alle lof.

Het vaandel

Erepenning voor Wim Bosch

Nieuwsflits

NIEUWSBLAD Jaargang 13 nummer 2, april 2014

Penning voor Wim Bosch voorkant

Penning voor Wim Bosch achterkant

Op de jaarvergadering, dit jaar gehouden op 18 februari, wordt traditiegetrouw de erepenning van de vereniging uitgereikt als waardering voor het behoud van waardevolle panden. Dit jaar was er echter een andere penning. Frans en Truus van der Veld ontwierpen voor de scheidende voorzitter een herinneringspenning. Frans van der Veld overhandigde de penning aan Wim Bosch.

Bosch mocht de penning voorzichtig even vasthouden, want de penning was op dat moment nog in was. De echte penning moest nog in brons gegoten worden, wat inmiddels gebeurd is.

Wim Bosch en Frans van der Veld

SITE OP FACEBOOK OVER OUD LISSE GROOT SUCCES

Eind januari 2013 is de facebook pagina Je bent Lisser als de lucht in gegaan. Het is een groot succes.

Door Arie in’t Veld

NIEUWSBLAD Jaargang 12 nummer 2, april 2013

e groep “Je bent Lisser als…..” op Face Book is een enorm succes. Eind januari werd door Kees Oldenhage het initiatief genomen om deze FB pagina op te zetten en nu, drie maanden later, zijn er al meer dan 1700 vrienden die dagelijks verhaaltjes en foto’s met elkaar uitwisselen. Oldenhage kreeg steun van Chris Balkenende, lid van de Vereniging Oud Lisse en een verwoed verzamelaar van zaken die met het Lisse van vroeger hebben te maken. Samen beheren ze nu de pagina. De start was bescheiden, maar in de kortst mogelijke tijd meldde de ene volger na de andere zich, zette foto’s van vroeger op de pagina, of deelde met anderen de ervaringen uit vervlogen jaren. Balkenende constateert dat de pagina een groot succes is met nu al meer dan 2100 foto’s, voornamelijk uit vervlogen tijden. Veel van die foto’s zijn nog nimmer in de openbaarheid geweest en komen uit familie albums, schoenendozen en wat al niet meer. Nu al is de collectie prachtig. En dan inclusief de vele reacties van de volgers bij wie vele herinneringen worden opgeroepen bij het zien van de foto’s en die herinneringen ook met de andere volgers delen. “En die volgers bevinden zich niet alleen in Lisse en omgeving. Ze wonen in heel Nederland, maar massaal wordt ook gereageerd uit landen als Canada, Amerika, Engeland, Ierland, Duitsland, Egypte en nog meer. Veel speelt zich af op de foto’s en reacties vanaf 1945. Personen die ouder zijn hebben veelal niet meer met de PC leren omgaan. Dat valt me wel op.

Links Kees Oldenhage, rechts Chris Balkenende

Inmiddels zijn er echter toch ook volgers van zeventig jaar en ouder en die kunnen heel wat aan de geschiedschrijving toevoegen. Dat doen ze dan ook enthousiast.” Balkenende zegt ook dat nu blijkt dat sommige volgers elkaar 35 jaar lang niet gesproken of gezien hebben en er afspraken worden gemaakt om de kennismaking te hernieuwen. “Ook wordt door deze pagina een schoolreünie georganiseerd.” Het meest opvallende vindt Balkenende dat de volgers er allemaal blijk van geven een goed geheugen te hebben. Soms zit men er wel eens stukje naast, maar een andere volger pakt dat dan weer op, met tot gevolg dat er soms een levendige discussie ontstaat. En…: er komt ontzettend veel fotomateriaal en informatie te voorschijn. Waaronder foto’s die we beslist nooit gezien zouden hebben als deze pagina niet in het leven was geroepen.” Nog dagelijks melden zich nieuwe volgers die herinneringen ophalen, foto’s plaatsen en op andere herinneringen en/of foto’s reageren. Het idee is dat de pagina dan ook beslist nog veel verder zal uitgroeien tot een enorme bron van informatie. Een punt waar Lissers en oud-Lissers elkaar ontmoeten, herinneringen over vroeger ophalen en niet zelden een en ander ook illustreren met prachtige foto’s uit privé collecties of familiealbums.

