Berichten

Frits Treffers Penning 2024: Voormalig Gemaal Rooversbroek”

Op 17 september heeft de Cultuur Historische-Vereniging Oud Lisse de jaarlijkse Frits Treffers-penning uitgereikt. De keuze is gevallen op het markante voormalige pompgebouw aan de Ringdijk 8 te Lisse.

Door Jos van Bourgondiën

Nieuwsblad 23 nummer 4 2024

Op 17 september heeft de Cultuur Historische Vereniging Oud Lisse de jaarlijkse Frits Treffers-penning uitgereikt. De keuze is gevallen op het markante voormalige
pompgebouw aan de Ringdijk 8 te Lisse.

Een korte historie:
Het is zo bijzonder, dat de keuze voor deze penning is gevallen op dit markante gebouw aan de Ringvaart. Bij een eerdere inventarisatie van monumentale panden was het stoomgemaal over het hoofd gezien. Het Hoogheemraadschap van Rijnland bouwde het een dikke eeuw (1898) geleden om de Rooversbroekpolder droog te houden. Het gemaal was een relatief groot gebouw, omdat het een stoommachine moest herbergen. Het werd gefundeerd op houten palen. De stoommachine was zo bewerkelijk dat de machinisten, eerst Lissenaar Cozijn en daarna vader en zoon Koelewijn, het warme eten vaak naast de machine opaten. De vervanging door een dieselmotor van Crossley Bros Manchester in 1924 was een hele verbetering, ook al moest de motor om het uur worden gesmeerd. Voor de familie Koelewijn was het bedienen van het gemaal overigens een bijverdienste, want vader en zoon waren in eerste instantie bollenkwekers. In 1974 nam de Lisserpoelpolder de bemaling van de Rooversbroekpolder over. De bemaling van zowel de Rooversbroekpolder als de Poelpolder geschiedt nu door een elektrisch gemaal. Het gemaalgebouw aan de Ringvaart werd verkocht aan de familie Roozen en door de inzet van Mary Roozen en haar zoon Ruud is dit bijzondere pompgebouw gerenoveerd en verbouwd tot een woning, Mary Roozen woonde er vanaf 30-06-2007. Het oude houten woonhuis ernaast werd afgebroken. Daarbij werd Frits Treffers van de Vereniging Oud Lisse benaderd om hen daarbij te helpen. In 2021 is het voormalig pompgebouw verkocht aan Guido op ’t Hof en Pim van Deun. Zij hebben er op hun beurt alweer vele uren werk en zorg aan besteed om dit pand te behouden voor de toekomst. De Vereniging Oud Lisse wil hun inzet belonen met een waarderingspenning “de Frits Treffers-Penning” met de bijbehorende oorkonde. De penning – een ontwerp van Frans en Truus van der Veld – hoort bij het huis. De kenmerken van het gebouw zijn met name het metselwerk dat toch wel opvalt voor zo’n eenvoudig pompgebouw. Het metselwerk om het roosvensters, het overstek van de dakranden en de horizontale lagen zijn uitgevoerd in donkere en lichte stenen.

Bronnen:

“Van bouwval tot woning”, Patrick Roozen
Tips om te lezen: Op de website van de Vereniging Oud Lisse.
Nieuwsblad Jaargang 6 nummer 2, april 2007 Sjaak Smakman
Nieuwsblad Jaargang 12 nummer 3, juli 2013 Liesbeth Brouwer

 

Excursie Gemeenlandshuis van Rijnland

Nieuwsflits

Nieuwsblad 24 nummer 3 2025

Een zeer bijzondere rondleiding door het Gemeenlandshuis van Rijnland aan de Breestraat in Leiden mochten we meemaken. Het was zeer de moeite waard om de geschiedenis van het ontstaan van het Hoogheemraadschap aan te horen en deels ook te aanschouwen. Het huis zelf is ook zeer de moeite waard om in rondgeleid te worden. In de grote vergaderzaal hangt een enorm schilderij gemaakt in 1655 door Caesar van Everdingen en Pieter Post. We zien de overhandiging van het privilege van 1255 door graaf Willem II aan de heemraden van Rijnland. Een deel van het schilderij is een reliëf op de zijkant van de troon. Hierin wordt het eeuwige gevecht tegen het water gesymboliseerd. Tussen het geweld zien we ook een woeste “Waterwolf”. Hier wordt de taak van de heemraden weergegeven, zorgen dat Rijnland tegen het water wordt beveiligd met sluizen en dijken. De naam van de Waterwolftunnel in de N201 doet ons nog altijd herinneren aan het gevaar wat water teweeg kan brengen.

