Berichten

Burgemeester van Rosse; De rommeling. (13)

Door Alfons Hulkenberg

Overgenomen uit “Lisse: De Rommeling” uit 1981. Repro-Holland B.V. Alphen aan de Rijn

Burgemeester van Rosse

Natuurlijk, ook de burgemeester verdient een plaatsje in dit boek. Het is Mr. J.C. van Rosse, van 1844 tot 1866 de hoogste gezagsdrager in de gemeente. Johannes Cornelis van Rosse was op 7 december 1801 te Leiden geboren als zoon van Johannes van Rosse en Adriana van Vrede. Van Rosse was katholiek en onge­huwd. Hij woonde in een groot huis aan de Grachtweg, waarschijnlijk het huidige pand Tibboel, tezamen met Catharina Overdijk en met Maria Valk als trouwe dienstbode. Op 73-jarige leeftijd is hij gestorven, 23 februari 1875, “des voormiddags om 1 uur”. Zijn vriend en naaste buur, DokteirVan Ewijk, van wie men in “Kent u ze nog de Lissers” een foto vindt, kwam van hel overlijden aangifte doen.

Het woonhuis van Van Rosse

HET RAADHUIS VAN LISSE. De rommeling (9)

Door Alfons Hulkenberg

Overgenomen uit “Lisse: De Rommeling” uit 1981. Repro-Holland B.V. Alphen aan de Rijn

De Lissesche bankvreniging

Dat er een nieuw gemeentehuis in Lisse komt weten we nu geleidelijk aan wel. De alom aangeheven kreet: “Hou heel, geen houweel” is niet gehonoreerd. In 1906 was er ook een “Nieuw Raadhuis”, dat echter een veertig jaar geleden een facelift kreeg. A. Raaphorst Hzn., “dagbladcorres­pondent te Lisse” schrijft uitvoerig over dat “Nieuwe Raadhuis” en ook over zijn voorganger “Het Oude Raadhuis”, tevens het oudste raadhuis dat Lisse heeft gekend. Ter verduidelijking nog het volgende. De “Lissesche Bankvereeniging” stond aan het Vierkant op de plaats van de huidige Al­gemene Bank Nederland, het linkse deel. Let op de kleine achteruitbouw. De “vleeschhouwerij van H. Zijp” was eveneens aan het Vierkant. Het is de huidige Slagerij Van der Voorn. Burgemeester H.C. Schuijt van Castricum bestuurde Lisse van 1870 tot 1888. Hem volgde P.A.F.J. von Bönninghausen tot Herinckhave. Hij bouwde de woning, die late “Pand Eenhuis” bekend stond. In 1919 is burgemeester G.J.M. Eenhuis hem opgevolgd.

Dat is de burgemeester die eigenaars van Keukenhof verweet, da hun gronden niet wilden laten ontginnen voor de bloembollencultuur en aldus de vooruitgang in de weg zouden staan. Zelfs een burgemeester kan het wel eens mis hebben. Maar nu zullen we “Ome Arie” zelf aan het woord laten.

“Het tegenwoordige gebouw van de Lissesche Bankvereeniging is tot het jaar 1906 als Raadhuis in gebruik geweest. De verga­deringen van de Raad werden echter in vroeger tijden gehouden in de kleine kof­fiekamer van het Hotel “De Witte Zwaan”, daar het Raadhuis voorheen het Rechthuis was. De secretarie werd vóór Burgemeester von Bönninghausen gehouden ten huize van de toenmalige burgemeesters. Zo was de secretarie bij de komst van Burgemeester von Bönninghausen gevestigd in een schuur­tje achter de woning van de vorige burge­meester Schuijt van Castricum, ter plaatse waar thans de vleeschhouwerij van H. Zijp is. Niet lang na de benoeming van burge­meester von Bönninghausen werd het Raad­huis aan de achterzijde belangrijk vergroot en werd het oude gedeelte ingericht voor secretarie en het nieuwe gedeelte voor raadzaal en burgemeesterskamer.

Gemeentehuis met torentje gebouwd in 1906

Het nieuwe Raadhuis, opgetrokken in Oud-Hollandsche stijl, werd gebouwd in het jaar 1906. Het werd aanbesteed in eene raadsvergadering op Vrijdag 17 juni 1906 en het werd op 20 December 1906 met eene buitengewone raadsvergadering in gebruik genomen, nadat het door de Com­missaris der Koningin in de Provincie Zuid-Holland, Mr. J.C. Patijn, met het uit­spreken van eene redevoering plechtig was geopend.