 

Stichting Kasteel Keukenhof koopt het oude NS station

Op 23 mei 2008 heeft de Stichting Kasteel Keukenhof het station gekocht. Per 1 januari 2011 heeft de VOL de onderhuur en de verplichting tot onderhoud over te dragen aan keukenhof.

Nieuwsblad Jaargang 10 nummer 1, januari 2011

Nieuwsflitsen

 

De heren Ignus Maes en Frits Treffers bij het voormalige station

Stichting Kasteel Keukenhof, eigenaar van het complete landgoed, kocht in maart 2008 van NS een flink stuk land langs de spoorbaan en tevens het oude stationsgebouw waar nu restaurant De Verloren Koffer resideert.
Zoals wellicht bekend is, was de NS indertijd van plan om het stationsgebouw te slopen. Daar werd toen een stokje voor gestoken door uw Vereniging, die er keihard voor heeft geknokt om het gebouw te behouden. Die kans kregen we door in 1992 via de nieuw opgerichte Stichting Oud Lisse het pand van de NS te huren en het gebouw te restaureren, waarna het werd onderverhuurd aan De Verloren Koffer. Omdat de NS het pand zonder huurder wilde verkopen, begon de NS in 2004 een gerechtelijke procedure tegen de Stichting Oud Lisse om het huurcontract dat tot 2019 doorloopt te verbreken. Na voor de Stichting Oud Lisse zeer positieve uitspraken door het Kantongerecht en het Gerechtshof, dreigde men met een cassatieprocedure, maar gelukkig heeft de NS nu eieren voor zijn geld gekozen en het pand onverwacht verkocht aan de Stichting Landgoed Keukenhof.

Ansichtkaart van station Lisse

De Vergulde Zwaan

De Vergulde Zwaan geopend

INHOUD Jaargang 6 nummer 3, april 2007

Nieuwsflitsen

Op zaterdag 10 maart is in de 1e Havendwarsstraat nr 4 in Lisse het ‘Centrum voor cultuurhistorie Duin- en Bollenstreek’ officieel in gebruik gesteld. De heren J.Wienen en A. de Roon, die in het dagelijks bestuur van de Regio Holland Rijnland de portefeuilles van respectievelijk Ruimte en Cultuur beheren (Adri de Roon is ook nog wethouder in Lisse voor o.m. Cultuur), onthulden een aan de gevel bevestigde goudkleurige zwaan. Want het gebouw waarin het centrum is gevestigd, heet De Vergulde Zwaan. Eigenaar Lisse Centrum Beheer (van de gebroeders Zwetsloot) heeft het pand ter beschikking gesteld aan Lissese erfgoedorganisaties, waaronder uw Vereniging Oud Lisse, als vergader-, werk- en documentatieruimte.
Uw Vereniging Oud Lisse is druk doende om in dit pand een Servicepunt in te richten. Daar kan men een aantal malen per maand, zowel overdag als in de avond, terecht voor het stellen van vragen, voor hulp bij onderzoek, voor het inzien van naslagwerken en verzamelingen en dergelijke.

NIEUW REGIONAAL HISTORISCH CENTRUM: Grote rol voor de historische verenigingen

REGIONAAL HISTORISCH CENTRUM WORDT OPGEZET DOOR MARTON BRABANDER.