Sloten van de Poelpolder

 Sporen van vroeger (LisserNieuws)                                                             

27 mei 2025

 door Nico Groen

In het boek ‘De Lisserpoelpolder 1624-2024’ worden de nog bestaande sloten en kavels in de Poelpolder beschreven. Tussen de 2e en 3e Poellaan zijn de kavelsloten zo goed als allemaal nog aanwezig  en wateren allemaal af op de molentocht. Het boek is nog verkrijgbaar.

 De oorspronkelijke molentocht werd destijds over de gehele lengte van de Poelpolder gegraven vanaf het zuidelijkste puntje van de Cleijpolder in Sassenheim tot de Meeuwenlaan. In het boek staat dat de molentocht nog te volgen is vanaf het zuiden tot aan de Zwaluwstraat. Maar helaas! Door de recente grondwerkzaamheden aan de toekomstige woonwijk Geestwater is de tochtsloot helemaal gedempt vanaf de 2e Poellaan tot ’t Lange Rack.  Ook de kavelsloten, die 400 jaar geleden zijn gegraven zijn daar allemaal gedempt. Het is een gemiste kans om deze cultuurhistorische sloten te behouden. De gemeente heeft anders besloten, ondanks dat de VOL erop heeft aangedrongen de oorspronkelijke sloten in stand te houden en de plannen daarop aan te passen. De kavelsloten in de eerdere woonwijken, die in de jaren zestig en zeventig zijn bebouwd, zijn ook verdwenen, maar toen was er nog niet zoveel historisch besef als tegenwoordig. Tussen de 2e en 3e Poellaan zijn de kavelsloten zo goed als allemaal nog aanwezig  en wateren allemaal af op de molentocht. Er zijn geen kavelsloten ten zuiden van de 3e Poellaan in de Cleijpolder. Op de kaart van Dou uit 1624 staan ook geen kavelsloten ingetekend. Waarschijnlijk zijn hier dus nooit kavelsloten geweest, hoewel dat in het boek anders vermeld staat.

Een nieuwe kleine molen in 1630

Al in de beginjaren van de Poelpolder werd ingegrepen in het waterbeheer van de polder. Het maaiveld van het zuidelijk gedeelte van de Poelpolder lag lager dan dat in het noordelijk gedeelte. Het polderbestuur besloot daarom in 1630, 6 jaar na de realisatie van de Poelpolder, een derde molen te bouwen. Het werd een kleine achtkantige molen voor onderbemaling van de zuidelijke kavels. Waar deze achtkantige molen ooit gestaan moet hebben, is nog enigszins duister, maar de bronnen spreken van het land van Coyman, dat te laag lag oftewel de voormalige kavels IX en X. De meest voor de hand liggende plek is dan tussen de voormalige kavels VIII en IX aan de molentocht. (Zie de kaart hiernaast). Deze plek is nog te bereiken vanaf de Heereweg, langs het pad van boerderij Heemskerk ofwel de Willemshoeve naar de tochtsloot bij het bedrijf van Lubbe. Hoe lang deze kleine achtkanter in gebruik is geweest is niet duidelijk.

De capaciteit van de molentweegang aan het einde van de 2e Poellaan was te klein, bovendien waren deze molens erg onderhoudsgevoelig. Na een stormvloed is de Grote Poelmolen in 1676 gebouwd en werd het overtollige water bij het voormalige Hellegat geloosd. Voor wateraanvoer daarnaartoe werd een kavelsloot verbreed en uitgediept met een aansluiting op de molentocht. Daarna is de kleine molen overbodig geworden omdat deze verbrede kavelsloot richting het Hellegat zuidelijker lag dan de kleine molen.