Het werd gebouwd door de heer J. Witzen-burg te Zoeterwoude en heeft gekost, be­halve de eikenhouten betimmering in de Raadzaal en dito parketvloer f 20.855,-. De prachtige eikenhouten betimmering ii de Raadzaal, in oud-hollandsche stijl naar een kamer in het kasteel “Haar-Zuilen”, is uitgevoerd door de heeren Reepke en Van Bakel te Amsterdam en heeft gekost f 2.500,—. Ter rechterzijde van de breede hardsteenen trap bevindt zich de woning van de conciërge. Ter linkerzijde bevindt zich de remise voor de brand bluschmiddelen en aan de achterzijde een drietal arrestantenlokalen. De breede trap opgaande komt men in de zeer ruime hal door de vestibule. Ter rechterzijde van de hal heeft men de burgemeesterskamer en ter linkerzijde de secretarie met brand­vrije kluis. Aan de achterzijde bevindt zich de meergenoemde raadzaal en daarnaast bodekamer en W.C.

De raadzaal heeft twee ingangen, namelijk een met dubbele deuren voor de leden en een met een enkele deur voor het publiek. In de raadzaal is ook eene oud-hollandsche schoorsteenschouw, met tegeltableau, voor­stellende het wapen van Lisse. Deze zaal ontvangt zijn licht door 4 groote ramen, en wel 2 aan de noordwestzijde en 2 aan de zuidwestzijde. In de hal, ter linkerzijde, bevindt zich eene mooie eikenhouten trap die naar de bovenverdieping leidt, waar eene groote commissiekamer, werkkamer voor de gemeenteopzichter en verschillen­de andere appartementen gelegen zijn. Te midden van de voorgevel is eene uitge­bouwde portiek. Deze portiek heeft eene monumentale bovenbouw, waarin in zand­steen uitgehouwen het wapen van Lisse. Hierboven prijkt een stemmig houten to­rentje met bel, terwijl het geheel rust op twee granito pilaren met hardsteenen voet­stukken. Boven de dubbele deur is eene marmeren gedenksteen aangebracht, met het volgende opschrift……”

Nu, dat opschrift kan men zelf gaan lezen. In “Ansichten deel 1” heeft schrijver ook al het raadhuis gereleveerd. Men vond het prachtig, het nieuwe raadhuis!

 

 

Natuurlijk, ook de burgemeester verdient een plaatsje in dit boek. Het is Mr. J.C. van Rosse, van 1844 tot 1866 de hoogste gezagsdrager in de gemeente. Johannes Cornelis van Rosse was op 7 december 1801 te Leiden geboren als zoon van Johannes van Rosse en Adriana van Vrede. Van Rosse was katholiek en onge­huwd. Hij woonde in een groot huis aan de

Grachtweg, waarschijnlijk het huidige panc Tibboel, tesamen met Catharina Overdijl< en met Maria Valk als trouwe dienstbode Op 73-jarige leeftijd is hij gestorven, 2G februari 1875, “des voormiddags om 1 uur”. Zijn vriend en naaste buur, Doktei Van Ewijk, van wie men in “Kent u ze noc de Lissers” een foto vindt, kwam van hel overlijden aangifte doen

 

HET WAPEN VAN LISSE: Lisse; De rommeling. (5)

Door Alfons Hulkenberg

Overgenomen uit “Lisse: De Rommeling” uit 1981. Repro-Holland B.V. Alphen aan de Rijn

De entree van Dever

Na de stichting van ons Koninkrijk in 1815 stelden vele gemeenten er prijs op een eigen wapen te voeren. Ettelijke steden en dor­pen hadden al zo iets, maar dat moest nu wettelijk worden vastgelegd; andere gingen er nu toe over een wapen te kiezen. Nu be­leefden we omtrent het begin der vorige eeuw helaas juist een dieptepunt op het ge­bied der heraldiek. Veel wapens bleken dus achteraf onjuist, niet ontworpen vol­gens de regels der heraldische wetenschap, hoogst singulier of gewoon smakeloos. Het wapen van Hensbroek in Noord-Holland — een kip met een broek — is daarvan het be­kende voorbeeld, al dient gezegd, dat het al veel eerder bestond. Wat deed de Gemeente Lisse?

Het wapen van Dever

De Heerlijk­heid Lisse had zelf eigenlijk nooit een wa­pen gehad, maar omdat sinds 1589 de Heerlijkheid bezeten werd door de Heren van Dever zegelde men altijd met het wa­pen van het geslacht D’Ever, te weten een halve leeuw van rood, getongd en gena­geld van blauw op een gouden veld. Dit blazoen pronkt thans hoog en heerlijk in de Kapelzaal van de Ridderhofstad. Ook de luikjes dragen de Deverkleuren: bin­nen de groene klampen een rood-en-(goud) gele spiegel, met in het midden nog wat blauw.  (Op de band van het onlangs ver­schenen boek ” ’t Huys Dever” is de leeuw bijna geheel blauw omrand. Dit is eigen­lijk niet juist; slechts tong en klauwen moeten blauw zijn.) De Dever-leeuw is een bijzonder interes­sant wapenstuk. Hij blijkt namelijk de halve leeuw van Holland te zijn, zoals de graven uit het Hollandse Huis die voerden en en zoals die thans nog het wapen is der provincie Zuid-Holland.