Door Martijn Brabander wordt een Regionaal Historisch Centrum Holland Rijnland opgezet in opdracht van de provincie Zuid Holland.  Hij werkt bij het Regionaal Archief Leiden.

door Sjaak Smakman

NIEUWSBLAD Jaargang 4 nummer 4, oktober 2005

Het is heel eenvoudig: zonder de inzet van de vrijwilligers – zoals die van de Vereniging Oud Lisse – zou er maar weinig terechtkomen van het project dat eind dit jaar op Internet tastbaar moet worden: het Regionaal Historisch Centrum Holland Rijnland. ‘We kunnen niet zonder hun inzet,’ zegt Martijn Brabander die in opdracht van de provincie dit jaar besteedt aan het opzetten van het centrum.

‘Ten eerste ligt er heel veel kennis van de geschiedenis bij de vrijwilligers van de historische verenigingen en ten tweede doen zij heel veel van het bulkwerk zoals het inscannen van documenten en foto’s. Dat laatste zou­den we misschien ook wel kunnen uitbesteden, maar dan kom je op hoge kosten. En de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat dat geld er niet is.”

Gezamenlijke historie

Met als achterliggende gedachte dat de regio Holland Rijnland meer kan gaan leven als duidelijk wordt dat de verschillende dorpen wel degelijk een gezamenlijke historie hebben, besloot de provincie vorig jaar dat er net als in andere regio’s ook in Holland Rijnland een regionaal historisch centrum zou moeten komen. Historicus Martijn Brabander kreeg de opdracht om te proberen de gemeenten, historische verenigingen en andere betrokkenen bij elkaar te krijgen en om te proberen het centrum van de grond te krijgen. Ooit moeten alle gemeentelijke archieven op één centrale plaats worden bewaard. Dat maakt onderzoek gemakkelijker, maar stelt ook de archieven fysiek veilig. Veilig bewaren van oude stukken stelt eisen aan temperatuur en luchtvochtigheid waaraan – vriendelijk gezegd -lang niet alle huidige archieven voldoen. Maar dat is verre toekomstmuziek. Dit jaar is vooral een inventarisatiejaar. Eind dit jaar moet er een website in de lucht zijn waarop de archief­inventarissen van op zijn minst van vier of vijf van de Holland Rijnlandgemeenten te vinden zijn. Lukt dat, dan is dat volgens Brabander al een enorme stap vooruit. ‘Er is veel meer historische kruis­bestuiving tussen gemeenten dan ze zelf vaak denken. Laat ik een voor­beeld geven. Van oudsher kwamen Katwijkse vissers naar Leiden om hier hun waren aan de man te brengen. Als ze hier toch waren, gingen ze ook gelijk naar de notaris om allerlei zaken te regelen. In de Leidse archieven is zodoende heel veel informatie te vinden over Katwijkers, maar ook over Zoeterwoudenaren en inwoners van andere gemeenten die naar Leiden kwamen om zaken te doen en dingen te regelen.’

Inventarissen van de archieven

Nu de genealogie – met als een van de motoren de vergrijzing, die inte­resse in de geschiedenis schept en tijd heeft om die te onderzoeken, zo merkt Brabander – een grote opleving doormaakt, komen amateurspeur­ders al snel voor de vraag te staan waar ze informatie over hun familie kunnen vinden. Het gemeentearchief in de eigen woonplaats is snel gevonden – dat is immers openbaar, want de gemeenten zijn wettelijk ver­plicht ze open te stellen. Maar waar zoek je verder? Lukraak een aantal archieven in de omgeving afstropen kost enorm veel tijd, terwijl niet duidelijk is wat dat oplevert. En misschien ligt in een wat verder liggend archief wel heel interessante informatie, alleen weetje niet dat die info bestaat.

Daar nu moet de website een einde aan maken: met de inventarissen van de archieven op Internet is relatief eenvoudig vast te stellen of in een bepaald archief informatie te vinden is en is globaal vast te stellen of die ook interessant kan zijn. Voor de feitelijke informatie zelf zal de onderzoeker echter naar het archief toe moeten.