Foto: Gedeelte van de kaart met de kavelnummers van Jan Pietersz. Dou uit 1624

 

 

Sporen in de Poelpolder: de Ringsloot

Sporen van vroeger (LisserNieuws)

13 mei 2025

 dor Nico Groen

In het boek ‘Lisserpoelpolder 1624-2024’ worden in het laatste hoofdstuk sporen uit het verleden, die nog te zien zijn, benoemd. Een van deze elementen van 400 jaar geleden is de Ringsloot met de Ringdijk. De Ringsloot met de dijk zijn voor een groot gedeelte nog te volgen. Het boek is nog verkrijgbaar.

 Als vanaf de brug in de Ruishornlaan (De Elkabrug, vernoemd naar de kistenfabriek aan de overkant) de dijk naar het zuiden wordt gelopen, zijn de oorspronkelijke Ringdijk en Ringsloot nog lang te volgen. Dijk en sloot zijn 400 jaar geleden aangelegd. Men passeert de 1e Poellaan, de 2e Poellaan en de 3e Poellaan. Deze westelijke rand van de Poelpolder is nog geheel intact. Dit geldt ook voor de zuidelijke dijk bij de Cleijpolder. Via het overbekende ‘Ommetje Poelpolder’ en ‘Het wandelnetwerk.nl’ kunt u overigens een groot deel van het traject te voet op uw gemak eens nalopen.

Het noordelijk stuk van de Hellegatspolder is grondgebied van Lisse. Tijdens de aanleg van de Poelpolder is de Hellegatspolder met een dam verbonden met de Rooversbroekpolder. Dat is tegenwoordig het fietspad van de 3e Poellaan naar de Grote Poelmolen. Het fietspad heet tegenwoordig Rooversbroekdijk. Dat klopt eigenlijk niet, want de oorspronkelijke Rooversbroekdijk hield bij de Grote Poelmolen op. In het boek wordt daarom de naam Hellegatsdam aangehouden. In het boek staat ook dat dit een aanbeveling aan de gemeente Lisse is om eens over de naam na te denken.

Vanaf de Grote Poelmolen naar het noorden is alles veranderd. De Ringsloot is in 1963 in zijn geheel gedempt met de Ringdijk. Een weg is aangelegd op de vroegere Rooversbroekdijk, die afgevlakt is. Deze weg heet daarom tegenwoordig Rooversbroekdijk. Daarmee werden de beide polders in 1963 samengevoegd.

Bij de Lisserpoelmolen is nog een restant van de toenmalige Ringsloot aanwezig, dat tegenwoordig als haventje wordt gebruikt. De oude route van de Ringsloot is vanaf hier nog te herkennen door de Rooversbroekdijk te volgen tot de Mesdagstraat. Helaas is bij de nieuwbouw in de jaren zestig de rest verloren gegaan. De Ringsloot liep vanaf de Mesdagstraat ongeveer naar de hoek van de Frans Halsstraat met de Gerard Doustraat en vervolgens naar het begin van de Verdistraat. Vandaar liep de sloot net achter de huizen van de Verdistaat in het Mondriaanpark naar het oosten naar Jachthavendam. Net ten zuiden van de jachthaven ligt nog een haventje. Dat wordt het haventje van Oldenhage genoemd. Dit haventje is nog een laatste gedeelte van de Ringsloot.

Vanaf de Jachthaven tot de Elkabrug is de oorspronkelijke Ringsloot, vroeger Havenkanaal geheten, weer goed te zien. Dit gedeelte van de Ringsloot wordt tegenwoordig De Greveling genoemd. Maar de toenmalige Greveling lag veel meer naar het oosten: vanaf de jachthaven naar het Turfspoor in de Lisserbroek als afscheiding tussen de Lisserbroekerpolder en de Rooversbroekpolder. Het was een recht, waarschijnlijk gegraven kanaal.