 

Wel is dat leeu­wenwapen “gebroken”, d.w.z. er is een wijziging aangebracht — het is een halve leeuw —, maar het moet aldus toch wel waar zijn, dat het geslacht D’Ever op eni­gerlei wijze voortspruit uit dat der Holland­se graven. Zij zouden een usurpatie van hun wapen nimmer hebben geduld. Zoals gezegd, stond de wapenkunde om­trent 1815 op een dieptepunt. Nu werden de Lissese charters altijd door een wassen zegel — meestal groen, soms rood — met het wapen van Dever bekrachtigd. Maar wat wist men in 1816 van de kleuren van Dever? In zo’n geval maakte men het zich altijd maar heel gemakkelijk; men nam ge­woon de “verven” van het wapen van het pas gestichte Koninkrijk der Nederlanden: goud (geel) en azuur of lazuur (blauw). Dat is bij Lisse dus ook gebeurd. Maar dan volgt weer de vraag, hoe kwam het nieuwe koninkrijk aan dat wapen? De Republiek der Zeven Verenigde Neder­landen had tot 1795 de rode leeuw van Holland tot wapen gehad, met in zijn klau­wen de pijlen der toenmalige zeven gewes­ten. De provincies van het koninkrijk zou­den die Hollandse leeuw echter niet meer aanvaarden. Men was de suprematie van Holland beu. Bovendien waren Brabant en Gelderland hertogdommen geweest en dat is meer dan een graafschap! Koning Willem l, die als een goed monarch boven en binnen de provincies de bindende kracht wilde zijn, plaatste in het wapen­schild van het koninkrijk de leeuw van Nassau: goud op een blauw veld, be­zaaid met staande blokjes van goud. De leeuw werd gekroond en hij kreeg het zwaard en de zeven pijlen, de oude attri­buten van de Staten, in de klauwen. Aldus ontleent het blazoen van Lisse zijn kleu­ren aan het familiewapen van Nassau. Op 24 juli 1816 verkreeg de gemeente uitein­delijk het volgende wapen: “Van goud, beladen met een halve klimmende leeuw van lazuur”.

Het wapen van Liosse

Op de bijgaande wapentekening van het besluit week de Lissese leeuw toch enigs­zins af van die van Dever: de Lissese leeuw is iets lager op het schild geplaatst en de staart is met het lichaam verbonden. Bij Dever zit de staart los, is afgesneden. Is het wapen van Lisse dus fout? Geenszins. Zó, volgens beschrijving en bijgaande te­kening, heeft Lisse haar wapen gekregen. Dit is dus van Lisse het juiste wapen. Wel moet men stellen, dat er tussen de blazoe­nen van Dever en Lisse niet alleen in de kleuren, maar ook in de tekening duide­lijke verschillen zijn. Soms is het schild wat spitser of van onder rond, soms zijn de wapenstukken en ook het gehele schild geschaduwd, soms ziet men de leeuw breder, slanker, met meer of net minder manen, enz., enz. Dat zijn toelaatbare varianten, die goeddeels van de stijl van de tijd of de smaak van de teke­naar afhankelijk zijn. Een gotische leeuw is anders dan een barokke; een Van Laar-leeuw bij voorbeeld weer anders dan die van Bontekoe, maar een leeuw die van on­der hol lijkt, is toch wel wat vreemd.

 

Diverse varianten van het wapen van Lisse

Vroeger sierden wapens de portieren van de koetsen der burgemeesters en andere hoge gezagsdragers. Mijn overgrootvader van moederszijde is van beroep rijtuig­en wapenschilder geweest en ook mijn grootvader heeft daartoe de opleiding ge­noten. Dat is allemaal lang geleden. Op de koninklijke koetsen staan nog fraaie wa­pens en op het portier van de auto van Ba­ronesse Heereman van Zuydtwijck, weduwe van de laatste Heer van Dever en Lisse, prijkt het wapen Heereman, Maar geen wapens  op de auto van de burgemeester of de wethouders en geen wapen op de fiets van  de  vroegere   locoburgemeester  Mesman. Thans vindt men het wapen der Ge­meente   Lisse  —  o  tempora  o  mores!  — slechts nog op de vuilniswagens …… In Hillegom is het haast nog erger. Daar staat het wapen met de leliën op een grove, ruige mat als voetveeg bij het betreden van de raadzaal. Afgrijselijk!

Sinds 1 augustus 1958 voert Lisse ook een vlag. Je neemt de kleuren van het wapen, legt ze naast elkaar en de vlag is klaar. Zo kan ik ook een vlag ontwerpen; zo kan ik ook geld verdienen! Nu zijn de kleuren van Lisse toevallig wel fris, maar de Hillegomse lap heeft op dezelfde manier de ba­nen geel, groen en rood gekregen. Een wel bijzonder smakeloze combinatie. De smoes bij deze simpele vlaggenontwerperij is, dat iedere huismoeder zo’n vlag zelf moet kun­nen maken. Heeft u al eens een huismoeder gezien, die een vlag zat te naaien van Hillegom of Lisse?