De meerwaarde

Martijn Brabander: ‘Stel, ik wil op zoek naar informatie over de familie Van Noort. Ik zie op de website dat er heel veel gegevens over die fami­lie zijn te vinden in het archief van de gemeenten Hillegom en Warmond, waar de familie vandaan komt. Maar dan zie ik ook dat er een Van Noort is verhuisd naar Zoeterwoude en dat daar nu ook een tak zit. Daar zou je anders misschien nooit achter zijn gekomen en daarin zit de meerwaarde van het digitale archief.’

Het is de bedoeling dat er niet alleen inventarissen op de website komen, maar ook foto’s, prenten en andere collecties. Of die binnengehaald kun­nen worden en vervolgens uitgeprint, is nog de vraag. Veel foto’s zullen afkomstig zijn van particulieren en verzamelaars en die zullen er waar­schijnlijk weinig voor voelen om hun ‘werk’ gratis weg te geven. Daar is echter een eenvoudige oplossing voor: de illustraties worden op een lage resolutie op de website gezet, zoals nu met heel veel illustraties op Internet ook het geval is. Dat spaart veel ruimte op de centrale computer, zorgt ervoor dat plaatjes snel kunnen worden binnengehaald en tevens dat ze niet kunnen worden afgedrukt op een normaal fotoformaat. Dan blijft er van de afbeelding slechts een wazige, grove rasterafdruk over.

Rol van de VOL

Lisse loopt voorop met de digitalisering van het gemeentearchief, waarbij de Vereniging Oud Lisse een belangrijke rol vervult. Brabander wil op de website ook proberen om echte regionale projecten van de grond te krijgen. Volgend jaar is het Rembrandtjaar. Dat heeft zo’n internationale betekenis dat het regionaal centrum zich daar niet uitdruk­kelijk mee bezig gaat houden, maar dat zal overlaten aan andere instanties. Brabander denkt daarom meer aan de Haarlemmertrekvaart. Die loopt door een groot deel van Holland Rijnland en in alle gemeenten langs de route moeten informatie en foto’s beschikbaar zijn van de geschiedenis van de ooit zo belangrijke levensader van het gebied.

Trekvaart 350 jaar

‘In 2007 bestaat de Haarlemmertrekvaart 350 jaar. In alle gemeenten is materiaal te vinden, maar die collecties zijn niet gebundeld. Als je dat doet, kun je een heel breed project maken van de geschiedenis en de bete­kenis van de vaart door de eeuwen heen, waaraan iedere gemeente er een eigen invulling kan geven. Er werden goederen over vervoerd, mensen reisden via de vaart of gingen een dagje uit met de trekschuit. Als je wilt, kun je daar bijvoorbeeld ook educatieve pakketten mee ontwikkelen voor scholen.’ Brabander denkt ook aan de jongere historie. Hij wil dan ook de bibliotheken betrekken bij het centrum. ‘In de bibliotheken vind je nog streekgebonden knipselarchieven en boeken die nergens meer worden uitgegeven. De bibliotheken vormen het laatste fijnmazige en laagdrempelige netwerk waar jong en oud zo naar binnen kan stappen. Ik zou willen bekijken of de bibliotheken niet een soort historisch loket kunnen worden. Ze zouden heel interessant kunnen zijn als startpunt voor het vinden van informatie, bijvoorbeeld voor leerlingen die een historisch profielwerkstuk moeten maken. Wellicht kun je mensen van historische verenigingen dan bereid vinden om die leerlingen daarbij te helpen. Op die manier zou je de enor­me kennis bij bijvoorbeeld de Vereniging Oud Lisse kunnen overdragen aan jongeren en hun historisch besef vergroten.’