Foto: Restant van de oostelijke Ringsloot naast de molen, nu een haventje.
Foto: M. Hoogeveen 2023

 

 

 

 

HET HOTPOELTJE EN DE HEUL; De rommeling. (135)

Door Alfons Hulkenberg

Overgenomen uit “Lisse: De Rommeling” uit 1981. Repro-Holland B.V. Alphen aan de Rijn

Nog eens Lisse in 1624. Tussen de Gracht en de Kanaalstraat lag De Hot poell” ofwel het Hotpoeltje, (Hoppoel, redactie)een aardig meertje, zoals reeds gezegd, ongeveer ter hoogte van de kerk aan de Tulpstraat. Het is ge­bruikt als vuilnisbelt en in de loop der jaren met allerlei rommel aangeplempt. Als het er toch nog eens was! Met de mo­len, wat oude boerderijtjes, het Gracht­huisje natuurlijk; een kleine oase in ons dorp Lisse. Zoiets als het Park in Sassenheim, maar veel interessanter natuurlijk. Maar het is er niet meer……

Van de Hotpoel stroomt “de Beeck” naar het Haarlemmer Meer. Over die beek was in de Broekweg (Kanaalstraat) een brug. Later maakte men daar een soort van dui­ker, een heul. Wijlen de Heer G. van der Meij Jr. schrijft, dat daar een steen was in­gemetseld met de volgende “spreuk”:

Johan van Blommenstein van Oldenzeel genaemt

Lei voor dees heul den eersten steen,

Men rij er veilig overheen,

Lang blijv dit noodig werk met dezen naem befaemt.

Den…… Mei 1764.

En dan vervolgt hij: “Den datum kan men niet te best meer lezen, omdat er een stuk van den steen af is. Persoonlijk door mij gecopieerd van het geheel als schooljongen. G. van der Mey Jr”.

 

Lisse 825 jaar de aanleg van de Ringvaart

Sporen van vroeger  (LisserNieuws)                                                         5 december 2023

door Nico Groen

 Bij de aanleg van de Ringvaart werd Lisse in tweeën gedeeld. De oostkant van Lisse werd bij de Haarlemmermeer ingedeeld. Lisse verloor maar liefst 20% van zijn oppervlakte. Omdat dit een van de belangrijkste veranderingen is in het landschap van Lisse  hoort de Ringvaart thuis in deze serie over 825 jaar Lisse.

Omstreeks 1700 had het Haarlemmermeer zich uitgebreid tot een oppervlakte van 16.000 ha. Een eeuw later hadden de veenplassen een omvang van 18.000 ha, voor een groot deel door de dorpelingen ontstaan door het steken van turf aan de randen. Het water bedreigde niet alleen het omringende platteland, maar ook de grote steden Amsterdam, Leiden en Haarlem. In 1825 en 1834 raasden zware stormen over het Haarlemmermeer. Op eerste kerstdag 1836 werd  Leiden ernstig bedreigd, omdat bij een harde noordwesterstorm het water tot de stadsmuren kwam. De kerststorm ging gepaard met strenge vorst. Niet alleen het water, maar ook kruiend ijs vormden een gevaar. De polders en de dorpen langs het Haarlemmermeer werden zo dubbel bedreigd door de ’Waterwolf’. In Lisse braken de dijken van de Lisserbroekpolder en de Rooversbroekpolder door en beide polders kwamen onder water te staan. Het water stroomde zelfs over de Heereweg, zodat de diligencediensten tussen Leiden en Haarlem enige dagen gestaakt moesten worden.  Ook in Sassenheim en Warmond waren alle polders ondergelopen. Deze 3 en andere stormen uit die tijd waren de druppel. Er moest wat gebeuren.

De droogmaking

Er werd een commissie ingesteld, die ging onderzoeken welke mogelijkheden er waren om het Haarlemmermeer droog te maken. Na heel veel vijven en zessen werd er in 1838 een droogmakingsplan op tafel gelegd. Twee jaar later is bij Lisse en Hillegom als eerste begonnen met het graven van de ringvaart en het opwerpen van de ringdijk. De gemeente Lisse was niet blij met het gekozen traject, dat vlak langs de Lisserpoelpolder liep.  De ringvaart werd dwars door de Lisserbroekpolder, de Rooversbroekpolder en het Lissese gedeelte van de Hellegatspolder getrokken, om een zo recht mogelijke ringvaart te realiseren. Lisse verloor hierdoor erg veel grond omdat de gedeeltes binnen de ringvaart later bij de gemeente Haarlemmermeer en de provincie Noord-Holland werden ingedeeld. Lisse heeft daartegen flink geprotesteerd, maar zonder resultaat.

In 1845 waren de dijk en de ringvaart gereed en werd het eerste stoomgemaal aan de Kaag, de Leeghwater, gebouwd door Cornelis de Laat uit Gorkum in werking gesteld. In 1852 viel het Haarlemmermeer droog en kon het land in cultuur worden gebracht.

Verbindingen Lisse-Haarlemmermeer

De zuidzijde van de Haarlemmermeer werd via de 3e Poellaan ontsloten door een veerpont in te zetten. Het dorp Lisse werd ontsloten door een brug. De rolbrug was de eerste brug. In 1843 is ze gebouwd. De brug werd opengerold in de richting van de Broekweg, later pas Kanaalstraat geheten. In 1877 werd deze brug vervangen door de stalen draaibrug. Die brug noemde men ook wel “de brug der zuchten”. Toen het verkeer drukker werd stonden er regelmatig boze chauffeurs tegenover elkaar, omdat de brug te smal was voor 2 auto’s naast elkaar.

Foto: De meeste gegevens komen uit het boek ‘LISSE, op de grens van droog en nat’ van Jan Beenakker.

 

Bij de voorplaat: een turfschip

Een foto van een zeilschip met turf voor de stomp van de molen van Beelen om de stoomturbine te kunnen laten draaien.

Redactie

Nieuwsblad 22 nummer 2 2023

Breda had een turfschip maar zo u ziet in Lisse hadden we ook beurtschippers die turf vervoerden. Goed afgedekt want turfblokken moeten wel droog blijven anders gaat het moeilijk branden. De afgeknotte molen kon de maalderij van Beelen niet meer aandrijven, daarvoor in de plaats was een stoomturbine gekomen. Dat was een veelvraat van turfblokken en ander goed brandbaar materiaal als hout en kolen, om de manometer op de juiste stand te houden. Onze trouwe schrijver van de rubriek OUD NIEUWS Dirk Floorijp haalt in dit nummer ook de beurtvaart even aan. Hierbij wordt een bepaald type beurtschip genoemd en wel de Damschuit. Dit soort binnenvaartschepen, ook wel maatschepen genoemd, zijn heel lang in gebruik geweest. Iedere werf maakte dit soort schuiten voor een bepaald vaargebied. Zo had je o.a. de Roosendaalse, de Friese, de Zevenbergse en de Westlandse maatschepen.

 Lisse 825 jaar en de verzanding van de Oude Rijn

Sporen van vroeger                                                            

20 juni 2023

door Nico Groen

 Lisse bestaat dit jaar op papier 825 jaar. Dit wordt groots gevierd in Lisse. De agenda vindt u op de website van de gemeente Lisse. De waterafvoer van Lisse ging vanouds naar het zuiden naar de Oude Rijn. Na het verzanden van de Oude Rijn in de 12e eeuw kwam de akkerbouw in de strandvlakten van de Bollenstreek in de problemen. Het water moest op een andere manier worden afgevoerd.

In 1122 werd de Oude Rijn op initiatief van bisschop Godebald van Utrecht afgedamd bij Wijk bij Duurstede. Het water loopt sinds die tijd hoofdzakelijk via de Lek naar Rotterdam en niet meer naar Katwijk. Het gevolg was dat de eens zo bruisende rivier niet meer werd dan een kalme stroom water, aangevuld met regenwater dat in het Groene Hart en de Bollenstreek viel. Omdat er te weinig stroming was, slipte de monding van de Oude Rijn langzamerhand dicht. Mede doordat er toen veel zand werd aangevoerd vanuit zee, waardoor toen de huidige, hoge duinen ontstonden.