Alle streekarchieven op één plaats

De provincie wil dat op termijn alle regionale archieven op één plaats worden bewaard. Een deel van die centralisatie is er al: het Regionaal Archief van Leiden aan de Boisotkade – waar Brabander zijn onderkomen heeft – herbergt niet alleen het archief van Leiden, maar ook dat van Leiderdorp, Rijnsburg, Warmond en Zoeterwoude. Er zijn gesprekken met andere gemeenten, zegt Brabander, maar de zaak ligt gevoelig: „Als je het archief uit een gemeente weghaalt, haal je naar het gevoel van betrokke­nen ook de geschiedenis van die gemeente weg. Dat archief is toch de

belangrijkste link van een gemeente met zijn historie.’ Het zou echter wel grote voordelen hebben. Niet alleen voor onder­zoekers die dan op één plaats terecht zouden kunnen voor al hun gegevens, maar ook voor het beheer en behoud van de documenten en andere historische stukken. Bovendien kan zo ’n plek gewoon vier of vijf dagen per week open zijn en hoeft een onderzoeker geen speciale afspraken te maken bij verschillende gemeenten’. Bij de meeste gemeenten is er wel iemand die het historisch archief beheert, vaak naast zijn gewone taken. In Leiderdorp bijvoorbeeld werd maar enkele tientallen keren per jaar het archief geraadpleegd. Daar kun je natuurlijk niet iemand fulltime voor aannemen. Hier in Leiden is dat nu al zo’n 250 keer per jaar en het aantal bezoeken groeit enorm.”

Martijn Brabander zet zich helemaal in voor een Regionaal Historisch Centrum voor de streek Holland Rijnland. Daar zullen in de toekomst alle acrhieven uit het Rijnlandgebied toegankelijk dienen te zijn voor deskundigen en burgers.

Voorwoord van de voorzitter: Behoud van het dorpse karakter

De  voorzitter schrijft in het voorwoord dat de VOL na de verkiezingen de constante factor in het uitvoerend gemeentelijk beleid is. We zijn onder andere betrokken bij de gemeentelijke monumentenlijst en de Centrumvisie.

NIEUWSBLAD Jaargang 1 nummer 2, april 2002

Ton Rouwhorst

De verkiezingen zijn gelukkig weer achter de rug en we kijken er vol verwachting naar uit om met de nieuwe gemeenteraad en het col­lege van Burgemeester en Wethouders te gaan samenwerken.

Je ziet in deze tijd maar weer eens wat het belang is van onze Verening. De samenstelling van de raad of het college kan zo maar veranderen en de Vereniging Oud Lisse blijkt dan toch de constante factor te zijn in het uitvoerend gemeentelijk beleid. Het bijsturen van het monumentenbeleid en het behoud van het dorpse karakter blijven voor ons de komende raadsperiode weer de speerpunten.

De afgelopen jaren zijn we als Vereniging nauw betrokken geweest bij de bescherming van de nodige panden en deze panden op de gemeentelijke monumentenlijst te krijgen. Tevens zijn we in een vroeg stadium betrokken geweest bij het ontwikkelen van een Centrumvisie en ook daarbij is onze inbreng voor ingewijden duide­lijk herkenbaar. Betreffende de uitvoering van deze Centrum- plan­nen zullen we zeker onze rol blijven opeisen.

Ik denk dat ‘herkenbaar voor ingewijden’ een beetje in kaart brengt wat ons de komende jaren als Vereniging Oud Lisse te doen staat. De resultaten van onze inbreng in het gemeentelijk beleid zijn goed te noemen, maar meestal slechts bekend bij een kleine groep.

We zullen ons dan ook de komende periode duidelijker moeten profileren en ook zal het ledental van onze vereniging drastisch moe­ten toenemen. Een andere mogelijkheid is om de samenwerking met het Museum de Zwarte Tulp en de Stichting Dever te verwezenlijken om daardoor onze positie te verstevigen.

Deze en andere onderwerpen komen aan de orde op onze komende jaarvergadering. Ik hoop veel leden op onze jaarvergadering te mogen begroeten om gezamenlijk over deze onderwerpen te kunnen discussiëren.