In 1255 richtte graaf Willem II van Holland het eerste officiële waterschap op: het Hoogheemraadschap van Rijnland (HHR). Maar vóór die tijd bestond er al een vorm van samenwerking. De problemen met te hoog water in het Groene Hart en op de strandvlakten van de Bollenstreek werden te groot om individueel op de lossen. Het HHR zorgde er voor dat het overtollige water via het Spaarne naar het IJ kon worden afgevoerd.

Het water kon geen kant op

Het water van de strandvlakten in Lisse kon geen kant meer op. Alleen het water op de oostkant van de strandwal waarop Lisse lag, kon via een aantal riviertjes afwateren naar het oosten. Daarom werden in de loop der tijd diverse oost-west sloten gerealiseerd om het water van de strandvlakten, zoals de Lage Venen naar het oosten te transporteren.

Als eerste oost-west verbinding werd de Dinsdagse Wetering in 1327 gegraven vanaf de grens met Noordwijk, via het gebied waar nu de Sikkensfabriek in Sassenheim is, naar de poelen. Later werd deze wetering een deel van de Trekvaart.

Graaf Albert van Beieren, de toenmalige graaf van Holland, gaf in 1403 toestemming voor het doorgraven van de duinen tussen Hillegom en Lisse richting het oude Haarlemmermeer. Dit was ‘Den Delft’. Deze liep mogelijk in de buurt van de huidige Delfweg, Stationsweg en Kanaalstraat om via de Lisserbroek af te wateren in de Lisserpoel. Hoe ‘Den Delft’ in werkelijkheid heeft gelopen is niet bekend. ‘Delf’ betekende vroeger ‘gegraven sloot’.

In 1477 is de huidige Beek bij de H.H. Engelbewaarderskerk gegraven om het water van de huidige Beekpolder af te kunnen voeren.

Kort na 1588 werd het Mallegat bij de Engel gegraven als centrale afwatering van de Lage Venen. Mogelijk omdat ‘Den Delft’ ter hoogte van het Keukenduin was dicht gestoven.

Foto: Vanaf het Keukenduin is een watertje te zien langs de huidige Stationsweg en Kanaalstraat richting Lisserbroek: de vroegere Delft?
Detailkaart uit 1615 van Floris Balthasars

 

Slotenpatroon in Geestwater moet blijven

Sporen van vroeger                                                   

15 februari 2022

 door Nico Groen

De plannen voor bebouwing van de wijk Geestwater lijken nu toch vastere vormen aan te nemen. Bij de bedijking van de Poelpolder in 1624 is een patroon van verkavelingsloten gemaakt, dat buiten de inmiddels gerealiseerde woonwijken nog grotendeels intact is. Deze sloten  moet volgens de VOL bij de nieuwbouw in de wijk Geestwater worden behouden en eventueel hersteld.

Geestwater of Geest Water is al een oude naam, die vóór de inpoldering  van de Lisserpoel in 1624 al lang bestond als onderdeel van de al of niet met elkaar verbonden meren: De Noordpoel, De Zuidpoel, het Geestwater  en dD Cleypoel. Het Geestwater liep vóór de bedijking ongeveer vanaf Boerderij Langeveld tot nabij de HH Engelbewaarderskerk. Dus tot ver voorbij de 2e Poellaan. De Zuidpoel bevond zich ongeveer waar nu de wijk Vrouwenpolder is. De Noordpoel lag ten noorden hiervan en De Cleypoel bij de 3e Poellaan.

De Cultuur-Historische Vereniging “Oud Lisse” is een onderzoek gestart naar de geschiedenis van de Poelpolder. Dit jaar is het 400 jaar geleden dat het besluit werd genomen om dit gebied droog te maken. In 1624 was de Poel droog. De Lisserpoelpolder is een van de oudste droogmakerijen van Zuid Holland. Er zijn nog tal van sporen in het landschap van de Poelpolder die stammen uit de tijd van de drooglegging en al 400 jaar oud zijn. Denk aan het open weidelandschap en de ligging van dijken en sloten. Het is belangrijk die sporen onder de aandacht te brengen bij bewoners en bestuurders, opdat deze sporen behouden zullen blijven. Een goed voorbeeld is het sloten- en verkavelingspatroon bij de nieuwe wijk Geestwater.

Verkavelingspatroon

Bij de drooglegging in 1624 is een strak slotenpatroon gerealiseerd. Van noord naar zuid maakte men een tochtsloot, Molentocht of Wetering genaamd, om het water naar de molens gemakkelijk af te voeren. Dwars daarop legde men sloten aan, die het water naar de Molentocht voerde. De Molentochtsloot begint nu net aan de zuidkant van ‘t Lange Rack en loopt helemaal door tot ver voorbij de 3e Poellaan. Ter hoogte van de Grote Lisserpoelmolen is een aftakking naar de molen.

Halverwege de 60er jaren van de vorige eeuw is men in het noordelijke deel van de Poelpolder begonnen met een grootschalig nieuwbouwproject. In dit gedeelte is de oorspronkelijke verkaveling geheel verloren gegaan, maar zijn in het open gebied  grotendeels behouden.

Waar de wijk Geestwater moet komen zijn de dwarssloten ook nog grotendeels intact. In de plannen staat dat het lekker wild mag zijn. “Want dat is goed voor de biodiversiteit en trekt dieren en planten aan waar we misschien nooit op hadden durven hopen’. Hopelijk gaat dit zodanig gerealiseerd worden dat de Molentocht en de dwarssloten in de wijk behouden en eventueel hersteld worden. Het is van groot cultuurhistorisch belang. Dit wordt ook zo verwoord in de Cultuurhistorische Waardenkaart van de gemeente Lisse. Dat geldt ook voor het bosje bij Boerderij Langeveld.

Het Slotenpatroon in 1830 in zwart en helderblauw, geprojecteerd op een actuele kaart
Kaart: LisseTijdReis van de VOL

 

20220215 Geestwater 1611

 

Kaart van de bedijkte Poelpolder
Poelpolder door J. Dou in 1624

H

Onthulling Veenenburgbrug

Wethouder Kees van der Zwet en onze voorzitter Eric Prince hebben op
25 november de Veenenburgbrug met historisch informatiebord onthuld.

Jaargang 20 nummer 4, 2021

Nieuwsflits

Op dit bord is te lezen hoe de brug is ontstaan. De oorspronkelijke Veenenburgbrug werd gebouwd in 1928 en speelde een belangrijke rol in de geschiedenis van ons bollenerfgoed. Arnoud Hendrik baron van Hardenbroek
van Ammerstol bouwde in 1904 kalkzandsteenfabriek ‘Arnoud’. De baron liet in 1928 de Veenenburgbrug bouwen voor het vervoer van zand naar zijn fabriek. Deze brug, gelegen op de grens van Lisse en Hillegom, was niet meer in goede conditie en aan vervanging toe. Toen Oud Lisse hoorde van de plannen om deze oude historische brug te vervangen, heeft ze voorgesteld de brug liever niet te vervangen maar te restaureren. Ook in ‘Sporen van Vroeger’ van het weekblad ‘Lissernieuws’ vroeg Oud Lisse hier aandacht voor. Daarin werd weergegeven dat de jaagpaden onder deze kalkzandstenen brug uniek zijn. Met name bijzonder, omdat daaruit het verband blijkt tussen de zandafgravingen, de kalkzandsteenfabriek ‘Arnoud’ en het omliggende landschap. Helaas bleek restauratie niet mogelijk en moest de brug vervangen worden om gevaarlijke situaties te voorkomen. In de onderbouw van de brug zaten n.l. veel scheuren. De vervangingswerkzaamheden hebben van half mei tot eind augustus geduurd. Tijdens deze werkzaamheden werd al het verkeer op de Loosterweg Noord tussen de Zwartelaan en de Frederikslaan afgesloten. Eind juli werd de nieuwe brug in gebruik genomen en eind oktober werden de laatste werkzaamheden uitgevoerd. Oud Lisse hoopte op een nieuwe brug in de oorspronkelijke stijl, maar dat is niet gebeurd. Wel zijn de vier kenmerkende beschermingspalen die aan de uiteinden van de brugleuning stonden, opnieuw gemaakt en neergezet. Het naambord met de originele naam uit 1928 is opnieuw aangebracht.

Onthulling Veenenburgbrug